Westerse megafoondiplomatie helpt Zimbabwe niet vooruit

Sinds de uitbraak van de cholera-epidemie in de zomer van 2008 zijn al meer dan drieduizend Zimbabwanen aan de ziekte gestorven. Opnieuw piekt de westerse verontwaardiging over dictator Mugabe. Is het geen tijd om in te grijpen? Hebben wij immers niet de responsibility to protect?
De jongste crisis  in Zimbabwe dateert van de parlementsverkiezingen in maart vorig jaar. Die werden gewonnen door oppositieleider Morgan Tsvangirai (MDC), maar Robert Mugabe (Zanu-PF) weigerde de presidentstitel af te staan. De toenmalige president van Zuid-Afrika Thabo Mbeki en tevens voorzitter van de SADC-landen (Southern African Development Community) werd aangeduid als bemiddelaar.
Zuid-Afrika heeft veel gewicht in de regio. Het hoeft maar de stroomtoevoer af te snijden en heel Zimbabwe zit in het donker. Maar Mbeki heeft Mugabe gespaard, niet in het minst wegens het gemeenschappelijk verleden van de bevrijdingsbewegingen ANC en Zanu-PF. Bovendien kan Mbeki de oppositieleider van MDC eigenlijk niet hebben. In zijn ogen heeft Tsvangirai nooit behoord tot de familie van vrijheidsstrijders, waarvan Mugabe ooit het lichtend voorbeeld was.
Mbeki neemt het vakbondsleider Tsvangirai ook danig kwalijk dat hij in Zuid-Afrika steun kwam zoeken bij de (blanke) oppositiepartij Democratische Alliantie en bij (blanke) zakenlui. Bovendien droeg Tsvangirai al de stempel van “lakei van het Westen”, gezien de steun die hij vanuit de VS en Groot-Brittannië geniet.
Ook de andere SADC-landen –op Botswana na– bleven trouw aan dictator Mugabe. Het westerse klaroengeschal in naam van de democratie was daar niet vreemd aan. Telkens de Britse of Amerikaanse regering Mugabe aanporde om te vertrekken, met sancties dreigde of haar steun betuigde aan Tsvangirai, werd diens imago als handlanger van het Westen nog aangescherpt. Wat hem weer krediet kostte op het zwarte continent.
Westerse megafoondiplomatie haalt niets uit, integendeel. Als we dan toch zo bekommerd zijn om democratie in Zimbabwe, waarom hebben we dan vanaf de jaren negentig niet meer steun gegeven aan lokale haarden van contestatie, aan mensen en verenigingen, vakbonden en middenveldorganisaties? Onze responsibility to protect begint niet pas als er al drieduizend choleradoden zijn in Zimbabwe (of een miljoen lijken in Rwanda). Zodra het fout begon te lopen in Zimbabwe hadden we kunnen ingrijpen. In stilte. Helaas ontbreekt het meestal aan visie, geduld en bescheidenheid, toch een vereiste voor duurzaam terreinwerk.
Misschien wordt het ook tijd om made in Africa-initiatieven, genre Afrikaanse Unie of SADC, au sérieux te nemen. En niet, zoals Spanje nu, zoete broodjes te bakken met coupplegers, alleen maar omwille van visrechten voor de Mauritaanse kust. Gênant, niet, als diezelfde Mauretaanse putschisten net veroordeeld zijn door de Afrikaanse Unie? Wie is hier democratisch? Toegegeven: ook Afrikaanse organisaties laten zich leiden door eigenbelang. Net als in het Westen zijn staatsleiders wel altijd iemands neef, buurman, ex-bondgenoot of handelspartner. Maar op zijn minst kan niemand ze verwijten imperialistische belangen te verdedigen wanneer ze onderling tot een consensus komen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2643   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift