"Vlees der armen" te duur voor Rwandezen

In Rwanda is de prijs van bonen in drie maanden verdubbeld, als een gevolg van tegenvallende oogsten. Bonen zijn als “vlees van de armen” de voornaamste bron van proteïnen op het platteland. De komende maanden dreigen er problemen met ondervoeding.
Marguerite Nyiraneza kan haar verontwaardiging over de prijzen op de markt van Karambi in het zuiden van Rwanda nauwelijks de baas: “Ik heb net één kilo bonen gekocht, voor 400 frank (0,53 euro). We zijn met acht thuis, dus daar kunnen we twee keer van eten. Op voorwaarde dat ik de maaltijd aanvul met zoete aardappelen uit onze tuin. We eten niet genoeg bonen en dat is vooral erg voor de kinderen.”
Sinds juni is de prijs van de bonen in heel het land bijna verdubbeld, van 200 tot 400 à 500 Rwandese frank. In de Rwandese keuken leveren bonen een derde van de calorieën en 65 procent van de proteïnen. Voor de armen op het platteland is het vrijwel de enige bron van proteïnen die ze kunnen betalen. Vlees of vis komt maar één keer per jaar op tafel, met Kerstmis of Nieuwjaar. Maar nu is dus ook het “vlees van de armen” te duur geworden. Een boerin verdient elke dag ongeveer 300 frank (40 eurocent), minder dan een kilo bonen.
“Ik verkoop al vijf jaar bonen en de prijs is in deze streek nooit boven de 250 frank uitgekomen”, zegt Félicien K., handelaar op de markt van Nyamagabe. De marktkramer is druk in discussie met enkele klanten die hem vragen zijn prijs te verlagen. “Het zijn wij niet die de prijs doen stijgen”, zegt hij. De klanten blijven klagen en druipen uiteindelijk af met een kleine hoeveelheid: een of twee kilo.
“We eten al vijf dagen alleen nog maar zoete aardappelen , maïspasta of maniok met wat groenten”, klaag Frida Mukazera, een boerin uit de streek van Muganza/Nyaruguru vlak bij de grens met Burundi. “Een karig maal, want op het gezondheidscentrum zeggen we ons dat we bij elke maaltijd proteïnen moeten eten.” Vroeger gingen de mensen zich in zo’n geval bevoorraden bij de buren in Burundi, maar ook daar zijn de bonen schaars en duur.
Landbouwdeskundigen wijten het tekort aan de sterke en onregelmatige regens van de voorbije oogstseizoenen, op het einde van 2006 en halfweg 2007. Het is nu wachten tot de oogst op het eind van het jaar om de voorraden weer op peil te brengen.
“We hebben niet meteen een oplossing”, zegt Vincent Sebanani, beleidsverantwoordelijke voor de streek van Muganza, “Het klopt dat de mensen sinds vier maanden niet meer goed kunnen eten. We raden ze aan om sojameel te eten en ook bonen, maar dan in kleinere hoeveelheden.”
Om het probleem op langere termijn op te lossen moet de landbouw productiever worden, zegt agronoom J.D. Hakizimana. Daarvoor zijn natuurlijke meststoffen en kunstmest nodig en een betere selectie van het zaaigoed. (Infosud/Syfia/vertaling: IPS)

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift