"Wir haben es gewusst"

Niet alle Israëli’s zijn het eens met het beleid van hun regering. Sommige onder hen zetten hun ongenoegen in daden om. Caroline de Neve trok naar de controleposten tussen Israël en Palestijns gebied met de vrouwen van Machsom Watch.
Er hangen donkergrijze wolken over Qalandiya en de wind waait het stof in alle hoeken, kieren en ogen. Qalandiya is de tussenschakel tussen het noordelijke en het zuidelijke deel van Palestina. Enkele maanden geleden was er nog een speciale pas vereist om hier voorbij te mogen. Daardoor werden de Palestijnen verplicht kilometerslange omwegen te maken om in Hebron te geraken. Vandaag gelden weer andere regels en kunnen de Palestijnen zich opnieuw door het checkpoint wagen. Massa’s Palestijnen met dozen, kinderen op de arm of plastic zakken in de handen passeren dagelijks deze controlepost. Rijen mensen schuiven voetje voor voetje langs de betonnen muurtjes die vrouwen van mannen scheiden.
Edna, Tzipi en Marta -drie Israëlische vrouwen- arriveren aan de controlepost. Zij maken deel uit van Machsom Watch, een Israëlische vrouwenbeweging met zo’n 500 leden van alle leeftijden en strekkingen. Machsom is het Hebreeuwse woord voor controlepost. Elke ochtend en namiddag trekken de vrouwen naar de checkpoints om er als moeders te waken over de Israëlische militairen. De wachtenden in Qalandiya klagen allemaal over het lange wachten, de pesterijen, de vernederingen. Ala’a I. Abu Rub, lid van de Palestijnse Autoriteit en werkzaam op het ministerie van Gezondheid, schuift aan met zijn vrouw en hun twee zonen. ‘Op deze plek zijn al veel baby’s geboren’, zegt hij. Hij vertelt over ziekenwagens die beschoten worden, patiënten die niet verder mogen, mensen die een fikse rammeling krijgen, zomaar.

De controleposten zijn het probleem


Machsom Watch werd in februari 2001 opgericht door Ronnee Jaeger, Yehudit Keshet en Adi Kuntsman. ‘Rond 5 uur ‘s ochtends besloten we naar een checkpoint te rijden. We hadden al wat gedronken en voelden ons stevig in onze schoenen staan. Toen we daar aankwamen, vroegen enkele militairen wat we van plan waren. Yehudit antwoordde dat we naar de zonsopgang kwamen kijken. En ze geloofden ons! Dus lieten ze ons met rust en konden wij hen ongestoord observeren. Eenmaal we die stap hadden gezet, was het gemakkelijker om de volgende dag terug te komen en daarna elke dag opnieuw’, vertelt Ronnee (65). ‘We werken telkens in groepjes van drie of vier vrouwen.
Tijdens elke uitstap wordt een rapport opgemaakt dat vervolgens op de website wordt geplaatst. We sturen het ook door naar ngo’s, leden van de Knesset, nationale en internationale pers en belangrijke sleutelfiguren’, zegt Yehudit (62) in West-Jeruzalem, aan de betere kant van de Muur. Op de vraag wat de meest voorkomende klachten zijn aan de checkpoints, roept Ronnee: ‘De checkpoints zelf zijn het grote probleem! De Palestijnen moeten er vaak lang wachten, er is geen water, er zijn geen toiletten of andere faciliteiten voorzien.
Daarenboven gedragen de militairen zich heel agressief. Ze hebben geen greintje respect, ze gebruiken verbaal en fysiek geweld, ze behandelen de mensen als dieren. “Verdachte” jongemannen worden vaak urenlang in een wachtruimte vastgehouden, ze moeten zich uitkleden terwijl iedereen toekijkt, ze worden gepest en soms afgeranseld. We ontvangen ook veel klachten van medische teams omdat hun ziekenwagens worden tegengehouden terwijl ze patiënten vervoeren.’

Israëli’s zonder uniformen


Tamar Avraham en Shalmit Bejerano gaan op hun ochtendinspectie eerst langs bij Checkpoint 300, op de hoofdweg van Jeruzalem naar Bethlehem. Alles lijkt hier vlot te verlopen. Eén van de militairen komt een praatje maken. Hij is hoogstens 22 jaar. ‘Soms zijn ze blij wanneer we op bezoek komen’, zegt Shalmit. ‘Uiteindelijk zitten ze hier de hele dag niets te doen. Na een tijdje vervelen ze zich en dan moeten de Palestijnen het ontgelden.’
Bij de tweede halte, Al-Khadr, staan tientallen taxi’s te wachten op passagiers die door de wegblokkade proberen te komen. Militairen houden soms gedurende twee of drie uur honderden mensen tegen. Taxichauffeurs worden verplicht hun autosleutels af te geven. ‘Machsom Watch kan hieraan niets veranderen’, zegt Shalmit, ‘maar we luisteren en dat geeft hen een goed gevoel. Zo komen ze ook eens in contact met Israëli’s die geen uniform dragen en oog hebben voor hun problemen.’
De laatste halte van de inspectieronde is het DCO kantoor (The District Civil liaison Offices) nabij Abu Dis. In deze kantoren kunnen Palestijnen een speciale pas aanvragen om een checkpoint te passeren of om Israël binnen te komen. Shalmit legt uit dat de bureaucratie van de Bezetting de grootste kwaal is voor de Palestijnen. De resem toelatingspassen -oranje, groen of blauw-, speciale toestemmingen, magnetische kaarten en andere vergunningen beperken de bewegingsvrijheid van de Palestijnen in hoge mate. Voor Palestijnse inwoners van Oost-Jeruzalem bijvoorbeeld is het verboden om de A-gebieden -Bezette gebieden onder controle van de Palestijnse Autoriteit- te betreden. Andersom mogen Palestijnen die in de Bezette gebieden wonen alleen naar Oost-Jeruzalem of Israël met een speciale vergunning. Maar die krijgen ze bijna nooit.
Van zijn vijf loketten in het DCO kantoor, maar er is slechts één open. De Palestijnen moeten langs een elektronisch draaihek naar de loketten. Dat draaihek wordt bestuurd door een Israëlische soldaat die vanuit een uitkijktoren zijn M16 op de Machsomvrouwen gericht houdt. Vandaag is het niet druk in de wachtkamer.
Eén van de Palestijnen vertelt dat de politie hem een tijdje geleden had opgepakt. Aangezien hij niet werd aangehouden, dacht hij dat daarmee alles was opgelost. Vandaag kwam hij aan het loket te weten dat hij omwille van het incident geen toegangspas kan krijgen. Hij weet niet wat te doen. ‘De mentaliteit van de Palestijnen is sterk veranderd. Ze weigeren aan de loketten te vragen wat ze moeten doen om hun probleem op te lossen. Ze zijn het beu’, vertelt Shalmit.

Ook als het niet helpt


‘Aanvankelijk was het niet de bedoeling om ook echt tussen te komen’, zegt Yehudit Keshet. ‘Maar na een tijdje zijn we wel beginnen praten met de militairen en nu proberen we hen onder druk te zetten om alles sneller te laten verlopen en om mensen te laten gaan. Ze voelen zich door ons in het oog gehouden. Daardoor zijn ze meer op hun hoede en houden ze zich in. Om voldoende afstand te bewaren ten aanzien van de militairen laten we enkel vrouwen toe bij Machsom Watch. Mannen zijn eerder geneigd om vriendschappelijk met de militairen om te gaan vanuit een gevoel van samenhorigheid.’
Ben-Shahar en Ditza Itzhaki staan bij het Huwwara checkpoint dat toegang biedt tot Nabloes. Ze mogen er niet langs. Nabloes is verboden terrein op dit moment, tenzij je een speciale toegangspas hebt. Een moeder met haar twee zonen vertelt dat ze dringend naar Jordanië moet omdat haar zoon een afspraak heeft voor een oogverzorging. De militairen hebben hun paspoorten meegenomen om te controleren of één van hun namen op de geheime zwarte lijst voorkomt.
Een telefoontje naar de Geheime Dienst zou daarvoor kunnen volstaan, toch kan het wachten onnoemelijk lang duren. De vrouwen van Machsom Watch trachten te bemiddelen bij de militairen. Na een kwartier krijgen de drie Palestijnen hun papieren terug en mogen ze vertrekken. De aanwezigheid van Machsom Watch helpt niet altijd zo zichtbaar, maar voor de vrouwen zijn deze acties ook op een minder tastbare manier zinvol: ‘Zo kunnen we later niet zeggen dat we het niet geweten hebben’, vat Tamar Avraham het samen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift