Zakenwereld blijft verontrust over 'anti-globalisme' Bush - analyse

Grote ondernemers en economen in de VS blijven zich ergeren aan de unilaterale oprispingen van de Amerikaans regering. President George W. Bush en een rist van zijn topministers staan heel dicht bij het bedrijfsleven, maar lijken tot hiertoe geen oor te hebben voor de grote bezorgdheid die de eigengereide koers van het Witte Huis daar wekt. Misschien brengt het verkiezingsjaar daar verandering in.





Een groeiend aantal Amerikaanse analisten waarschuwt al sinds 2002 dat Washington met vuur speelt door zich boven het internationaal recht te plaatsen. Volgens de scherpste critici bedreigt die unilaterale politiek niet enkel de Amerikaanse economie - die het zo al moeilijk heeft met een almaar aanzwellend deficit dat de dollar gevaarlijk verzwakt - maar ook het fundament van het internationaal handelssysteem dat de voorbije halve eeuw in de industrielanden voor een fabelachtige welvaart heeft gezorgd. Voor multinationale ondernemingen, die zowel de belangrijkste motor van het internationaal economisch systeem zijn al er het meest van profiteren, schept de rechtsstaat op internationaal niveau de zekerheid en voorspelbaarheid die nodig zijn voor grote investeringen.

De Amerikaanse kritiek op de unilateralisme van het Witte Huis kwam los kort na de aanslagen van 11 september 2001, toen de Amerikaanse regering haar filosofie van een ‘preventieve oorlog’ begon te ontwikkelen. Jeffrey Garten, nu rector van de Yale School of Management, waarschuwde begin 2002 in een artikel in Business Week dat andere landen het voorbeeld van de VS zouden kunnen volgen, zoadat internationale verdragen algauw niets meer zouden voorstellen.

De oorlog in Irak maakte een nieuwe golf van kritiek los. Onzekerheid is nefast voor investeringen en groei, schreef Bruce Nussbaum, een commentaarschrijver van Business Week, toen de Amerikaanse troepen zich op weg maakten naar Bagdad. Bedrijfsleiders beginnen zich zorgen te maken dat een buitenlands beleid van unilaterale preventieve acties niet compatibel is met globalisering, voegde hij daar nog aan toe. Amerikaanse bedrijven zullen het moeilijker krijgen in het buitenland als hun zakenpartners en andere regeringen de indruk hebben dat de VS zich buiten de krijtlijnen van het internationaal recht begeven.

Ook de recente plannen van de Amerikaanse regering om de lucratieve contracten voor de heropbouw van Irak enkel toe te kennen aan bedrijven uit de VS of hun bondgenoten, stuiten in de VS op verzet. Amerikaans imperialisme is per definitie een stap terug ten opzichte van het wereldwijde kapitalisme; de rol van de onzichtbare hand van de markten wordt overgenomen door de zichtbare vuist van regeringen, argumenteert Paul McCulley, een directeur van PIMCO, het grootste aandelenfonds ter wereld. Een slecht idee, vind ook Steven Schooner, een expert inzake internationale overheidsaanbestedingen aan de George Washington Universiteit. Wederkerigheid is het fundament van internationale handel. Als de VS buitenlandse bedrijven uitsluit van zijn overheidsaanbestedingen, bieden ze andere landen een goed argument om precies hetzelfde te doen.

Ondanks al die kritiek bleef president Bush het voornemen verdedigen. Op de vraag van een journalist of het uitsluiten van bedrijven uit landen als Duitsland, Frankrijk en Rusland van opdrachten voor de heropbouw van Irak niet ingaat tegen internationale afspraken, antwoordde Bush: Internationaal recht? Ik bel beter met mijn advocaat. Daarover zegde hij me niets.

Maar misschien heeft die cynische reactie uiteindelijk toch voor voldoende tegenreactie gezorgd. Intussen heeft het Witte Huis het Pentagon en het voorlopig bestuur in Irak in alle stilte opgedragen de toekenning van de contracten voor onbeperkte tijd op te schorten. Volgens Robert Novak, een columnist van de Washington Post, denkt de Amerikaanse regering erover niet-bondgenoten toch niet uit te sluiten. Dat zou een belangrijk signaal zijn voor de multinationale ondernemingen in het land. Het lijkt ook aannemelijk dat Bush een voorzichtigere koers gaat varen met de presidentsverkiezingen van november 2004 in het vooruitzicht. Maar Jeffrey Garten van de Yale School of Management is daar nog niet zo zeker van. Volgens hem is in de VS de zakenwereld de enige pleitbezorger van een consequente en volgehouden globalisering.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2751   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift