WHO zoekt toenadering tot VN

Onder druk van de onzekere internationale economische toestand lijkt de Wereldhandelsorganisatie (WHO) toenadering te zoeken tot het systeem van de Verenigde Naties (VN). De WHO streeft naar een intensere samenwerking met het oog op de komende ronde van multilaterale handelsgesprekken. Ook de komst van een nieuwe algemeen directeur heeft de toenadering bespoedigd.

In september werd Supachai Panitchpakdi aangesteld als hoofd van de WHO. Hij schonk meteen klare wijn. Volgens hem kan de WHO bij de complexe nieuwe handelsronde onmogelijk in haar eentje de doelstellingen bereiken die de lidstaten hebben vooropgezet, zoals de ontwikkelingslanden betere toegangskansen bieden tot de wereldmarkt. We kunnen alleen maar samenwerken met onze vrienden in internationale instellingen die gelijkaardige doelstellingen hebben en die ook over de middelen beschikken om onze inspanningen kracht bij te zetten, onderstreepte Supachai, voormalig vice-premier van Thailand.

Supachai is de eerste persoon uit een ontwikkelingsland die aan het hoofd komt van de organisatie die verantwoordelijk is voor het toezicht op het multilaterale handelssysteem. Sinds de oprichting van de WHO in 1995 is de leiding altijd in handen geweest van vertegenwoordigers uit de industrielanden. De eerste was de Italiaan Renato Ruggiero. Hij stond tot 1999 aan het hoofd van de WHO en werd opgevolgd door Mike Moore uit Nieuw-Zeeland, die op 31 augustus zijn opdracht beëindigde. Onder deze beide leiders onderhield de WHO louter formele relaties met de instellingen van de VN. Bij officieuze gelegenheden was wel vaker gebleken dat WHO-functionarissen best tevreden waren met die onafhankelijkheid.

Maar meteen op de eerste dag van zijn mandaat kondigde Supachai aan dat de WHO nauwer zou samenwerken met het VN-Ontwikkelingsprogramma UNDP, de VN-Organisatie voor Industriële Ontwikkeling UNIDO, het Internationaal Monetair Fonds (IMF), de Wereldbank en vooral de VN-Conferentie voor Handel en Ontwikkeling UNCTAD. Volgens Supachai kan UNCTAD op veel kortere termijn dan de WHO een echte verstandhouding bereiken over handelsthema’s die van belang zijn voor de ontwikkelingslanden.

Tijdens een vergadering van de Handels- en Ontwikkelingsraad, het hoogste orgaan van UNCTAD tussen twee conferenties in, stelde Supachai eerder deze week dat het multilaterale handelssysteem ondanks het algemene gevoel van economische onzekerheid echt vooruitgang moet boeken in de gesprekken die vorig jaar in december zijn gelanceerd tijdens de vierde ministerconferentie in Doha in Qatar. Rubens Ricupero, algemeen secretaris van UNCTAD, drukte zijn bezorgdheid uit over het feit dat ontwikkelingsthema’s tegenwoordig alweer op de achtergrond dreigen te verdwijnen omdat de wereld wordt geconfronteerd met risico’s en onzekerheid, zowel op economisch als op veiligheidsvlak. Hij riep op tot een versterking van de multilaterale aanpak voor het formuleren van constructieve oplossingen voor de huidige wereldwijde problemen. Ricupero betoonde alvast zijn tevredenheid dat de multilaterale aanpak nog altijd de overhand heeft in de handelssector. Maar om de waarden van het multilaterale handelssysteem echt te handhaven moeten de handelsbesprekingen volgens hem met succes en zonder onnodige vertraging worden afgerond.

De nieuwe Doha-gespreksronde moet de markten opengooien op het terrein van landbouw, goederen, diensten en intellectuele eigendomsrechten en ook aandacht hebben voor handel en milieu, investeringen, concurrentie, de toestand van de minst ontwikkelde landen en kleine economische mogendheden. De termijn voor de onderhandelingen verstrijkt vanaf 1 januari 2005.

Supachai geeft toe dat sommige onderhandelingen al vertraging hebben opgelopen, zoals de gesprekken over de speciale en gedifferentieerde behandeling, een mechanisme dat bij de vrijmaking van de handel rekening houdt met de verschillende ontwikkelingsniveaus van de WHO-leden. In september 2003 houdt de WHO haar vijfde ministerconferentie in het Mexicaanse Cancun. Supachai beschouwt die vergadering als een soort tussentijdse evaluatie van de Doha-ronde. Hij wil dat het substantiële deel van de onderhandelingen zijn beslag krijgt voor Cancun, want anders wordt het moeilijk de ronde op tijd af te sluiten.

De WHO-baas waarschuwt de 144 WHO-lidstaten alvast geen vertragingstactieken te gebruiken om hun onderhandelingspositie te versterken, want bij de gesprekken kan geen enkel akkoord worden bereikt zolang er geen eensgezindheid bestaat over alle punten, zonder uitzonderingen. Rubens Ricupero heeft de WHO alvast de volledige steun toegezegd van de deskundigen van UNCTAD, met de bedoeling de ontwikkelingslanden zo goed mogelijk te helpen.

Gustavo Capdevilla

Xml=3

Ref: if dv

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2848   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift