VN nemen VS-aanpak Afghaanse en Iraakse gevangenen op de korrel

De strijd tegen het terrorisme is geen geldig excuus om gevangenen te martelen of te vernederen. Geen enkel land kan zich boven internationale verdragen stellen bij de jacht op terroristen. Dat schrijft Theo van Boven, de speciale mensenrechtenrapporteur van de Verenigde Naties, in een rapport dat de algemene vergadering van de VN in december zal bespreken. Van Boven noemt de Verenigde Staten niet expliciet, maar haalt wel voorbeelden aan uit Afghanistan en Irak. In de VS gooit het rapport olie op het vuur in de discussie over de nieuwe justitieminister.

Voor van Boven is de zaak duidelijk: martelingen en andere vormen van mishandeling zijn absoluut verboden in het internationaal recht, en dat betekent ook dat er geen uitzonderlijke omstandigheden kunnen worden ingeroepen om dergelijke praktijken te rechtvaardigen. Volgens de mensenrechtenexpert snijden juridische argumenten waarbij uit de nationale wetgeving ontleende begrippen als noodweer en zelfverdediging worden ingezet om folterpraktijken te vergoelijken, geen hout. Volgens van Boven is ook het vergoelijken van folterpraktijken op zich al een schending van het verbod op martelingen.

Impliciet haalt van Boven vooral de VS door de mangel. De VN-rapporteur stelt vast dat er na de aanslagen van 11 september 2001 duizenden verdachten in hechtenis zijn genomen zonder dat een rechtbank daarover een oordeel heeft geveld, en zonder de gearresteerden toegang te bieden tot een advocaat. Sommigen van hen worden nog altijd geïsoleerd van de buitenwereld, wat op zich al een schending van het verbod op folteringen kan inhouden”.

Van Boven is op veel onaanvaardbare methodes gestoten die worden ingezet om de verdachten van terreurdaden aan het praten te krijgen. Mensen worden vastgehouden op manieren die pijn of stress veroorzaken, gevangenen worden voor lange periodes wakker gehouden of in het donker gezet, ze worden blootgesteld aan extreme warmte of koude of lawaai, ze worden geblinddoekt of uitgekleed.

De nauwelijks verbloemde kritiek van de VN op de excessen in de Amerikaanse oorlog tegen het terrorisme valt samen met de nominatie van Alberto Gonzales als nieuwe Amerikaanse minister van Justitie. Die heeft impliciet het gebruik van folterpraktijken bij terroristen en verdachten van terreurdaden verdedigd. Als juridisch adviseur van het Witte Huis argumenteerde Gonzales begin 2002 dat de Conventies van Genève niet van toepassing zijn op de in Afghanistan gearresteerde Taliban-strijders. Die conventies, die ook door de VS zijn ondertekend, bevatten onder meer normen voor de behandeling van krijgsgevangenen. Gonzales heeft de internationale regelgeving rond de rechten van krijgsgevangenen ook al voorbijgestreefd genoemd. De argumenten van Gonzales blijken in het Amerikaanse leger in goede aarde te vallen. Dit jaar kwam aan het licht dat Iraakse gedetineerden in de gevangenis van Abu Ghraib op grote schaal gefolterd en vernederd werden door hun Amerikaanse militaire bewakers.

Gonzales, wiens benoeming nog moet worden goedgekeurd door de Amerikaanse senaat, krijgt veel tegenwind. Volgens Francis A. Boyle, een docent internationaal recht aan de universiteit van Illinois, is de toekomstige justitieminister niets minder dan een oorlogsmisdadiger. Als adviseur van het Witte Huis ligt Alberto Gonzales aan de oorsprong van zware inbreuken op de derde en vierde conventie van Genève. Dat zijn zware oorlogsmisdaden, argumenteert Boyle.

Jordan J Paust, een collega van Boyle van de universiteit van Houston, is het eens met die redenering. Mensen de bescherming ontzeggen die de Conventies van Genève voorzien, is een schending van die verdragen, en elke schending komt neer op een oorlogsmisdaad. Medeplichtigheid bij oorlogsmisdaden - bijvoorbeeld door er mee voor te zorgen dat slachtoffers de conventies niet kunnen inroepen - is ook strafbaar. Schuldig is Gonzales volgens Paust wel pas als een rechtbank daar zo over oordeelt. (PD/ADR)

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3306   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift