Voormalige CIA-bonzen bijten van zich af in WMD-dossier - analyse

De Amerikaanse inlichtingendienst CIA lijkt niet van plan zomaar alle schuld op zich te nemen voor de onvindbare massavernietigingswapens in Irak. De regering heeft ons zwaar onder druk gezet om bewijzen tegen Saddam te vinden, zeggen enkele voormalige topmensen van de CIA.






Heeft de Amerikaanse inlichtingendienst zijn werk slecht gedaan, of was het de regering die de juiste informatie verkeerd interpreteerde? Die vraag is de kern van het debat dat in de VS is losgebarsten nu het Witte Huis heeft bekend gemaakt dat er een onafhankelijk onderzoek komt naar de informatie over Saddams massavernietigingswapens.

Het voormalige hoofd van de Amerikaanse wapeninspecteurs in Irak, David Kay, zette president George W. Bush eerder deze week uit de wind door alle schuld bij de inlichtingendienst te leggen. Het was dezelfde Kay die twee weken geleden de kat de bel aanbond door te verklaren dat we er bijna helemaal naast zaten bij de vooroorlogse inschatting van het Irakese wapenarsenaal. De ex-wapeninspecteur stelde het geloofwaardigheidsprobleem van Bush twee weken terug aan de kaak (‘de hoofdreden om ten strijde te trekken was onjuist’) maar suggereert er nu meteen een oplossing voor (‘leg de schuld bij de CIA’), menen veel waarnemers. Bush zou volgens het Democratische kamp de electorale schade willen beperken bij de verkiezingen van november door de conclusies van de onderzoekscommissie pas in 2005 - na zijn mogelijke herverkiezing - aan de bevolking te presenteren.

Maar het is de vraag of de CIA de schuld volledig op zich zal willen nemen. Enkele ex-topmensen van de CIA die het dossier van nabij gevolgd hebben via contacten met hun voormalige collega’s, willen de inlichtingendienst niet de zondebok laten worden. Melvin Goodman, een Sovjet-expert tijdens de Koude Oorlog die momenteel doceert aan het National War College, stelt dat zowel de CIA als de regering fouten hebben gemaakt. De verkeerde inschattingen van de CIA werden aangemoedigd door het Witte Huis. Erger nog: de regering heeft de analyse van de CIA bewust overdreven om de Irakese dreiging gevaarlijker te laten klinken dan in de gebrekkige CIA-rapporten.

Kays stelling dat de regering de CIA niet onder druk heeft gezet, is gewoon verkeerd, zegt Goodman. Ik heb met analisten van zowel de CIA als de DIA (Defence Intelligence Agency) gepraat en zij beweren dat er enorme druk op hen werd uitgeoefend, zegt Goodman aan IPS. Het beste bewijs daarvoor, zegt Goodman, is de oprichting van het Office of Special Plans (OSP), een cel die buiten de inlichtingendienst werd opgericht door Defensieminister Donald Rumsfeld. De opdracht: het basismateriaal van de CIA opnieuw inschatten om een verband te vinden tussen Saddam en de terreurorganisatie al-Qaeda. Toen Rumsfeld niet kreeg wat hij wilde, creëerde hij zijn OSP. Dat zegt genoeg.

Vincent Cannistraro, de voormalige topspecialist inzake terreurbestrijding, zegt ook dat er sprake is geweest van politieke druk op de CIA. Hij verwijst naar de herhaalde bezoeken die vice-president Dick Cheney bracht aan het hoofdkwartier van de CIA. Cheney ging er analisten persoonlijk vragen stellen.

Greg Thielmann, een specialist inzake massavernietigingswapen op het ministerie van Buitenlandse Zaken die tot zijn pensioen eind 2002 op het Irak-dossier werkte, is het ook al niet eens met de analyse dat de regering geen schuld heeft aan het falen van de CIA. Iedereen weet dat het Witte Huis doof was voor informatie die haar beschuldigingen niet schraagden, zegt hij aan de telefoon. Het Witte Huis zocht niet naar de waarheid. Het zocht naar argumenten om een pleidooi te houden voor een oorlog, naar bewijzen voor een conclusie die al bereikt was.

Volgens Thielmann beging de regering de grootste fout door wat ze niet deed na februari 2003. Tegen die tijd hadden de VN-inspecteurs een grondige zoektocht van drie maanden op het terrein achter de rug. Volgens de MVW-specialist hadden de VN een boel recentere en betere informatie dan wat wij de jaren daarvoor verzameld hadden. Voor zover ik weet, heeft het Witte Huis de CIA nooit gevraagd om de inschatting van oktober 2002 te herzien op basis van wat de inspecteurs te plekke zagen. De reden, vervolgt Thielmann, is dat de regering geen interesse had in wat er gaande was. Ze interesseerde zich enkel voor oorlog en het overtuigen van de Amerikaanse bevolking en de internationale gemeenschap.

In het Amerikaanse Congres onderzoeken twee parlementaire commissies het werk van de CIA al enkele maanden, zij het achter gesloten deuren. Naar verluidt zijn de commissieleden verdeeld in een twee kampen: de Republikeinen stellen dat de foute inschattingen enkel voor rekening zijn van de inlichtingendiensten, terwijl de Democraten de politieke interventies groeperen tot een bewijslast tegen het Witte Huis.

De Democratische commissieleden klagen dat de Republikeinen de reikwijdte van het onderzoek erg eng houden, waardoor cruciale getuigen niet gehoord zouden kunnen worden. Ze vrezen dat de onafhankelijke commissie die Bush zal aanstellen, in hetzelfde bedje ziek wordt als de parlementaire commissies. Ze verwijzen ook naar de vermeende druk op de commissie die de respons op de terreuraanslagen van 11 september onderzoekt. Die moeten tegen 29 mei - zes maanden voor de verkiezingen - hun conclusies presenteren. De leden van die commissie, voorgezeten door een Republikein maar verder gelijk verdeeld, klagen dat hun werkschema achterstand heeft opgelopen door vertragingsmanoeuvres van het Witte Huis. Ze achten de conclusies nog wel haalbaar voor juli of augustus.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2745   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift