Veeteelt en klimaatverandering in Mali

Fatou Samaké is dierenarts en directrice van Initiative Conseil et Développement (ICD) in Mali, een partner-ngo van Dierenartsen Zonder Grenzen. Ousmane Diallo is lid van de boerenorganisatie Association de l’Organisation des Producteurs Paysan (AOPP). Familiale veeteelt is voor Fatou en Ousmane van levensbelang voor de Malinezen. Het is zelfs een buffer tegen de impact van de klimaatopwarming.

Merken jullie iets van de klimaatverandering in Mali?

Fatou Samaké: We merken dat zeker. De koele periodes zijn haast verdwenen. Normaal gezien zou het tussen oktober en februari wat frisser moeten zijn, met temperaturen die dalen tot zelfs 10 graden Celsius in het noorden van het land. Maar dat is vandaag niet meer zo, in januari warmt het alweer op. Het is wel twintig jaar geleden, van in mijn kindertijd, dat er zulke koele periodes waren. Ook het regenseizoen is helemaal verstoord. Vroeger regende het van juni tot september of oktober maar vorig jaar had het in september nog niet geregend.
Ousmane Diallo:
Soms komt de regen totaal onvoorspelbaar, zoals vorig jaar ineens in november. Die was dan ook zo krachtig dat hij van alles vernielde, ook de voorraden plantaardig voer die op de daken lagen te drogen. Het was in vijftien jaar niet gebeurd dat het in november nog regende. Dat is de impact van de klimaatverandering, en die brengt de voedselveiligheid van mens en dier in het gedrang.
Fatou Samaké:
De woestijn rukt ook zienderogen op, maar dat wordt veelal veroorzaakt door ontbossing. Mensen blijven bomen kappen om houtskool te maken. Dat verergert de droogte nog. Het is nu al drie jaar dat men de wolken bombardeert om regen te hebben.

Veeteelt, zegt men, is nefast voor klimaatverandering.

Fatou Samaké: De veeteelt bij ons is heel anders dan in België. Negentig procent is familiale veeteelt, kleinschalig en extensief. Dieren worden niet het jaar rond in stallingen gehouden met krachtvoer. In Europa eet een rund dagelijks tachtig kilo en produceert het zeker vijftig kilo mest. Als bij ons een rund vijf kilo droog voer eet – dat is tien kilo plantaardig –  dan is het dier goed gevoed. Momenteel wordt gewerkt aan een project voor biogas. Mensen moeten dan vijf runderen hebben die elk tien kilo mest produceren. De runderen slagen er zelfs niet in om 10 kilo mest per dag te produceren, ze hebben gewoon niet genoeg voer daarvoor. Ik heb hier stallen gezien die waren uitgerust met een robot die permanent de mest weghaalde en de stallen proper veegde. Ik zag een loods met 35.000 kippen die nauwelijks ruimte hadden om te bewegen, legmachines die leven op geconcentreerd voer. Ik las op de verpakking wat er allemaal in dat voer zit: maïs, graan, zonnebloem, melk, soja, fosfaat, bicarbonaat, zout… Zo’n rijk voedsel hebben bij ons zelfs de mensen niet! Bij ons heeft elke vrouw tien tot dertig kippen en die eten alleen maïs.

Bij ons gaat het om een heel ander systeem. De broeikasgassen daarvan zijn erg beperkt en de schaarse mest verrijkt de bodem voor de bomen, het weiland en de akkers. De veeteelt helpt veeleer om het ecologische systeem te stabiliseren. Bovendien zorgt die veeteelt voor onze voedselzekerheid. Wanneer de voorraden van de landbouw op zijn, dan helpen het vee, de melk en de kippen die de periode te overbruggen, van januari tot aan de eerste regen.

Door de klimaatimpact wordt de landbouw nog grimmiger.

Ousmane Diallo: De veranderde regenval verstoort de landbouwcyclus en dat leidt tot ernstige conflicten tussen boeren en herders. Van december tot juni of juli wordt het vee gehoed aan de rand van de rivier. Vanaf juli trekken de herders met hun dieren westwaarts, waar er gras en waterputten zijn, en bebouwen de boeren dat gebied, tot aan de oogst in december-januari, wanneer de herders opnieuw afzakken naar de rivier. Door de verstoorde regenval gebeurt het dat die oogst een week later valt, maar de herders wachten niet. Als in het westen de waterputten leeg zijn en het voer op is, komen de herders. Een Peul laat zijn dieren niet omkomen. Dat leidt tot conflicten, waarbij jaarlijks doden vallen, als gevolg van de klimaatverandering. Beide partijen vechten voor hun overleven. Men heeft geprobeerd die problemen op te lossen, door overeenkomsten op te stellen, afspraken te maken en datums vast te leggen, maar het werkt niet. De boeren zeggen dan ‘de herders hebben het pact geschonden’, maar ze hebben ook geen keuze.

Is er een nationaal beleid om de klimaatverandering in te perken?

Fatou Samaké: Er is het nationaal adaptatieplan voor klimaatverandering (vanwege UNFCCC zijn landen verplicht zo’n plan op te stellen om een beroep te kunnen doen op klimaatfinanciering, nvdr). Ook een gedragsverandering is heel belangrijk en opvoeding op alle niveaus. Mensen moeten bomen aanplanten in plaats van te kappen; ze mogen ook geen gras meer verbranden. maar moeten er aanplanten. Bosbranden moeten bestreden worden. De mest van de dieren moeten we gebruiken om de grond te verbeteren. We kunnen een kip geen drie eieren per dag laten leggen, we moeten leren ons gedrag aan te passen aan de nieuwe omstandigheden. We zien ook een evolutie in de richting van agro-ecologie en de vraag naar een eerlijke prijs voor de boer, en dat is toe te juichen.

In 2006 pakte de VN Landbouw- en Voedselorganisatie FAO uit met het ophefmakende rapport Livestock’s Long Shadow, over de impact van veeteelt op de klimaatwijziging. Volgens dat rapport is 18 procent van de broeikasgassen afkomstig van de veeteelt. Sommigen stellen zelfs dat het aandeel van de veeteelt oploopt tot 51 procent, naargelang van wat allemaal wordt meegerekend. Bovendien, zo stelt de studie, legt die veeteelt ook nog eens beslag op land, landbouwgronden en biomassa die misschien beter direct voor menselijk gebruik benut worden, gezien de demografische druk.

De NGO Dierenartsen Zonder Grenzen (DZG) nuanceerde de boodschap door te wijzen op het belang van kleinschalige veeteelt voor de Afrikaanse landbouw. Dat belang wordt ook aangetoond door de studie The Role of Small Scale Livestock Farming in Climate Change and Food Security van het Center for Agro-Food Economy and Development in opdracht van DZG.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Latijns-Amerika & ecologie
    Alma De Walsche schrijft over ecologische thema’s, van klimaat- en energiebeleid, over landbouw- en voedsel tot transitie-initiatieven en baanbrekers. Ze volgt al enkele decennia Latijns-Amerika, met een speciale focus op de Andeslanden.