Waarheid duur betaald in Guatemala

De barbaarse moord op de Guatemalteekse bisschop Juan Girardi sloeg in als een bom. Centraal-Amerika kreeg een tweede ‘Romero’. Wie had gedacht dat anno 1998, ruim twee jaar na het ondertekenen van de vredesakkoorden, het democratiseringsproces zo gruwelijk geschonden kon worden?
Half april schrapte de VN Guatemala van de lijst landen waar de mensenrechten worden geschonden.Enkele dagen later werd hulpbisschop Girardi vermoord. Hij had bij de VN nog gepleit voor één jaar uitstel omdat de voortdurende geweldplegingen hem nog te zeer verontrustten.

Nooit meer oorlog

‘We konden niet vermoeden dat ze zo vermetel zouden zijn om een bisschop te vermoorden. Ook Girardi zelf geloofde niet dat het menens was. Zelfs in volle oorlogstijd is zoiets niet gebeurd.’ Mario Polanco probeert wat inzicht te brengen in de gebeurtenissen van de afgelopen dagen. Polanco behoort tot de GAM, één van de eerste organisaties in Guatemala die het opnam voor de slachtoffers van de burgeroorlog. Al jarenlang is hij een trouwe medewerker van bisschop Girardi. De vijfenzeventigjarige hulpbisschop van Guatelama-stad werd op zondagavond 26 april met een betonnen blok in elkaar geklopt toen hij terugkeerde naar zijn pastorij. Een vierentwintigjarige man die zijn leven deelt met de andere bedelaars in de straten van de hoofdstad is intussen als verdachte opgepakt, maar dat is voor Polanco slechts een detail. Dat de moord politieke motieven heeft, is duidelijk. Girardi was een cruciale figuur in het hele streven naar vrede, gerechtigheid en wederopbouw. Een gedreven man die weigerde de bloedige geschiedenis van zijn land te vergeten. ‘Alleen door de herinnering aan het verleden levend houden, door het lijden van het volk te erkennen en de waarheid aan het licht te brengen, kan een nieuwe toekomst kansen krijgen. Aan die aanpak zijn echter risico’s verbonden’, placht de bisschop te zeggen. Dat herhaalde hij ook toen hij, twee dagen voor de moord, op vrijdag 24 april, het rapport voorstelde ‘Guatemala: nooit meer’. Het lijvige document is het resultaat van vier jaar onderzoek naar de verantwoordelijken voor de gruweldaden van meer dan dertig jaar burgeroorlog. Bisschop Girardi coördineerde dat onderzoek vanuit het Bureau voor Mensenrechten van het Aartsbisdom en zorgde voor de uitvoering ervan door de oprichting van een grootschalig project waarbij alle parochies over het hele land ingeschakeld werden om getuigenissen van slachtoffers op te tekenen. Het eindrapport stelde het leger verantwoordelijk voor tachtig procent van de gewelddaden, tegenover negen procent die op rekening van de URNG-guerrilla komt. De overige elf procent blijft onduidelijk. Na de voorstelling van dit rapport, op vrijdagavond, begonnen de dreigtelefoons aan het adres van Girardi. De bisschop verkoos echter gewoon zijn agenda van het weekend af te werken. Hij had immers vroeger ook al bedreigingen ontvangen.

Het monster is niet dood

Het vermoeden van mensen als Rigoberta Menchú ging onmiddellijk in de richting van het leger als verantwoordelijke voor deze aanslag. Ook een groot deel van de mensen in Guatemala, die via radio en tv naar hun mening gevraagd werden, beschuldigden het leger. Polanco nuanceert: ‘De aanslag is zeer waarschijnlijk niet gebeurd in opdracht van het opperbevel van het leger. Dat leger heeft zijn moreel gezag volledig verloren door de gruweldaden van het verleden. Politiek heeft het een nederlaag geleden en momenteel is het er eerder op uit om zijn imago bij het volk op te poetsen. Wel ben ik er haast zeker van dat een groep militairen die bindingen heeft met een uiterst rechtse politieke partij verantwoordelijk is.’ Om veiligheidsredenen wil Polanco liever geen namen noemen, maar zelf noteer ik die van de vroegere president Efraín Rios Montt en zijn politieke partij FRG, het Guatemalteeks Republikeins Front. Ríos Montt, die van 1982 tot 1983 aan de macht was, is verantwoordelijk voor één van de gruwelijkste periodes van Guatemala’s verleden. Onder zijn bewind werden indiaanse dorpen afgebrand en sloeg de bevolking massaal op de vlucht. Bij de verkiezingen in 1995 trad hij via zijn ‘stroman’ Alfonso Portillo opnieuw aan op het politieke toneel. Bij de presidentsverkiezingen die in augustus 1999 plaatsvinden, hoopt Ríos Montt definitief de slag thuis te halen die hij de vorige keer op het nippertje verloor.

Niet dat de mensen in Guatemala vergeten waar Ríos Montt voor staat. Wel hebben velen bij de vorige verkiezingen zijn stem niet uitgebracht, uit angst of omwille van een gebrekkige administratie. Bovendien, aldus Polanco, willen de mensen rust. Men snakt naar een geregeld leven en daar speelt het FRG op in. Polanco: ‘De oorlog is beëindigd maar het leger patrouilleert nog steeds in de regio’s waar het vroeger patrouilleerde. De burgermilities die vroeger actief waren, zijn opgeheven in het kader van de vredesakkoorden. Dezelfde jongens die hun wapens inleverden, kopen die echter opnieuw op. Dat doen ze op voorstel van het leger, die hen als privé-wachten inzet, zogezegd tegen de woekerende criminaliteit. Het probleem is dat deze ex-burgermilities zelf plunderen. Het leger laat hen begaan, omdat ze voor hen werken, omdat ze de burgerbevolking controleren en noteren wie tot welke organisatie behoort. Guatemala, net als andere landen van Latijns-Amerika, wordt overspoeld door een golf van criminaliteit, gijzelingen en drugstraffiek. De angst en het gevoel van onzekerheid groeien met de dag.’

De strategie van de onzekerheid

Volgens Polanco wordt dit klimaat van onveiligheid bewust gecreëerd. ‘Latijns-Amerika krijgt telkens opnieuw andere recepten opgedrongen vanwege zijn noorderbuur. In de jaren zestig moesten er overal militaire regimes aan de macht komen, maar die riepen als reactie overal guerrillagroepen in het leven. Nu moeten we allemaal op de neoliberale boot. Iedereen, zonder uitzondering. Intussen stimuleert men een klimaat van onzekerheid en angst om daarna autoritaire leiders aan de macht te brengen.’ Polanco ziet in Latijns-Amerika steeds duidelijker een evolutie in de richting van het fascisme. Als voorbeelden hiervan haalt hij Banzer aan in Bolivië, Fujimori in Peru en Lino Oviedo die opnieuw president wil worden in Paraguay.

Betekent de moord op de bisschop dan alvast de definitieve doodsteek voor het vredesproces, waarmee Ríos Montt alleszins niet is opgezet? ‘Met de moord willen ze ons duidelijk maken dat we best een punt zetten achter al onze activiteiten.’ De hele zondag, op die zesentwintigste april, had ook bij Mario om het kwartier de telefoon gerinkeld. Telkens wanneer hij de hoorn opnam, werd er aan de andere kant van de lijn ingelegd. ‘We kunnen morgen evengoed het slachtoffer worden. Toch kunnen we niet anders dan onze activiteiten opdrijven. Het is de enige manier om aan het werk van Girardi recht te doen en om de straffeloosheid niet te laten zegevieren.’ Maar daaraan zijn risico’s verbonden.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 2793   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift

Over de auteur

  • Latijns-Amerika & ecologie
    Alma De Walsche schrijft over ecologische thema’s, van klimaat- en energiebeleid, over landbouw- en voedsel tot transitie-initiatieven en baanbrekers. Ze volgt al enkele decennia Latijns-Amerika, met een speciale focus op de Andeslanden.

Met de steun van

 2793  

Onze leden

11.11.1111.11.11 Search <em>for</em> Common GroundSearch for Common Ground Broederlijk delenBroederlijk Delen Rikolto (Vredeseilanden)Rikolto ZebrastraatZebrastraat Fair Trade BelgiumFairtrade Belgium 
MemisaMemisa Plan BelgiePlan WSM (Wereldsolidariteit)WSM Oxfam BelgiëOxfam België  Handicap InternationalHandicap International Artsen Zonder VakantieArtsen Zonder Vakantie FosFOS
 UnicefUnicef  Dokters van de WereldDokters van de wereld Caritas VlaanderenCaritas Vlaanderen

© Wereldmediahuis vzw — 2024.

De Vlaamse overheid is niet verantwoordelijk voor de inhoud van deze website.