Terug naar de essentie

Sarah Bettens is het gezicht en de stem van K’s Choice. Ze is razend populair bij het jonge publiek, maar succes is niet haar absolute levensdoel. Soms denkt ze zelfs dat ze té gelukkig is. ‘I smoke a lot’, zong ze in de gootste hit van de groep, toch zal ze niet gauw de uitspraak ‘je leeft maar één keer’ in de mond nemen. ‘Ten eerste omdat ik niet denk dat we maar één keer leven, maar vooral omdat ik niet akkoord kan gaan met dat soort leef-maar-raak houding.’ Sarah Bettens is steeds op zoek naar de essentie van het leven. Stap voor stap, boek na boek, komt ze dichter bij de kern van alles.
In het kantoor van de platenmaatschappij van K’s Choice zijn de muren behangen met posters van de groep. Zes jaar geleden begon Sarah een carrière als zangeres. Ze ging al vlug haar eigen weg en hielp haar broer, Gert Bettens, de muziekwereld in. Nog geen vijf jaar later speelden ze allebei voor een enthousiast Amerikaans publiek in het voorprogramma van Alanis Morissette. Sarah’s droom ging pas echt in vervulling toen ze samen met de Indigo Girls -haar opperste idolen- en Sheryl Crow aan één microfoon een strofe mocht zingen uit ‘Closer to fine’. Als Sarah voor het interview het salon binnenkomt, heeft ze niet de allures van een grote rock-ster. De zangeres uit Kapellen woont nu wel in California, toch ze blijft onder alle omstandigheden gewoon zichzelf. Haar boekenkast liet ze achter in ‘the Golden State’, haar lievelingsboeken bracht ze voor ons wel mee. Boven op de stapel ligt Kurt Vonnegut.

‘Kurt Vonnegut is één van mijn lievelingsauteurs en dat heeft alles te maken met zijn humor. Niet dat zijn thema’s zo grappig zijn, want hij schrijft vaak over oorlog en andere wantoestanden. Het heeft meer te maken met de manier waarop hij naar het leven kijkt. Slachthuis Vijf -een min of meer autobiografisch boek- gaat over de geallieerde bombardementen op Dresden tijdens de Tweede Wereldoorlog. Kurt Vonnegut, die een gevangene was van de Nazi’s, overleefde die bombardementen. Ondanks zijn traumatische ervaring vond hij een manier om leven en dood vanuit een ander perspectief te benaderen. Vooral zijn levenswijsheid en zijn bekwaamheid om dingen te relativeren, doen mij steeds naar zijn boeken teruggrijpen. Hij schertst ook graag over de kleine kantjes van de Amerikaanse maatschappij waartoe hij zelf behoort. Het gaat om dingen die voor mij heel herkenbaar zijn en waarmee ik erg kan lachen.’

Boeken over oorlog en vernieling schrikken u niet af ?

‘Oorlog heeft mij altijd al gefascineerd. De manier waarop mensen gedwongen worden om in extreme situaties te leven, boeit mij. Momenteel ben ik ‘De Goelag-archipel’ van Solzjenytsin aan het lezen. Dat is zeker het zwaarste boek waaraan ik me ooit heb gewaagd. Tot hier toe heb ik alleen nog maar gelezen hoe Russische burgers opgepakt en gefolterd worden om dingen te bekennen die ze nooit hebben gedaan. Het is verschrikkelijk dramatisch. Daarbij komt nog dat het geen roman is. Het aantal Russische namen en dingen waarvan ik nog nooit heb gehoord, is niet te tellen. Toch wil ik het boek echt uitlezen want het fenomeen van de Goelag-archipel interesseert me. Ik begrijp niet hoe een mens iemand kan folteren en afmaken zonder zich daarbij slecht te voelen. De gruweldaden die mensen begingen om Stalin en het vaderland te dienen, zijn gewoon niet te vatten. Het erge is dat er nu op vele andere plaatsen in de wereld zulke oorlogen aan de gang zijn.’

Denkt u vaak aan de dood ?

‘Ik was daarmee overdreven veel bezig toen ik een puber was. Net als onze Gert kocht ik boeken waarin dat thema besproken werd. Vóór ik in slaap viel, lag ik regelmatig te piekeren over de dood van familieleden en vrienden. Eigenlijk zit dat er nog altijd een beetje in. Met mijn eigen dood ben ik nauwelijks bezig. Daarvan heb ik niet zoveel schrik omdat ik geloof dat er nog iets meer is dan deze lichamelijke wereld. Reincarnatie en leven na de dood zijn zaken die terugkomen in alles dat ik lees over religie. Ik heb er ook al veel over nagedacht. Ik ben nog wel niet tot een sluitend antwoord gekomen op de vraag of er leven na de dood is, maar ik geloof wel dat het leven zin heeft, dat er een universele waarheid bestaat en dat er voor alles een reden is -ook voor de dood. Ik ben dus niet bang van de dood, eerder van het gevoel dat het met mijn leven te goed gaat. Hoe meer ik besef dat ik gelukkig getrouwd ben, veel toffe vrienden heb en een succesvolle carrière opgebouwd heb, hoe vaker ik het gevoel krijg dat er iets ongelooflijk dramatisch gaat gebeuren.’

Houdt u sterk vast aan zekerheden ?

‘Het hangt ervan af wat je met zekerheden bedoelt. Af en toe moet ik eens losbreken uit het vaste stramien van tradities en gewoontes. Daarover gaat het liedje ‘Cocoon Crash’. Iedereen houdt zich aan bepaalde tradities, niet omdat die zo fantastisch zijn maar omdat ze er altijd zijn geweest. Mensen durven vaak niet voor zichzelf denken. Ik doe wat ik goed vind. Daarvoor heb ik altijd gestaan en tot op vandaag heb ik van mijn impulsieve beslissingen nog geen moment spijt gehad. Hier in België denkt men soms zo beperkt. Alles wat afwijkt van de gewone gang van zaken, is moeilijk en teveel. Mensen zijn het niet gewoon dat er een moskee in hun straat staat, dus willen ze er geen. Ik vind het altijd interessant om met ongewone dingen geconfronteerd te worden. Maar het is niet omdat ik tegen verrassingen kan, dat ik geen behoefte heb aan maatschappelijke zekerheden. Zoals iedereen wil ik mij veilig voelen op straat. Ik reken steevast op instanties zoals de politie en het gerecht, ook al besef ik dat hun hulpverlening alles behalve evident is. ‘Het proces’ van Franz Kafka is daarvan een hallucinante beschrijving. Het boek gaat over een jongeman die vanwege de bureaucratische mallemolen van het gerecht er nooit toe komt om zijn onschuld in een zaak te bewijzen. Heel beangstigend, vind ik dat. De ‘K’ in K’s Choice komt van Joseph K, het hoogdpersonage uit Kafka’s boek. De verwijzing is eigenlijk een beetje ironisch aangezien Joseph nauwelijks keuzes heeft. Doorheen heel het boek heb je zo’n vervelend gevoel omdat die jongen geen uitweg meer ziet. Dat doet je heel hard nadenken over de situatie waarin je zelf zit en over hoe vanzelfsprekend je alles vindt. Hier kan je zeggen en doen wat je wilt zonder de gevangenis in te gaan of zonder te moeten vluchten. Als je onschuldig bent, dan ben je onschuldig. In een Aziatisch land zoals China gelden heel andere normen en waardensystemen.’

Over Azië gesproken. U hebt ook een boek meegebracht van Herman Hesse. Wat spreekt u daarin aan ?

‘Ik ben heel erg geïnteresseerd in de oosterse religie en filosofie in het algemeen.

Alles wat ik tot hier toe van Herman Hesse gelezen heb, vind ik schitterend. Zijn ‘Siddharta’ gaat over de zoektocht van de boeddha. Hij leidde eerst een heel werelds bestaan dat draaide rond geld en vrouwen, leefde dan geruime tijd tussen de monniken en zonderde zich ook voor een bepaalde periode volledig af. Geen enkele levenswijze kon hem bevredigen tot hij uiteindelijk aankwam bij een rivier en daar zijn vrede vond. Dat is mijn absolute droom. Het moet fantastisch zijn om je los te kunnen maken van alle wereldse dingen. Ik weet van mijzelf dat ik teveel aan het materiële gehecht ben zoals iedereen die in deze maatschappij is opgegroeid. Het is heel moeilijk om dat te ontgroeien. Dit boek kan daartoe inspireren. Ik wil stap voor stap via de boeken die ik lees en de dingen die ik ervaar, een beetje mijn eigen weg vinden. Alles wat mij doet nadenken en mij in een heel andere wereld brengt, vind ik daarom boeiend. Sinds ik ‘Siddharta’ van Herman Hesse las, geloof ik voor honderd procent dat er zoiets bestaat als een universele waarheid of een innerlijke vrede binnen jezelf. Of ik die ooit zal vinden, betwijfel ik sterk. Maar mijn geloof in het bestaan ervan maakt mij wel heel optimistisch.’

Hoe belangrijk is voor u het streven naar innerlijke vrede ?

‘Dat is mijn ultieme levensdoel. Toch wil ik mijzelf niet forceren om iets te doen waarvoor ik niet klaar ben. Het heeft voor mij geen zin om nu naar China af te reizen en mij in een tempel terug te trekken. Zoiets lijkt mij wel fantastisch om te doen als het moment daarvoor gekomen is. In ‘The Chronicles of Tao’ beschrijft Deng Ming Dao het leven van een man die voortdurend op zoek is naar de essentie in zijn leven. Hij groeit op in een klooster, vertrekt naar Amerika om uiteindelijk terug te keren naar Azië waar hij opnieuw in zijn klooster belandt. Het verhaal op zich is ondergeschikt aan de filosofie en de levenswijsheid die de auteur aan het verhaal vastgehaakte. Je kunt het niet beschrijven, je moet het ‘ervaren’. Over dat boek heb ik heel lang gedaan. Er zit zo veel waarheid in elk hoofdstuk dat je de inhoud af en toe een paar dagen wil laten bezinken voor je verder leest. In het taoïsme gaat men er van uit dat geest en lichaam één zijn. Het is onvoorstelbaar wat die mensen door hun mentale instelling fysiek kunnen bereiken. Er bestaan verhalen over taoïsten die drie weken mediteren zonder te eten. Eén man zette zelf zijn hart stil via zijn geest. Dat zijn natuurlijk extreme dingen en niet bepaald de zaken die mij het meest in die religie aanspreken. Maar het principe dat geest en lichaam één zijn, vind ik een buitengewoon interessante gedachte. Ik ben er van overtuigd dat de westerse wetenschap nog geen tiende van de kennis heeft, die de taoïsten daarover hebben vergaard.’

Niet alleen oosterse religies boeien u. In ‘Too many faces’ zingt u: ‘As a Christian I should love you.’

‘Ik zou me eigenlijk geen christen mogen noemen want ik ga niet meer naar de kerk en ik heb de bijbel niet gelezen, al wordt dat de hoogste tijd. Dat wil niet zeggen dat ik me afzet tegen de godsdienst waarmee ik ben opgegroeid. Wel een beetje tegen de misbruiken ervan. Vooral op school heb ik heel sterk ervaren hoe hypocriet het katholicisme kan zijn. Ik vind het eigenlijk ongelooflijk dat ik heel mijn jeugd naar een katholieke school ben gegaan en dat ik daar niets over het geloof heb geleerd. Er was geen ruimte voor medelijden of eerlijkheid. Het ging allemaal over de uiterlijke schijn en de leraren deden er alles aan om hun reputatie bij de ouders hoog te houden. Daarom heb ik me tegen heel het schoolgebeuren fel afgezet. Ik was een echte rebel. Bovendien gaven de meeste leerkrachten je de indruk dat de wereld van de volwassenen verschrikkelijk saai en slecht moest zijn. Zeventig procent van die leerkrachten gaf les tegen zijn zin zodat ik lesgeven ging associëren met demotivatie.’

Toch hebt u nog voeling met het christendom of met de God van het christendom?

‘Zeker. Ik sta eigenlijk voor alle religies open omdat ik geloof dat er een kern is die in elke religie voorkomt. Er zijn heel veel mensen die door hun slechte ervaringen met katholieken totaal afknappen op het geloof in het algemeen. Sommigen haken af door alle schandalen die er door de eeuwen heen in de kerk zijn geweest of omwille van de kortzichtigheid van de paus. Voor mij zijn dat geen essentiële dingen. Het heeft geen zin om je geloof te laten afhangen van de mensen die dat geloof interpreteren. Met de islam-extremisten heb je hetzelfde probleem. Het gaat altijd over misbruik van iets dat in de kern eigenlijk heel mooi is. Ik hoop dat ik mijn geloof in de toekomst wat meer zal kunnen scherpstellen. Momenteel is dat echt nog iets breeds voor mij. Ik merk wel dat het in de meeste religies aan de basis vaak over hetzelfde gaat. Niemand heeft gelijk en niemand heeft ongelijk. Er ís gewoon Iets en dat vind ik een prettige gedachte.’

Maakt spiritualiteit u sterker ?

‘Zonder mijn geloof zou ik heel veel ups en downs hebben. Nu kan ik dat een klein beetje stabiliseren. Ik heb nog wel goede en slechte dagen maar over het algemeen ben ik gewoon heel gelukkig. Voor mij is het leven meer dan de ene dag blij zijn en de volgende dag triestig of de ene dag kwaad zijn en de volgende dag weer niet. Als ik niet het gevoel had dat ik iets aan het opbouwen was, zou ik zonder aarzelen uit het raam kunnen springen. Ik wil geleidelijk dichter bij de essentie komen. Die zit al in ieder mens van bij zijn geboorte en daar wil ik terug naartoe.’

Gelooft u dat mensen voorbestemd zijn ?

‘Ik denk niet dat de keuzes die mensen maken door een opperwezen worden ingegeven. Een mens wordt geboren met de mogelijkheid om tussen verschillende dingen te kiezen. Aan de andere kant geloof ik niet dat het leven een opeenvolging is van toevalligheden. Ik heb het gevoel dat in de grond alles wel een bedoeling heeft. Door dat geloof, kan ik de dingen beter relativeren. Ook mijzelf en dat is belangrijk, zeker in wat wij doen. Want het is heel gemakkelijk om je na een goed concert of een succesvolle toernee de hemel te laten inprijzen. Ik moet er de hele tijd over waken dat mijn zelfbeeld niet mee verandert met het succes dat we hebben. Daarom is het ook prettig dat onze Gert er de hele tijd bij is. Hij kent mij al heel zijn leven. Dus van zodra ik een beetje van de grond dreig te komen, zet hij mij opnieuw met mijn beide voeten op de grond. Dat is heel belangrijk.’
Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift