Willy K. geofferd op het altaar van de BRICS

De Belg Willy Kiekens is wellicht een van de eerste diplomatieke slachtoffers van de machtsverschuivingen in de wereld.

  • Lectrr Lectrr

Kiekens was zeventien jaar de Belgische executive director in de bestuursraad van het Internationaal Muntfonds (IMF). Sinds enkele maanden is hij nog slechts plaatsvervangend directeur voor de Nederlander Menno Snel, die nu directeur is van een Nederlands-Belgische stemgroep. Als alles goed gaat, vervangt Kiekens hem na twee jaar. Daardoor zit er voor het eerst geen Belg meer in het bestuur van het IMF.

In zekere zin siert het België en Nederland dat ze als eerste kleine Europese landen iets aan hun “oververtegenwoordiging” in het IMF hebben gedaan. ‘Polen en Zwitserland, en Spanje en Italië worden ook geacht hun zetels samen te voegen, maar ze zijn nog zo ver niet’, zegt Kiekens.

Opkomende landen als China, India, Turkije en Zuid-Korea vragen al jaren om meer stem en invloed in het IMF. Het ergert hen dat een land als België nog altijd meer stemmen heeft dan Brazilië. De G20 –de groep van 19 leidende economieën plus de Europese Unie– besliste in 2009 dat zes procent van de stemmen moest verschuiven van oververtegenwoordigde naar ondervertegenwoordigde landen. De Verenigde Staten wilden dat graag vertaald zien in een verlaging van de Europese impact.

Die impact situeert zich ter hoogte van de bestuursraad waar de Europeanen twaalf van de 24 directeurs leverden, evenals de managing director (MD) –momenteel Christine Lagarde– die de raad voorzit maar tevens de IMF-staf van 2500 personeelsleden leidt. De MD is al 68 jaar een Europeaan. Dat is zo overeengekomen in een deal met de VS, die op hun beurt steevast de voorzitter van de Wereldbank leveren.

De Europese macht vertaalt zich ook in de stempercentages. De Europeanen hebben nog altijd 30,2 procent van de stemmen, nauwelijks minder dan de 31,8 procent van voor de hervorming van 2010.

Daarom blijven critici deze hervorming te weinig en te laat vinden. ‘Het IMF is ondemocratisch omdat het bevolkingsaantal van landen te weinig doorweegt en er nog steeds te weinig transparantie is’, zegt Jesse Griffiths van het internationale ngo-netwerk Eurodad. Nu is het stemmenaantal van landen gebaseerd op een formule waarin het bnp, de handelsopenheid en de internationale geldreserves een rol spelen. Dat verklaart waarom het zeer open België relatief veel gewicht heeft.

Achter de discussie over de berekening van de stemverdeling schuilt een rauwe machtsstrijd.

 

Hoewel de hervorming nog steeds niet echt van kracht is, omdat het Amerikaanse Congres ze nog niet heeft gestemd, wordt al over een nieuwe herverdeling van stemmen gepraat. Kiekens: ‘De VS hebben dringend nood aan een nieuwe formule omdat ze met de huidige formule hun veto dreigen te verliezen.’ Voor belangrijke beslissingen is bij het IMF 85 procent van de stemmen vereist. Momenteel tellen de VS nog 16,9 procent van de stemmen maar door de crisis zakt dat percentage snel. Daarom willen de VS een formule die gunstig is voor hen. Kiekens: ‘Dat is een formule die louter gebaseerd is op het bnp. Dan gaan de VS weer naar 23 procent. India wil dan weer een formule die enkel steunt op koopkrachtpariteit. Daardoor zou het land van 2,6 naar 5,3 procent gaan, terwijl België zou wegzakken van 1,34 naar 0,55 procent. Zo’n eenzijdige formules zullen nooit genoeg steun vinden. Bovendien zullen China en India zo over een generatie de helft van de stemmen hebben.’ Achter de op het eerste zicht intellectuele discussie over een passende formule schuilt dus een rauwe machtsstrijd.

België en Europa bereiden zich voor op verdere druk op hun verworvenheden, zoals het voorrecht om de managing director (MD) te leveren. Opvallend is dat Kiekens pleit voor een raad van MD’s. ‘De macht van de MD is in de loop der jaren sterk toegenomen. Hij of zij leidt de staf die het jaarlijkse toezicht doet op de economie van al onze leden en weegt daar heel zwaar op. Daarom zou het goed zijn dat dit niet meer van één man of vrouw afhangt.’

Jesse Griffiths noemt het IMF een zeer politieke organisatie die beslist over mensen en door haar geloof in de Washington Consensus (neoliberaal beleid gericht op het terugdringen van de rol van de overheid en het uitbreiden van de rol van de markt) veel schade heeft aangericht.

Willy Kiekens ontkent dit niet echt: ‘Ons grootste falen is dat we de crisis en dus het falen van de markt, niet zagen aankomen en dat heeft inderdaad met de Washington Consensus te maken. Meer agressieve regulering van financiële instellingen en beter werkende markten met meer informatie zijn absoluut noodzakelijk.’ Kiekens vindt ook dat het IMF aandacht moet hebben voor thema’s als ongelijkheid en faire belastingen.

Legitimiteit heeft volgens Kiekens met meer te maken dan quota. ‘De wereld is klein geworden. Globaal bestuur is nodig maar om effectief te zijn moet het steun genieten. Mensen moeten achter ons beleid staan omdat het steunt op gedeelde waarden. Het IMF heeft de steun nodig van een actieve civiele samenleving en moet daar het nodige voor doen. Alleen zo kunnen grote landen onder druk worden gezet rekening te houden met de gevolgen van hun beleid voor anderen. Die zogenaamde spillovers zijn na lange strijd een vast onderdeel van ons jaarlijkse landentoezicht geworden, een grote stap vooruit. Het IMF moet samenwerken met de publieke opinie om de inconsistenties en het kortetermijndenken bloot te leggen en zo zelfs grote landen ertoe te bewegen het juiste te doen.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3174   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur