Zuid-Afrika gooit handdoek nog niet in de ring

Na het mislukken van de Wereldvoedseltop deze week in Rome en het gehakketak op de voorbereidende vergadering voor de Wereldtop voor Duurzame Ontwikkeling die in augustus in Johannesburg plaatsvindt, kondigde Zuid-Afrika deze week nieuwe pogingen aan om de violen internationaal gelijk te stemmen. Terwijl de visies van het Westen en de ontwikkelingslanden uiteenlopen, blijft de Zuid-Afrikaanse minister van Milieu en Toerisme Valli Moosa geëngageerd.


De uitdaging bij uitstek voor de top in Johannesburg is het engagement om de armoede tegen 2015 met de helft terug te dringen. Om dat doel te bereiken wil Moosa zijn uiterste best doen en alle actoren op een zinvolle manier samen krijgen. De formele voorbereidingen zijn dan wel voorbij, Zuid-Afrika gaat de komende drie maanden voort met informele contacten, verklaarde Moosa bij zijn terugkeer uit Indonesië, waar een voorbereidende vergadering weinig opleverde. Moosa vindt dat het onderhouden van contacten nodig blijft om tot een wereldwijde samenwerking voor duurzame ontwikkeling te komen tussen rijk en arm, en tussen regeringen, de zakenwereld en de civiele samenleving.

Moosa neemt een grote uitdaging op zich. Nadat de G8, de groep van de zeven machtigste landen ter wereld plus Rusland, niet opdaagde op de Wereldvoedseltop in Rome deze week - er daagde haast geen enkele westerse vertegenwoordiger- lijkt de hoop dat alle 150 staatshoofden de top in Johannesburg zullen bijwonen ijdel. Het gedrag van de G8 wordt in VN-kringen beschouwd als een informele graadmeter voor het succes van een op handen zijnde top.

In Bali, waar de top in Johannesburg werd voorbereid, liepen de gesprekken stuk op het zogenaamde economische platform, een actieplan dat ecologische, financiële en handelsafspraken moet bundelen en dat met behulp van sociale en economische maatregelen de honger in de wereld bestrijdt. Ontwikkelingslanden staan erop dat het actieplan de belangrijkste oorzaken van de honger in de wereld vermeldt. Voor hen zijn dat oneerlijke handelsconcurrentie en te weinig toegang tot westerse markten voor hun landbouwproducten. Bovendien moet het plan een tijdschema voor het financieren van ontwikkelingsprogramma’s vermelden. Het Westen vindt dat dat niet hoeft en vindt vooral milieu en goed bestuur veel belangrijker.

Zuid-Afrika slaagde er als gastland van de Top voor Duurzame Ontwikkeling in Indonesië niet in alle landen op één lijn te krijgen. Toch wil Moosa minstens bereiken dat de deelnemers van de top in Johannesburg drie vormen van duurzame ontwikkeling expliciet ondersteunen: sociale ontwikkeling, economische ontwikkeling en maatregelen om het milieu te beschermen.

Nochtans vinden enkele VN-waarnemers dat Zuid-Afrika niet echt overtuigend aan een compromis werkt. De beperkte rol die de Zuid-Afrikaanse president Thabo Mbeki speelt, is volgens hen een teken aan de wand. Mbeki moet zich persoonlijk voor de zaak inzetten, vinden ze. Maar ook VN-baas Kofi Annan moet de top meer promoten, luidt het.

Mbeki wil alvast wel dat op de top in Johannesburg het ‘Nieuwe Partnerschap voor de Ontwikkeling van Afrika’ (NEPAD) wordt goedgekeurd. NEPAD is een programma voor duurzame ontwikkeling op het Afrikaanse continent en werd opgesteld door Mbeki en andere Afrikaanse leiders. Zij zullen een en ander nog kunnen aankaarten als ze op bezoek gaan bij de G8 die deze maand in Canada plaatsvindt. Misschien nemen de Afrikaanse staatshoofden eerst een gezamenlijk standpunt in op de bijeenkomst van de Afrikaanse Unie, volgende maand in de Zuid-Afrikaanse havenstad Durban.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift