Zuid-Soedan verliest bossen in sneltempo

Zuid-Soedan raakt aan sneltempo zijn bossen kwijt, en heeft geen enkele strategie om dat probleem aan te pakken. Terwijl het ene ministerie het verlies noodzakelijk vindt voor de landbouw, waarschuwt een ander voor de dramatische gevolgen ervan.

Opeenvolgende decennia van oorlog en verwaarlozing van het milieu gekoppeld aan de uitdagingen van de onafhankelijkheid en de spanningen met Soedan hebben het milieu zwaar getroffen. De ongebreidelde ontbossing is veruit het grootste probleem.

Isaac Woja, een agronoom en deskundige in beheer van natuurlijk rijkdommen, maakt zich zorgen. “De snelheid waarmee mensen bomen omhakken is zorgwekkend, want bossen helpen om neerslag te vormen”, zegt hij. “Als deze trend zich doorzet, zullen de toekomstige generaties het moeilijk krijgen. Zuid-Soedan kan dan een woestijn worden zoals wat je in het Noorden ziet”.

Er is geen exacte informatie over de beboste oppervlakte in het land, maar het ministerie voor Landbouw schat dat zo’n 191,667 vierkante kilometer in meer of mindere mate bebost is. De Voedsel-en Landbouworganisatie van de VN (FAO) schat dat daarvan jaarlijks zo’n 2,776 vierkante kilometer verdwijnt.

Vredesverdrag

De houtkap startte in 2005 na de ondertekening van het vredesverdrag dat een einde maakte aan de burgeroorlog. Maar het is een pak erger geworden sinds de onafhankelijkheid van Zuid-Soedan. Volgens de VS zijn in het voorbije anderhalf jaar alleen al 350.000 vluchtelingen teruggekeerd vanuit Soedan.

De Zuid-Soedanese regering wijst grond toe aan de terugkerende vluchtelingen, vaak in de buurt van wouden. De nieuwe bewoners, meestal boeren, begonnen al snel landbouwareaal vrij te maken, met name in het zuiden van het land.

“Hoe graag we ook de voedselproductie willen opkrikken en investeringen in de landbouw aanmoedigen, het is belangrijk om de ecologische duurzaamheid in gedachten te houden”, zegt George Okecht van de FAO in Zuid-Soedan. “Er moet een veiligheidsnet zijn om de mensen te beschermen voor de gevolgen van droogte als gevolg van de teloorgang van het milieu”.

Verdeeldheid

Maar de Zuid-Soedanese regering is het intern niet eens over het belang van de bossen. Volgens minister van Landbouw Betty Achan Ogwaro is het onmogelijk voor boeren om land te bewerken zonder dat daarbij bomen sneuvelen.

“We kibbelen nog met onze partners zoals Usaid, die ons zeggen dat we geen bomen mogen omhakken maar ertussen moeten zaaien”, zegt ze. “Maar kan dat echt? Kunnen we de productie dan opdrijven? Ik denk dat we maar 10 procent bomen moeten hebben in landbouwgebieden, zodat er meer plaats is voor gewassen.” Bovendien zijn er tractors nodig, zegt de minister, en die kunnen enkel gebruikt worden op land waar de bomen verwijderd zijn.

Het gebruik van tractoren baart agronoom Woja nog meer zorgen. “Bij gemechaniseerde landbouw moet de bestuurder van de tractor een goede kennis van het ploegen hebben, anders is er het risico dat er een harde laag gevormd wordt, die neerslag verhindert om in de grond te sijpelen.”

Geen keuze

De terugkerende vluchtelingen hebben geen keuze, zeggen ze. Het land van hun voorouders is uitgeput en kan geen goede oogsten meer genereren. De bossen behoren aan niemand toe, dus kunnen ze ontbost worden, is de redenering.

“Mijn grootouders leefden en werkten op dit land”, zegt Michael Lodiong die terugkeerde naar Kajokeji in 2006 na bijna twintig jaar ballingschap in Oeganda. “Ik realiseerde me dat, als ik een goede oogst wil, ik onbewerkt land moest vinden. Daarom besliste ik te verhuizen naar het A’bayawoud. Hier oogst ik meer dan vijftien zakken maïs, tegenover een enkele zak op het land van mijn voorouders.”

Hetzelfde verhaal bij Gordon Sebit, die in 2007 terugkeerde en meteen in het Dongorowoud aan de slag ging. “Natuurlijk zeggen de mensen dat we de wouden niet mogen omhakken, maar ze moeten weten dat we geen bomen kunnen eten. We doen dit om voedsel te produceren.”

Bedrijven

Het zijn niet enkel kleine boeren die het woud omhakken om in leven te blijven. In verschillende provincies zijn het buitenlandse bedrijven die de bossen ophakken om commerciële landbouw op te starten. In Centraal-Equatoria worden grote stukken woud verwijderd met bulldozers om plaats te maken voor grootschalige maïsproductie.

Volgens een consulent van het ministerie van Landbouw, die anoniem wil blijven, hebben buitenlandse bedrijven sinds 2007 al minstens 26.400 vierkante kilometer land verworven voor landbouw.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift