Toumani Diabaté: "Racisme is een kanker die soms uitbarst in waanzin"

De koning van de kora is in Europa. Toumani Diabaté begon zijn carrière in België en oogstte recent wereldwijd succes door zijn samenwerking met Ali Farka Touré. Op dit moment is hij op tournee met zijn twaalfkoppige Symmetric Orchestra. MO* sprak met het Malinese snarenwonder voor zijn concert in de Handelsbeurs te Gent. U kunt hem straks bewonderen in het Antwerpse Zuiderpershuis of op het Brusselse Couleur Café.

België is mijn vaderland op Europese bodem. Ik heb heel goede vrienden hier, veel mensen die ik als mijn familie beschouw. In Brussel werd er zelfs een kind naar mij genoemd. Het is hier dat ik in 1988 mijn eerste internationale concert gespeeld heb. Gent, Eeklo, Antwerpen: het zijn allemaal mijlpalen op de weg die ik met mijn muziek en met mijn leven afgelegd heb. Het eerste korafestival dat ik in Mali heb kunnen organiseren, werd mogelijk gemaakt met steun van de Belgische vzw Africalia. Het is dan ook een schok te moeten vernemen dat uitgerekend in Antwerpen een Afrikaanse landgenote is neergeschoten -omdat ze zwart was.
***
Europa is een plek waar de meest tragische tegenstellingen zich manifesteren. Aan de ene kant heb je -godzijdank- mensen met een open geest, mensen die van Malinese muziek kunnen genieten, bijvoorbeeld, omdat ze in staat zijn voorbij de oppervlakkige verschillen te kijken en de fundamentele menselijkheid in alle kunst te ontdekken, van waar die ook komt. Aan de andere kant is er de toenemende bekrompenheid, de angst voor de toekomst die zich vertaalt in racisme en vreemdelingenhaat. Dat is een Europa dat als een kanker onder de huid van het dagelijkse stedelijkheid woekert en soms uitbarst in waanzin, zoals bij de moorddadige schietpartij in Antwerpen.
Wat kan je als muzikant doen tegen de vreemdelingenhaat, die leidt tot dergelijk brutaal geweld? Ik kan mijn medeleven uitdrukken, maar is dat voldoende? Als ambassadeur van de Malinese en Afrikaanse cultuur vertrouw ik er op dat de Belgische autoriteiten er alles aan zullen doen om gerechtigheid te laten geschieden, niet alleen in deze zaak maar ook in de bredere context van het samenleven van verschillende rassen en culturen in dit land.
***
Huidskleur is van geen enkele tel. Mijn vader -vrede zij met hem- zei altijd dat er twee soorten mensen bestaan: witte en zwarte. Daarmee verwees hij niet naar de buitenkant, maar naar de ziel van de mens: je hebt mensen met een kwade, zwarte ziel en je hebt er met een zuivere, witte ziel. En van allebei deze “soorten” vind je vertegenwoordigers in alle landen, op alle continenten, bij alle etnieën van de wereld. Goed en kwaad maken allebei deel uit van ons menselijk bestaan. Het is die tweedeling die we in de gaten moeten houden in plaats van de zichtbare verschillen van huidskleur, religieuze rituelen of culturele gebruiken.
***
De wereld heeft behoefte aan communicatie, aan gesprek, aan luisteren, aan uitwisselen, aan wederzijds begrijpen. Ik ben er van overtuigd dat muziek een uitstekend middel is om daaraan te werken, want er is geen enkele taal ter wereld die door meer mensen gesproken wordt dan de taal van de muziek. Het mooie is dat ik die universele taal kan spreken met mijn uitgesproken Mandingo instrument, de kora. Een kalebas bespannen met koeienhuid en eenentwintig snaren volstaan om basritme, begeleiding én solo spelen. Tegelijk spreekt dit symbool bij uitstek van de Mandingo cultuur ook de diepste menselijke gevoelens aan van zowel Afrikanen, Europeanen als Aziaten.
***
Elke kora komt uit een land met Mandingo cultuur: Mali, Gambia, Senegal, Burkina Faso, Guinee Conakry, Guinee-Bissau, Ivoorkust. Vooraleer je kan beginnen met de studie van de kora moet je een ritueel volbrengen. Je moet je respect betuigen aan het instrument en aan de krachten die het zijn uitstraling en betekenis geven. Je offert tien kolanoten en vijfhonderd CFA -minder dan een euro vandaag. Vroeger moest je honderd kaurischelpen offeren. Ongeacht het bedrag blijft het respect voor de kora ongeschonden en komen er steeds meer jongeren die het instrument willen leren bespelen. Dat is ook te danken aan Mory Kanté, die met zijn Yéké Yéké alle Europese hitlijsten platgespeeld heeft, en aan de vele andere koraspelers die rondreizen met het visitekaartje van de Mandingocultuur en daar wereldwijd succes mee oogsten.
Mijn familie heeft de kora van vader op zoon doorgegeven. Ik ben de eenenzeventigste generatie. Ik heb -godzijdank- heel veel erkenning gekregen en ben zelfs de eerste die ooit een Grammy Award gekregen heeft voor het bespelen van de kora. Mijn zoon van veertien is de tweeënzeventigste generatie. Ik leer hem de techniek en de geest van dit instrument met zijn koninklijke verleden, een instrument dat krijgsheren heeft begeleid en waarmee legendes werden verteld.
***
Mijn instrument en dus ook mijn muziek heeft diepe wortels in het middeleeuwse Mandingorijk, waartoe onder andere ook Bambara, Songhai, Toucouleur, Malinké en Bobo behoorden. Het verleden verbindt ons en creëert ook vandaag nog banden en een gemeenschappelijkheid die sterker zijn dan etnische competitie of nationale grenzen. Ik ben in Mali geboren, mijn vader -vrede zij met hem- werd in Gambia geboren, terwijl zijn vader in Mali geboren werd. De familie Diabaté kent of erkent geen grenzen. Het land waartoe wij behoren is groter en grootser dan de natiestaten die de kolonisatie ons nagelaten heeft.
***
Mijn familie is een familie van griotten. Elke etnische groep, elke familie en elke hoogwaardigheidsbekleder heeft zijn griot, die de ongeschreven geschiedenis van de gemeenschap bewaart en bezingt. Je kan niet zelf kiezen om griot te worden, je wordt als griot geboren. Niet alle Malinezen die vandaag op een podium staan of cd’s opnemen, zijn afkomstig uit een griotfamilie.
Ali Farka Touré -God hebbe zijn ziel- was geen griot. Oumou Sangaré, Salif Keita en Rokia Traoré zijn allemaal uitstekende zangers of zangeressen, maar ze zijn geen griotten. Het verschil is dat griotten een opdracht hebben die het maken van muziek ver overstijgt. Zij zijn de communicatiemedia van alle tijden en omdat ze het geheugen van het keizerrijk bewaren, zijn ze ook de vredestichters van vandaag en morgen. Onze historische liederen herinneren iedereen immers aan verdragen en verbonden die niet straffeloos geschonden kunnen worden.
***
Ik belichaam de traditie, maar dat wil niet zeggen dat ik bevroren ben in de tijd. De wereld verandert, ook in Mali. Ik leef niet in de tijd van het Mandingorijk, maar in de tijd van een geglobaliseerde wereld. Ik heb een mobiele telefoon, ik speel met een elektrisch versterkte kora, ik gebruik de mogelijkheden van vandaag om mijn bijdrage te leveren aan de wereld van morgen.
Mali is in volle ontwikkeling en op dezelfde manier probeer ik mijn rol en mijn kunst te ontwikkelen om tegemoet te komen aan de noden en verwachtingen van 2006. Op ditzelfde moment is men bezig de bibliotheek van Timboektoe helemaal te vernieuwen, met geld dat bij elkaar gespeeld is door Ali Farka Touré -vrede zij met hem- om alles op internet te zetten. Timboektoe is vandaag bereikbaar door een simpele muisklik. Dat is het behoud van de traditie dat ik nastreef: niet het starre behoud van wat toch voorbij is, nog minder een zogenaamde terugkeer naar een geïdealiseerd verleden, maar een resolute keuze voor een toekomst die herkenbaar ónze toekomst is, want gebouwd op onze rijke tradities. 
Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur