Vreemd scheiden doet dubbel lijden

Steeds meer allochtone moslims scheiden, kopte De Morgen onlangs. Verloopt zo’n scheiding dan op basis van de shari’a of van het Belgische rechtssysteem? En hoe zit dat bij gemengde huwelijken? Wie dacht dat het wetboek daar een eenvoudig antwoord op biedt, dwaalt.
Het gebeurt wel vaker. Zij is Belgische, vrijgezel een werkt tijdelijk in Turkije. Op een mooie avond in Izmir ontmoet ze een knappe, charmante kelner. De vonk slaat over, de drang om samen te zijn is groot, een huwelijk volgt. Maar Cupido kan zich ook in het Turks vergissen, want soms eindigen die zomerse liefdes achteraf in bittere teleurstellingen. Als het koppel dan uit de echt wil scheiden, is dat geen onoverkomelijk probleem, want het Turkse familierecht is quasi identiek als het Belgische. Alleen, voor de echtscheidingsprocedure vraagt België een kopie van de geboorteakte van de Turkse (ex-) partner, ook al is die niet van plan dat document zomaar te leveren.
Voor advocaat en CD&V politicus Ergün Top is zo’n verhaal dagelijkse kost. Bij gemengde huwelijken leiden de verschillende nationale formaliteiten vaak tot vervelende situaties. ‘Het Turks familiaal recht geeft -anders dan het islamitisch recht- geen inhoudelijke conflicten met het Belgisch recht. België erkent Turkse echtscheidingen en vice versa. Maar de problemen beginnen als een partner niet wil instemmen met de scheiding. Omdat je voor een echtscheidingsprocedure in Turkije geen geboorteakte nodig hebt, kunnen wij die niet bij volmacht vragen. Dan sta je met je rug tegen de muur.’ Top geeft toe dat zijn aanpak niet meteen de meest structurele is. ‘Mijn cliënten willen geen jaren wachten tot België en Turkije beslissen om komaf te maken met soortgelijke situaties. Ik behandel elke zaak individueel, via contacten in Turkije. Als het moet, stoppen we ambtenaren iets in de hand, om de nodige papieren te krijgen.’

Internationale wetboeken


Mensen die onder twee rechtssystemen vallen, in het kader van migratie of een gemengd huwelijk, botsen wel vaker op ambigue rechtssituaties. Vooral de verschillen tussen de Belgische rechtsorde en het Marokkaanse Familiewetboek of de moudawana, geënt op het islamitische recht, gaven in het verleden meermaals rechtsconflicten. Daarbij waren de grote knelpunten onder meer het ongelijke hoederecht en de verstoting, in Marokko de gangbare echtscheidingsprocedure. Bij verstoting, een praktijk uit de sharia-wetgeving, verbreekt de man eenzijdig het huwelijk. Daardoor belandt de vrouw in een niet-gehuwd, niet-gescheiden statuut, met alle gevolgen van dien voor hertrouwen en erfenisrechten.
Nochtans ondertekenden België en Marokko al in 1991 bilaterale akkoorden -de Rabatakkoorden- die ervoor moesten zorgen dat Marokkaanse en Belgische instanties elkaars rechtsvonnissen erkenden over echtscheiding, alimentatie en hoederecht. De akkoorden bleven echter in de schuif liggen omdat het Belgisch parlement struikelde over de ontbrekende rechtsbescherming van vrouwen bij verstoting, zegt Abdel El Mouden, die als Marokkaans-Belgisch advocaat veel met de problematiek in aanraking komt. Nu de Marokkaanse familiewetgeving volledig is hervormd, pleit hij voor een snelle ratificatie van de Rabatakkoorden.
Maar de huidige context heeft die misschien overbodig gemaakt, zegt Marie-Claire Foblets, juriste en antropologe aan de KULeuven. ‘De realiteit is veranderd. Europa kijkt vandaag veel strenger toe op bilaterale akkoorden van de lidstaten. Het is ook zo dat Marokko en België op een scharniermoment zitten door de vernieuwing van hun wetgeving.’ België vernieuwde de codex van het Internationaal Privaatrecht (IPR-codex) in 2004, hetzelfde jaar waarin Marokko het nieuwe Familiewetboek, de nieuwe moudawana, in voege stelde.
‘De moudawana houdt nu ook rekening met de burgers in het buitenland en moet de rechtsonzekerheid voor Belgische Marokkanen wegwerken’, zegt Fauzaya Talhaoui, Spirit-senator. ‘De rechten van de vrouw zijn aanzienlijk verbeterd en er is sprake van gelijkwaardigheid tussen man en vrouw. Het aanstellen van een huwelijksvoogd voor vrouwen, een beperking voor de vrijheid van de vrouw, is niet langer een verplichting, maar een keuze die vrouwen zelf kunnen maken. De huwelijksleeftijd voor beide seksen is opgetrokken van 15 naar 18 jaar. Polygamie en verstoting blijven nog wel behouden in het wetboek, maar met veel meer rechtsbescherming voor vrouwen. Vrouwen kunnen voortaan zelf echtscheiding aanvragen en worden -in het geval van verstoting- gehoord door de rechter, wat vroeger niet zo was. Andere scheidingsvormen worden uitgebreid en de procedures vereenvoudigd.’

Registratieproblemen


De nieuwe Belgische IPR-codex legt een aantal principes over het internationaal familierecht vast. Zo bepaalt het wetboek dat België polygamie niet aanvaardt en niet-burgerlijke huwelijken niet erkent. ‘België erkent in principe geen religieuze huwelijken’, zegt Marie-Claire Foblets, ‘maar er zijn uitzonderingen. Daarbij volgen we het officiële recht van het land waar het huwelijk voltrokken is, tenminste als dat niet indruist tegen onze rechtsprincipes. Als een land als enige officieel huwelijk het religieuze kent, zoals bijvoorbeeld in Israël, dan erkennen we dit.’ Ondanks de schitterende handvaten die de IPR-codex biedt, vindt Foblets het twijfelachtig dat de codex alle conflictsituaties in de internationale rechtspraak kan wegwerken.
‘Wat te doen met het gewoonterecht zoals in Ghana? Ghanezen moeten hun huwelijk niet laten registreren. In het kader van migratie of gezinshereniging hebben ze dus geen formeel bewijs dat ze getrouwd zijn. Zij botsen dan op een muur bij de burgerlijke stand of bij de Dienst Vreemdelingenzaken.’ De conflicten tussen verschillende rechtssystemen manifesteren zich niet binnen justitie, maar wel op het niveau van de administratie, beaamt Kati Verstrepen, die gerechtelijke bijstand geeft aan vluchtelingen. ‘Als iemand in België geregistreerd staat als gehuwd, maar in Pakistan gescheiden is, is voor België het huwelijk niet officieel ontbonden. Als die persoon in Pakistan hertrouwt en kinderen krijgt, levert dat hier problemen op bij de Burgerlijke Stand of bij de Dienst Vreemdelingenzaken.’

De wetgever heeft een aantal jaren geleden de erkenning van buitenlandse huwelijken juist veel moeilijker gemaakt, zegt El Mouden. ‘Ambtenaren van de burgerlijke stand misbruiken het wetboek om elk huwelijk dat in het buitenland is afgesloten af te keuren, want het zou wel eens een schijnhuwelijk kunnen zijn. Anders dan in Wallonië is dat in het behoudsgezinde Vlaanderen schering en inslag.’ De Vlaamse burgerlijke stand schakelt bij twijfel over schijnhuwelijken vaker de parketten in dan die in Wallonië, bevestigt Foblets. ‘Maar daar hoeven we geen voorbarige conclusies uit te trekken. Diezelfde regionale verschillen zie je ook binnen het strafrecht inzake verkeersovertredingen. Waarom krijgen mensen in de ene stad meer parkeerboetes dan in de andere?’
Marie-Claire Foblets gelooft dat de praktijk de volgende jaren veel zal verhelderen, zowel in Marokko als in België. ‘Marokko kan zeker op het vlak van de rechten en de bescherming van de vrouw nog beter, maar de nieuwe moudawana is een ongelooflijke stap vooruit tegenover het wetboek van vroeger De hervorming is een onvoorstelbaar omvattend werk geweest, binnen een samenleving die totaal anders is georganiseerd dan de onze. De kritische stemmen over de nieuwe moudawana moeten dus in de eerste plaats uit Marokko zelf komen, niet van hier.’
Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur