Wushu nodigt zich uit op Olympische Spelen

“Er is geen geheim recept. Het hangt alleen van jou af. Je moet in jezelf geloven”. Dat is de definitie van kungfu die Panda Po van zijn vader krijgt in de kaskraker Kung Fu Panda. Kungfu wordt wel eens verward met Wushu, de Chinese krijgskunst die in Peking wordt gedemonstreerd in een groot internationaal toernooi op de laatste drie dagen van de Olympische Spelen.
Kungfu betekent zoiets als “vaardigheid verworven door grote inspanning”, terwijl wushu een neutralere aanduiding is voor alle Chinese gevechtssporten. Je hebt dus zeker wat kungfu nodig om heel goed te worden in één van de vele verschijningsvormen van wushu. Je hebt traditionele en meer sportieve, moderne varianten, een interne stijl gericht op ontspanning en een externe stijl gericht op inspanning. Er is wushu met de blote handen en wushu met een wapen.

Een bekende vorm van wushu is taiji, een variant die in China door veel ouderen wordt beoefend om fit te blijven. Ook bij ons zie je wel eens mensen in het park trage denkbeeldige aanvallende en verdedigende bewegingen maken, als gevechtssport in slow motion. Door meditatie en ademhaling (qigong) vormt het een goede basis voor andere vormen van wushu. Het uiteindelijke doel is om een toestand van wuji (extreemloosheid) te bereiken waarbij verstand en gevoel met elkaar in harmonie zijn.

De internationale wushufederatie (IWUF) probeert haar sport als sinds 1990 op het programma van de Olympische Spelen te krijgen. Dat is ook bij de Spelen in Peking niet gelukt, wushu blijft slechts een ‘erkende’ Olympische sport. IWUF ving ook bot met haar verzoek om wushu als demonstratiesport op te nemen in het programma van de Spelen, zoals dat vroeger vaak gebeurde met sporten die typisch zijn voor het gastland. Bij de spelen in Amsterdam in 1928 was dat bijvoorbeeld korfbal.

In de plaats daarvan vindt nu van 21 tot 24 augustus, tijdens de laatste drie dagen van het Olympisch toernooi, een internationaal wushutoernooi plaats. De infrastructuur is dezelfde als die van de spelen, alleen zijn er geen medailles te halen.

Nederlandse broertjes



Nederland stuurt Bao Yao Fei, van Chinese afkomst, voor de onderdelen Taijiquan en Taijijian. Dat laatste is een vorm van Taiji die wordt beoefend met een zwaard. “Ik onderscheid me door mijn eigen stijl, een mengeling van oost en west”, zegt Bao Yao. Zijn broer Bao Xian Fei, drievoudig wereldkampioen, gaat mee als bondscoach.

“Je moet pieken als er wedstrijden zijn, het verschil gaat vaak om honderdsten van seconden”, legt Bao Xian uit. “Daarbij gaat het om mentale en fysieke voorbereiding. Wushu is voor mij meer dan topsport, ik kan het mijn leven lang beoefenen en het is gezond.”

De broertjes Fei zijn blij met de opvoeding en training die ze hebben gekregen van hun vader, de befaamde Taijileraar YuLiang Fei. “Na schooltijd gingen we thuis direct trainen in plaats van buiten te spelen”, herinnert izch BaoYao. Hij is er zeker van dat hij op het toernooi een plaats bij de eerste drie kan halen.
Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift