‘Volgende minister van Ontwikkelingssamenwerking krijgt het moeilijk’

België heeft de voorbije jaren niet echt vooruitgang geboekt inzake ontwikkelingssamenwerking. Minister Armand De Decker “heeft weinig opmerkelijks laten zien” en de uitgaven bereiken alleen een aanvaardbaar niveau door eenmalige schuldkwijtscheldingsoperaties. Dat zegt 11.11.11, de koepel van de Vlaamse Noord-Zuidbeweging, in zijn vandaag (29 mei) gepubliceerde ‘Jaarrapport over de Belgische Ontwikkelingssamenwerking in 2006’.
België gaf in 2006 0,50 procent van zijn bruto binnenlands inkomen (bbi) uit aan ontwikkelingssamenwerking. Maar dat is een “vervuild cijfer”, zegt Bogdan Vanden Berghe, de secretaris-generaal van 11.11.11. Als we geen rekening houden met de boekhoudkundige meevallers van recente schuldkwijtscheldingen aan landen als Congo, Irak en Nigeria en een aantal andere oneigenlijke uitgaven, blijft België net als de voorbije jaren hangen op een ontwikkelingsbijdrage van 0,38 procent van zijn bbi.
De bedragen van schuldkwijtscheldingen aan arme landen zijn opgeblazen in vergelijking met de werkelijke restwaarde van de schulden, en het gaat om eenmalige operaties. Alleen in 2008 zal België volgens 11.11.11 zijn cijfers nog eens kunnen opsmukken met een belangrijke kwijtschelding, ten voordele van Congo.
De Belgische ontwikkelingsuitgaven in 2006 daalden in vergelijking met 2005 (0,53%) en zeker in vergelijking met het recordjaar 2003 (0,61%), maar binnen Europa behoort België nog altijd tot de goede middenmoters. Het doet beter dan landen als Duitsland, Frankrijk en Spanje maar blijft ver achter bij de gulle Scandinavische landen en Nederland. Rekenkundig zit België ook nog op het goede pad om tegen 2010 zoals beloofd 0,7 procent van zijn bbp aan ontwikkelingssamenwerking uit te geven. Dat is de internationale fatsoensnorm.
“De opvolger van Armand De Decker (de huidige minister van Ontwikkelingssamenwerking, nvdr) krijgt een vergiftigde erfenis”, zegt Vanden Berghe. Om die 0,7 te halen, zal er volgens de berekeningen van 11.11.11 in 2010 1 tot 1,5 miljard euro extra op tafel moeten komen. De huidige regering besliste dat de uitgaven van het directoraat-generaal voor ontwikkelingssamenwerking (DGOS) maar met 5 procent per jaar mogen stijgen, en dat is onvoldoende voor die sprong. De volgende minister van Ontwikkelingssamenwerking zal meer geld moeten losmaken bij zijn collega’s of andere konijnen uit zijn hoed moeten toveren om België naar de norm van 0,7 procent te stuwen.
De verkiezingen staan voor de deur, en dus ontbreekt het niet aan goede voornemens terzake. 11.11.11 vroeg kandidaten van alle grote Vlaamse partijen met uitzondering van het Vlaams Belang naar hun standpunten rond ontwikkelingssamenwerking. Iedereen vindt dat de nieuwe regering moet herbevestigen dat België tegen 2010 0,7 procent van zijn bbi aan ontwikkelingssamenwerking zal geven.
Voor minister van Ontwikkelingssamenwerking De Decker is het jaarrapport geen goede reclame. Hij heeft volgens 11.11.11 “weinig sporen” nagelaten. De organisatie verdenkt de Franstalige liberaal ervan zelfs bij de vernieuwing van het Belgische engagement tegenover Rwanda, Burundi en Congo tijdens recente ‘Gemengde Commissies’ vooral de verkiezingen in zijn achterhoofd te hebben gehad.
De zwaarste kritiek is dat De Decker toeliet dat DGOS, zijn administratie, een steeds kleiner aandeel van de totale uitgaven voor ontwikkelingssamenwerking ging beheren. In 2006 was DGOS nog slechts goed voor 53 procent van de uitgaven. De departementen van Financiën en Buitenlandse Zaken doen een grote duit in het zakje, en dat bevordert volgens 11.11.11 de coherentie niet.
De Decker verzette zich volgens de Vlaamse ontwikkelingskoepel ook niet tegen het “kapen” van ontwikkelingsgeld door andere departementen. Hij “stelde zijn begroting met plezier ter beschikking van Defensie” om de bijdragen aan de VN-vredesmissie in Congo te financieren, schrijven de auteurs van het rapport.
11.11.11 vindt dat de Belgische ontwikkelingssamenwerking zich maar “aarzelend” achter de nieuwe ideeën over ontwikkelingssamenwerking schaart die internationaal opgeld maken. “België heeft de trein gemist om de ontwikkelingssamenwerking beter en efficiënter te maken”, schrijven de auteurs van het rapport. “Als klein land moet België keuzes maken en zich specialiseren”, zegt Vanden Berghe. “Dat gebeurt niet genoeg”.
DGOS staat niet sterk genoeg om ten volle kunnen investeren in de samenwerking met andere donoren en het beleid af te stemmen op de ontwikkelingsagenda van de begunstigde landen, vindt 11.11.11. Bovendien wordt de autonomie van de partners op het terrein onvoldoende gerespecteerd. De aandacht voor een belangrijk nieuw onderwerp als de gevolgen van de klimaatverandering voor arme landen “valt ook dik tegen.”
De koepel van de Vlaamse Noord-Zuidbeweging is wel positief over de Belgische aandacht voor Centraal-Afrika. Maar dat is volgens het rapport vooral de verdienste van minister van Buitenlandse Zaken Karel De Gucht. Die verdient zelfs “een speciale vermelding” voor zijn pleidooi voor de herziening van de contracten die internationale mijnbouwfirma’s met Congo sloten. 11.11.11 pleitte al langer voor strenge voorwaarden die ervoor kunnen zorgen dat de Congolese bevolking mee kan profiteren van de bodemschatten onder hun voeten.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2859   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift