VN smeken om meer noodhulp

De VN stellen dat er 611 miljoen dollar nodig is
om de bijna 13 miljoen mensen in Zuidelijk Afrika te helpen die door de
honger bedreigd worden. De donorlanden hebben lauw gereageerd op eerdere
oproepen, waardoor de hulporganisaties snel door hun middelen heen zullen
zitten.
Vorige maand lieten de VN weten dat ze ook niet genoeg geld hadden
binnengekregen om alle nood te lenigen in vijf andere door zware humanitaire
crisissen getroffen landen - Angola, Sudan, Guinea, Burundi en Noord-Korea.
De grootste problemen tekenen zich af in Angola, waar meer dan vijf miljoen
mensen de eindjes niet meer aan elkaar kunnen knopen.


Droogte, misoogsten, conflicten en fouten bij het voorraadbeleid hebben
geleid tot een ernstige voedselcrisis in Lesotho, Malawi, Mozambique,
Swaziland, Zambia en Zimbabwe. Volgens VN-secretaris Kofi Annan kan een
tragedie in die landen nog worden afgewend, maar slinken de mogelijkheden
daartoe met de dag. De 611 miljoen dollar die de VN zoeken, zou de bevolking
in de getroffen landen één jaar lang voor het ergste kunnen behoeden.

Kenzo Oshima, VN-ondersecretaris-generaal voor Humanitaire Aangelegenheden,
zegt dat een team dat de regio vorige week bezocht, zwaar onder de indruk
was van de omvang van de voedselcrisis. We mogen niet wachten tot we de
verschrikkelijke beelden zien die we maar al te goed kennen van eerdere
hongerrampen, zei hij

Afrikaanse diplomaten betwijfelen of de donorlanden met genoeg geld over de
brug zullen komen. Tijdens een discussie over Uitdagingen voor Humanitaire
Hulp die woensdag in het VN-hoofdkwartier werd gehouden, stelden
verscheidene deelnemers dat hulpoproepen in het verleden vaak weinig hebben
opgeleverd.

Ismael Abraao Gaspar Martins, de Angolese ambassadeur bij de VN, zegt dat
het VN-bureau voor de Coördinatie van Humanitaire Hulp (OCHA) slechts zowat
één derde van het geld heeft ontvangen dat het voor 130 dringende projecten
in Angola nodig heeft. Dat betekent dat honderdduizenden Angolezen in nood
geen hulp zullen krijgen. Martins klaagt dat landen waar jarenlang een
crisissituatie heerst, vroeg of laat vergeten worden - de gevreesde
donormoeheid slaat toe.

De Afrikaanse landen zijn tevreden met de techniek van de ‘Consolidated
Appeal’ - een gezamenlijke jaarlijkse hulpoproep van vier grote
VN-instellingen waarbij de behoeften voor één jaar in kaart worden gebracht
- maar maken zich zorgen over de slinkende opbrengst ervan. Dit jaar
schatten het Hoog Commissariaat voor de Vluchtelingen, Unicef, het
Wereldvoedselprogramma (WFP) en het Wereldbevolkingsfonds (UNFPA) dat ze 3,6
miljard euro nodig zullen hebben. Daarvan hebben ze nog maar 1,4 miljard
euro binnengekregen. Volgens Mark Bowden van het coördinerende OCHA was de
kloof vorig jaar even groot, maar hadden de VN vijf jaar geleden nog niet
zo’n grote problemen om voldoende noodhulp bijeen te krijgen.

Steeds meer noodhulp wordt bilateraal of via ngo’s verstrekt, maar de
belangrijkste oorzaak waarom de VN steeds vaker om geld moeten bedelen is
dat er gewoon meer noodsituaties zijn. Het aantal gewapende conflicten in de
wereld begon al begin de jaren 90 - na het einde van de Koude oorlog - te
stijgen, en intussen lijkt ook het aantal en de omvang van natuurrampen toe
te nemen. Daardoor hebben er nu wereldwijd ongeveer 50 miljoen mensen hulp
nodig om te overleven.

Naast de jaarlijkse lancering van ‘consolidated appeals’ hebben de VN ook
een coördinator voor Noodhulp aangesteld, een Centraal Rollend Fonds voor
Noodhulp opgezet en een permanent verbindingscomité tussen de
VN-hulporganisaties opgericht om de schaarste beter te beheren.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2745   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift