Vitaminetekort zet rem op ontwikkeling

Het is al langer bekend dat gezondheid niet alleen een kwestie is van eten maar ook van de juiste voedingstoffen binnen te krijgen. Toch kampen nog altijd 190 miljoen kinderen met een tekort aan vitamine A, vooral in ontwikkelingslanden.

In Zuid-Aziatische en Afrikaanse landen is de bevolking meestal aangewezen op één bepaald voedingsgewas. Zo halen veel Aziaten tot 70 procent van hun calorieën uit rijst, terwijl maniok het belangrijkste voedsel is voor veel Afrikanen: rijk aan calorieën, maar arm aan voedingstoffen.

In zulke gevallen kan er een vitamine A-tekort ontstaan. In India geldt dat voor grofweg 80 miljoen kinderen. “De Wereldgezondheidsorganisatie beveelt twee tot drie innamen van vitamine A per jaar aan voor kinderen onder de vijf jaar. Doordat India op dit vlak achterop hinkt, sterven er kinderen nodeloos”, hekelt Klaus Kraemer van de Zwitserse organisatie Sight and Life.

Micronutriënten

Het Indiase probleem is deels te wijten aan lokale diëten, verklaart dokter Shilpa Vinod Bhatte uit Mumbai. “Het is niet alleen een kwestie van armoede maar ook een gebrek aan kennis van de voedingswaarden van voedsel. Veel kinderen onder de vijf jaar eten bijna alleen maïs, rijst of havermoutpap.”

Topeconomen hebben voor het project Copenhagen Consensus 2012 onderzocht wat de beste manieren zijn om geld te besteden aan de grootste uitdagingen. Ze meldden dat “interventies met gebundelde micronutriënten” de topprioriteit moeten zijn bij investeringen in wereldgezondheid en ontwikkeling.

Een van deze topeconomen, Nobelprijswinnaar Vernon Smith, legde uit dat de voordelen hiervan op het vlak van verbeterde gezondheid, scholing en productiviteit enorm zijn. De Copenhagen Consensus schat dat er voor elke dollar die in deze micronutriënten geïnvesteerd wordt, een rendement van 17 dollar is.

Privésector

Binnen de millenniumdoelstellingen scoren veel ontwikkelingslanden nog opvallend slecht voor honger en ondervoeding. Vooral in Afrika ten zuiden van de Sahara heerst er nog veel honger. Meer dan 60 procent van de bevolking in Burundi, Congo en Eritrea is ondervoed.

De VN en nationale regeringen delen wel capsules vitamine A uit, genoeg om bijna 400 miljoen kinderen te helpen, maar door gebrek aan coördinatie blijven miljoenen nog verstoken van deze hulp.

Nu stapt de privésector mee in dit verhaal. DSM, een wereldleider in vitaminepreparaten met hoofdzetel in Nederland, werkt samen met onder andere het Wereldvoedselprogramma en de Wereldbank om de nodige vitamines en voedingstoffen tot bij de arme gemeenschappen te krijgen.

De resultaten zijn veelbelovend. Privébijdragen zouden ervoor kunnen zorgen dat 50 miljoen kinderen toegang hebben tot vitamine A-capsules tegen het einde van 2013. Deze gezamenlijke inspanningen zijn momenteel goed voor ongeveer 17 procent van de niet-ingevulde wereldwijde vraag naar vitamine A.

Europese Unie

Het begint ook de EU en haar lidstaten te dagen dat het vitaminetekort een cruciale ontwikkelingskwestie is. Op een conferentie over ontwikkeling verklaarde Francesca Mosca van de Europese Commissie dat “het ondraaglijk is om zoveel kinderen te zien sterven aan ondervoeding. Het is nu tijd om te handelen, niet morgen.”

Ze wees erop dat sommige inspanningen hun vruchten afwerpen op basis van een succesvol model van publiek-private partnerschap.

Paulus Verschuren, de speciale gezant van de Nederlandse regering voor voedselzekerheid, benadrukte dat “het om een erg korte periode in een kinderleven gaat wanneer we kunnen ingrijpen. De toekomst van het kind hangt af van zijn voeding. We kunnen het ons niet veroorloven om dat moment te missen.”

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift