“VS moeten met Syrië praten”

De Amerikaanse regering houdt de boot voorlopig nog af, maar de druk op het Witte Huis om te gaan praten met Syrië neemt toe. Afspraken met Damascus zouden het de VS veel makkelijker maken in het Midden-Oosten.
Syrië behoort officieel niet tot de “As van het Kwaad”, de landen die volgens de Amerikaanse regering de grootste bedreiging vormen voor vrede, vrijheid en democratie in de wereld. Maar sinds de aan Syrië toegeschreven moord op de voormalige Libanese premier Rafik Hariri in 2005, krijgt het Arabische land van de VS wel dezelfde vijandige behandeling als Noord-Korea, Iran en het Irak van voor de invasie van 2003.

Dat beleid is steeds moeilijker vol te houden. Het geostrategische belang van Syrië is niet te onderschatten, vooral niet sinds de oorlog van de voorbije zomer tussen Israël en de islamitische Hezbollah in Libanon en de toenemende roep in de VS om de 140.000 soldaten in Irak terug naar huis te halen.

“Alle grote uitdagingen die we in het Midden-Oosten hebben – Irak, Iran, het conflict tussen Israël en de Arabische landen en de rol van de Hezbollah en van Hamas - worden ingewikkelder zonder de medewerking van Syrië”, zegt Edward Djerejian, de Amerikaanse ambassadeur in Damascus onder Ronald Reagan en George Bush senior.

Djerejian, die nu aan het hoofd staat van het James A. Baker III Institut voor Openbaar Beleid in Houston, is een republikeinse ‘realist’. Zijn partijgenoot, de voorzitter van de senaatscommissie voor Buitenlandse Zaken Richard Lugar, denkt net hetzelfde over Syrië. En gelijkaardige stemmen gaan op bij de Europese bondgenoten van de VS, met name in Groot-Brittannië.

Ook vooraanstaande Israëli’s, waaronder zelfs hooggeplaatste regeringsmedewerkers, vinden dat Washington moet uittesten hoe diep het water tussen de VS en de Syrische president Bashar al-Assad is. Assad riep Israël onlangs via het Duitse magazine Der Spiegel en de BBC op om een vredesakkoord met Syrië uit te werken. Israël wil aan de weet komen of er echt goede bedoelingen schuilgaan achter dat verrassende initiatief. Maar de beleidsmakers in Jeruzalem willen vooral geen kans onbenut laten om Syrië los te weken uit zijn alliantie met Iran en de Hezbollah.

“Assad is erop uit de Golanvlakte terug te krijgen van Israël, maar nog belangrijker vindt hij betrekkingen met de VS”, oordeelde David Kimche vorige week tijdens een diner in Washington. Kimche is een voormalige directeur van het Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken en zit nu de Israëlische Raad voor Buitenlandse Relaties voor. “Het is in het belang van de VS dat Syrië uit de omhelzing van Iran wordt gehaald”, zei Kimche. “Ook de gematigde Arabieren zouden dat initiatief begroeten.” En ook de hervatting van gesprekken tussen Israëli’s en Palestijnen zou erdoor vergemakkelijkt kunnen worden.

Misschien begint de Amerikaanse regering wel te luisteren naar al die suggesties. Het Witte Huis zette vorige maand het licht op groen voor een ontmoeting tussen de voormalige Buitenlandminister James Baker, nu voorzitter van de door het Amerikaanse parlement aangestelde Studiegroep Irak, en de Syrische Buitenlandminister Walid Muallem in New York.

En misschien gaat de regering-Bush nog verder na de tussentijdse verkiezingen van november. Maar voorlopig blijft het officiële standpunt van de VS ongewijzigd. Om relaties met de VS te kunnen aangaan, moet Syrië ermee ophouden de Libanese regering te ondermijnen, Israël helpen de soldaat terug te krijgen die voor de zomer door Hamas ontvoerd werd, Hamas en Hezbollah ervan afhouden de democratieën in het Midden-Oosten te destabiliseren en een positieve rol spelen in Irak, somde Bush woensdag op tijdens een persconferentie.

Vanuit zijn regering krijgt president Bush tegengestelde adviezen over Syrië. Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken dringt al sinds de eerste dagen van de oorlog tussen Israël en de Hezbollah aan op een dialoog met Damascus. De Amerikaanse diplomaten worden daarin gesteund door de regering van de Israëlische premier Ehud Olmert.

Maar de haviken in de Nationale Veiligheidsraad en rond vice-president Dick Cheney gingen op de rem staan. Zij willen voor een “regimewissel” in Damascus gaan. De Amerikaanse haviken geloven dat Assad niet geïnteresseerd is in vrede en vrezen ook dat zijn machtsbasis zodanig verzwakt is dat hij alleen met hulp van Iran in het zadel kan blijven. Daardoor kan zijn band met het regime in Teheran niet zomaar worden doorgesneden. Onderhandelingen met de VS zouden Assad bovendien bijkomende legitimiteit verschaffen, de oppositie in Syrië verzwakken en de pro-westerse stromingen in Libanon verzwakken.

De argumenten klinken de laatste weken minder overtuigend, onder meer door de verslechtering van de situatie in Iran en de toenemende roep tot bijsturing van het Amerikaanse beleid in de VS en in het Midden-Oosten.

Experts trekken ook de inschatting van de positie van Assad en van de relaties tussen Syrië en Iran in twijfel. “Het lijkt me tamelijk duidelijk dat het regime in Damascus niet op zijn laatste benen loopt”, zegt Dennis Ross, een topvredesgezant voor het Midden-Oosten onder de presidenten Bush senior en Bill Clinton. Meer en meer kenners geloven ook dat Syrië eerder een tactische dan een strategische relatie heeft met Iran, die dus makkelijker kan worden verbroken.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2643   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift