VN-studie klaagt partijdigheid VN, Wereldbank en IMF aan

De huidige internationale instellingen zijn
verouderd zijn niet opgewassen tegen hun nieuwe taken. De nood aan nieuwe
globale instellingen is hoog; zoniet gaat de democratie teloor. Dat zegt
een studie van de United Nations Universiteit, die deze week verscheen.
‘Governing Globalisation’ pleit voor de oprichting van een Wereldwijde
Volkenraad en een Economische Veiligheidsraad.


Volgens de schrijvers van de studie is het de hoogste tijd om ons
wereldbeeld drastisch te herdenken. Een visie die bijna uitsluitend
gebaseerd is op het streven naar vrede en totale werkgelegenheid voldoet
allang niet meer. Nu dienen problemen aangepakt te worden waarvan in tijden
van kolonialisme, communisme en welvaartsstaten nog geen sprake was. In
tegenstelling tot de decennia na WOII is de integratie van nationale
economieën voldragen; het communisme is ingestort, en er zijn tienduizenden
nieuwe spelers op het wereldtoneel verschenen - van transnationale bedrijven
tot ngo’s.

Internationale instellingen zoals de VN, de Wereldbank en het IMF stammen
duidelijk nog uit dat andere tijdperk. Ze zijn volgens het rapport niet
toegerust voor hun nieuwe rol en functioneren absoluut niet democratisch.
Nobelprijswinnaar Joseph Stiglitz, die meewerkte aan de studie, ziet de
huidige toestand als een nieuwe vorm van kolonialisme die even pervers is
als de variant uit de negentiende eeuw: nieuwe democratieën krijgen een
economisch dictaat van de internationale instellingen, die zelf in de eerste
plaats de belangen van de industrielanden en met name van de G7 verdedigen.
Sommige critici gaan nog verder en beschouwen de belangen van de VS - de
‘G1’ die Wereldbank en IMF in de praktijk controleert - als motor en ijkpunt
van die instellingen. De belangen van de arme landen en hun bevolking worden
in het huidige systeem van ‘globaal bestuur’ volledig genegeerd.

In de studie wordt ook krachtig het democratische tekort gelaakt dat
heerst bij de instellingen van de VN en Bretton Woods: machtige lidstaten
zwaaien er de scepter, vaak ten koste van de grote meerderheid van
ontwikkelingslanden. Stiglitz, de vroegere hoofdeconoom en vice-voorzitter
van de Wereldbank, wijst onder meer op de perverse economische effecten van
die machtspolitiek. Het IMF dient een expansiegericht beleid te voeren om
zwakke economieën uit het slop te helpen, maar doet vaak precies het
tegenovergestelde: het IMF ‘adviseert’ landen in moeilijkheden blijkbaar hun
economie in te krimpen.

Het gebrek aan democratie binnen de VN is heel wat ngo’s al langer een doorn
in het oog. Jim Paul, lobbyist bij de VN voor het Global Policy Forum, wijst
naar het vetorecht in de Veiligheidsraad, dat gebaseerd is op een erg
reactionair beslissingsmodel. In de studie wordt ook het consensusmodel van
de Wereldhandelsorganisatie (WHO) bekritiseerd, als een onderonsje tussen
een handvol machtige spelers en een massa zwijgende toeschouwers. Veel
waarnemers geven toe dat de VN geleidelijk een stem geeft aan de civiele
maatschappij, via directe toegang tot de intergouvernementele vergaderingen
bij de jaarlijkse bijeenkomsten van de Economische en Sociale Raad (ECOSOC)
en andere fora. De machtigste politieke VN-organen - de Algemene Vergadering
en de Veiligheidsraad - blijven echter verboden terrein.

Volgens Paul heeft dat alles te maken met de historische fundamenten van de
VN: het ouderwetse concept van de natiestaten, waarbij
regeringsvertegenwoordigers het onaantastbare recht krijgen in ieders naam
te onderhandelen. Toch vindt hij de VN veel democratischer dan andere
internationale instellingen als de Wereldbank, het IMF en de WHO.

Voor Stiglitz hangt het democratische tekort van IMF en Wereldbank samen met
de recente veranderingen in de wereld. Bij hun oprichting aan het einde van
WOII en in de nasleep van de Grote Depressie hadden zij vooral de heropbouw
en oorlogspreventie tot taak. Er bestonden nog weinig ideeën over
collectieve actie en globale marktmechanismen, en niemand maakte zich zorgen
over het economische kolonialisme dat zou kunnen voortvloeien uit
afhankelijkheid van bijstand en hulp. Intussen kende de economische
activiteit een enorme schaalvergroting, maar blijft bijvoorbeeld de
jurisdictie achter.

Deepak Nayyar, cöordinator van de studie, wijst erop dat de internationale
instellingen zichzelf ondermijnen: doordat bijvoorbeeld de VN de eigen
wetten en principes selectief toepast - steeds in het voordeel van de rijken
en machtigen - verliest die instelling aan legitimiteit en
geloofwaardigheid. Voor hem kan de VN enkel nog op fora als de Top van de
Aarde autoriteit behouden. De conclusie van de studie is nochtans
constructief: richt een Global Peoples Assembly op, gemodelleerd naar het
Europees Parlement, om de globale civiele maatschappij een stem te geven, en
stuur de globalisering via een Economische Veiligheidsraad.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2916   proMO*’s steunen ons vandaag al. We hopen 2021 te kunnen starten met 3000 proMO*‘s, word jij er één van?

Word proMO* of Doe een gift