Verhofstadt verdedigt schuldkwijtschelding als onderdeel hulp

“We kunnen moeilijk anders dan de schuld die we kwijtschelden aan ontwikkelingslanden in rekening brengen als officiële uitgaven voor ontwikkelingshulp”, zo verklaarde de Belgische premier Guy Verhofstadt dinsdag in Brussel bij een bezoek aan de Belgische Technische Coöperatie (BTC). De Directie-Generaal voor Ontwikkelingssamenwerking pleit er in een recent rapport nochtans voor deze “weinig ontwikkelingsrelevante uitgavencategorie” te vervangen door reële middelen op de begroting van DGOS.
Dat België de nominale waarde van de kwijtschelding van commerciële schulden door de Nationale Delcrederedienst inbrengt als “officiële ontwikkelingshulp”, is al langer een doorn in het oog van critici bij Belgische ontwikkelingsngo’s. De meeste ontwikkelingslanden betalen die schulden al lang niet meer terug, dus door schuldkwijtschelding houden ze niet meteen meer geld over, zo luidt het argument.
Ook binnen de federale administratie zelf is er kritiek op de schuldenpolitiek, met name in een recent rapport over de bijdrage van België tot het behalen van de VN-Millenniumdoelstellingen voor Ontwikkeling. Het rapport noemt schuldkwijtschelding een “weinig ontwikkelingsrelevante uitgavencategorie” die best vervangen zou worden door “reële ontwikkelingsmiddelen op de begroting van DGOS”. In 2005 bedroeg de kwijtschelding 359 miljoen euro, wat overeenkomt met 23 procent van de totale hulpinspanning.
Volgens Verhofstadt laten de regels van de OESO, de club van rijke industrielanden, nu eenmaal toe schuldkwijtschelding in te brengen als onderdeel van de officiële hulpinspanningen. “Bovendien zorgt de kwijtschelding wel degelijk voor een verlichting van de budgettaire last en dus voor extra beleidsruimte in ontwikkelingslanden”, zei de premier. Belangrijker is volgens de premier dat ook het budget voor Ontwikkelingssamenwerking gestaag toeneemt, “van ongeveer 750 miljoen euro in 2004 tot waarschijnlijk een miljard in 2008”.

Ontluisterend beeld


Hetzelfde DGOS-rapport laat een wat ontluisterend beeld zien over de verwachte evolutie van de begroting voor ontwikkelingssamenwerking. In de begrotingsopmaak voor 2007 staat dat de middelen voor ontwikkelingssamenwerking vanaf 2008 met 5 procent zullen groeien. Aan dat ritme kan DGOS in 2010 over 1,1 miljard euro beschikken, terwijl de totale uitgaven naar 2,5 miljard euro moeten als België zijn internationaal engagement wil waarmaken om tegen dan het equivalent van 0,7 procent van het Bruto Binnenlands Product aan ontwikkelingshulp te geven.
Dus zelfs met meer middelen voor DGOS blijft er in 2010 een gat van 1,4 miljard euro dat op andere manieren moet worden gedicht. Voor Han Verleyen, die het Belgisch beleid terzake opvolgt bij de Vlaamse Noord-Zuidbeweging 11.11.11. kan dat maar twee dingen betekenen: “Of de 0,7 procent wordt niet gehaald, of DGOS wordt helemaal uitgekleed”.

Geen hinderpaal


Het kabinet van de bevoegde minister Armand De Decker ziet in de voorgestelde “groeipad” van 5 procent geen hinderpaal om de 0,7-norm te halen. Voor kabinetswoordvoerder Eric Silance is de 5 procent een “minimum dat moet worden vervolledigd in functie van de evolutie van het Bruto Nationaal Inkomen”. Silance ziet ook groeipotentieel in uitgaven van andere instellingen en departementen, zoals Landsverdediging, het Federaal agentschap voor de opvang van asielzoekers, de gewesten en de gemeenschappen, maar zegt niets over het omstreden aandeel schuldkwijtschelding.
Han Verleyen van 11.11.11. merkt op dat het merendeel van de militaire uitgaven, bijvoorbeeld in het kader van de VN-vredesmacht in Congo (MONUC), door de OESO niet worden toegelaten als officiële ontwikkelingshulp. “Het is beter dat ontwikkelingshulp en militaire steun gescheiden blijven, zodat duidelijk is wie wat doet”, vindt Verleyen.
Verleyen betwijfelt verder of militaire steun en hulp aan asielzoekers relevante uitgaven zijn in het kader van de strijd tegen de armoede. Ook de bijdrage van gewesten en gemeenschappen zal het verschil niet maken, denkt Verleyen, “zolang Ontwikkeling een federale materie blijft”.

Congo


Verhofstadt wilde niet kwijt of België in de toekomst nog meer schulden gaat kwijtschelden om de hulpcijfers wat meer volume te geven. “In 2007 zal het wat meer zijn, in 2008 waarschijnlijk weer wat minder”, zei Verhofstadt. In 2007 zit er een versnelde schuldkwijtschelding voor Congo aan te komen, tenminste wanneer de internationale donors binnen het Internationaal Muntfonds (IMF) daar groen licht voor geven.
In zijn jaarlijkse rede voor de Belgische Technische coöperatie, de uitvoerende arm van de Belgische ontwikkelingssamenwerking, haalde de premier tenslotte fel uit naar “de protectionistische en concurrentieverstorende maatregelen van rijke landen” als oorzaak van armoede in de wereld.
Verhofstadt noemde met name exportsubsidies en dumpingpraktijken die lokale producenten uit de markt concurreren een “economische en morele schande” en prees de inspanningen van 11.11.11. en Oxfam om die problematiek aan te klagen.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3205   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift