Vrijhandelsakkoord tussen EU en India nog niet voor morgen

De EU wil een eventueel vrijhandelsakkoord met India koppelen aan afspraken over mensenrechten en massavernietigingswapens. India is daar tegen. Niet-gouvernementele organisaties vrezen dan weer dat het akkoord de economische zelfbeschikking van India zal ondermijnen.
Het idee om onderhandelingen over een bilateraal vrijhandelsakkoord tussen de EU en India te starten, werd overeengekomen op een top tussen India en de EU in Helsinki, in oktober vorig jaar. De voorbije weken doken echter twee grote hindernissen op: mensenrechtenproblemen en massavernietigingswapens.
De EU is sinds 1995 met handen en voeten gebonden aan een eigen beslissing dat elk politiek of handelsakkoord met de rest van de wereld moet worden gekoppeld aan een verbintenis over betere mensenrechten en meer democratie. Dat punt ligt voor India gevoelig.
De Europese leiders beseffen dat. Daarom wil de Europese Commissie nu voor India een uitzondering maken. De Commissie voert als argument aan dat het thema van de mensenrechten al is opgenomen in een samenwerkingsakkoord met India uit 1994 en dat een vrijhandelsakkoord daarom kan worden beperkt tot het economische luik.
India zelf verzet zich dan weer tegen een extra verbintenis over massavernietigingswapens. Het akkoord zou India verplichten de internationale conventies tegen chemische en biologische wapens te aanvaarden. Het nucleaire non-proliferatie verdrag (NPT), dat India blijft weigeren te aanvaarden, zou in het akkoord niet ter sprake komen.
Niet-gouvernementele organisaties verdenken de EU ervan een verborgen agenda te hebben. Een vrijhandelsakkoord met India zou volgens ngo’s de EU de garantie kunnen geven dat India in de Wereldhandelsorganisatie niet langer de kant kiest van de ontwikkelingslanden.
De EU haalt de terughoudendheid van India om zijn markt open te stellen voor westerse bedrijven aan als een van de redenen waarom de Doha-ronde - de onderhandelingen over de verdere liberalisering van de wereldhandel - tot dusver onsuccesvol is gebleken.
Activisten van ontwikkelingsorganisaties geloven dat de vrijhandelsdeal tussen de EU en India vooral westerse multinationals tevreden moet stellen. Ze vrezen dat een akkoord de manoeuvreerruimte van India zal beperken om de activiteiten van dergelijke grote bedrijven aan banden te leggen.
“Recente studies over vrijhandelsakkoorden door de Universiteit van Oxford tonen aan dat zulke akkoorden vooral in het voordeel van de sterke partij spelen”, zegt Astab Alam, coördinator van de handelscampagne van de Britse hulporganisatie Action Aid. “Aangezien de EU op economisch en politiek vlak sterker staat dan India, is dus vooral de EU bij het akkoord gebaat.”
“De EU is alleen geïnteresseerd in haar eigen handelsbelangen. De Unie wil toegang tot elke markt, tegen elke prijs”, aldus nog Alam. Terwijl de EU goed is voor bijna 20 procent van de Indiase export, is India met 1,8 procent slechts de tiende handelsbestemming van de EU. India krijgt ook minder dan één procent van de buitenlandse investeringen van de EU.
“De EU wil zijn landbouw- en industriële producten opdringen omdat India een grote markt is. Dit is nadelig voor arme boeren en industriële ondernemers in India”, zegt Alam. Indiase handelaars en boeren protesteerden begin deze week tegen het bezoek van Pascal Lamy, de directeur-generaal van de Wereldhandelsorganisatie. Ze wijzen erop dat meer dan 600 miljoen mensen in India voor hun levensonderhoud afhangen van de landbouw. Daarom zijn ze tegen de liberalisering van de landbouwhandel.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift