Zwarte markt in Venezuela bloeit door algemene schaarste

De supermarkten in Venezuela raken steeds leger. Handelaren ontduiken de door de overheid vastgelegde marktprijzen, omdat ze hun waren veel duurder op de zwarte markt kunnen slijten. Ook dollars zijn gewild op de zwarte markt, omdat Venezuela meer dan ooit afhankelijk is geworden van import.
Wanneer Estala Piñero suiker nodig heeft, kan ze alleen nog terecht bij een illegale straatverkoper die haar een veelvoud van de officiële prijs vraagt. “Voor mijn zwarte bonen heb ik hetzelfde gedaan en het ziet ernaar uit dat ik nog eens moet terugkeren voor rundvlees”, zegt Piñero. Ze woont in het centrum van Caracas vlak bij het presidentiële paleis, waar president Hugo Chavez na de verkiezingen het socialisme van de 21ste eeuw afkondigde.
“De straatverkopers halen hun waar van Mercal (de supermarktketen van de overheid met gesubsidieerde voedingsmiddelen, nvdr), vraag me niet hoe het werkt”, zegt Piñero. “Zij betalen er 1300 bolivar voor (46 eurocent) en vragen mij bijna vier keer zoveel”. Basisvoedingsmiddelen als vlees, vis, zuivel, gevogelte, granen, koffie en bloem ontbreken soms wekenlang in supermarkten waar vooral mensen met een gemiddeld of een laag inkomen komen winkelen.
Volgens econoom Oscar Meza ligt de oorzaak bij de prijspolitiek van de regering. “De officiële verkoopprijzen liggen gemiddeld 30 procent lager dan de prijs voor productie en marketing”, zegt Meza, “Of ze passen de prijzen aan, of ze laten zien dat het socialisme van de 21ste eeuw het probleem op een andere manier kan oplossen”.

Rundvlees


Rundvlees kost officieel 3,3 euro per kilo, maar zelfs in de Mercalsupermarkten betaal je er meer voor. In private supermarkten is het vlees gemiddeld 80 procent duurder. Toen het Regeringsbureau voor de Bescherming van Consumenten een supermarktketen liet sluiten omdat hij zich niet aan de officiële prijs hield, besloten meteen alle andere winkelketens geen rundvlees meer te verkopen.
“Wanneer de slachthuizen ons het vlees tegen de vastgelegde prijs van een euro per kilo zouden verkopen, dan zouden we de afspraken kunnen nakomen”, zucht Carlos Carvalho, voorzitter van de Nationale Vereniging van Supermarktketens.”Die prijs is niet realistisch”, antwoordt Ignacio Diaz van de Vereniging van Slachthuizen. “We betalen al 1,5 euro per kilo voor een levende koe, 52 procent meer dan vorig jaar.”
De voedselprijzen stegen in 2006 met 26 procent. De Venezolanen geven gemiddeld 41 procent van hun inkomen uit aan eten. Voor gezinnen met een laag inkomen ligt dat percentage nog hoger. Volgens de Centrale Bank bedroeg de inflatie in 2006 14 procent. In januari 2007 gingen de prijzen met 2 procent omhoog, wat betekent dat het verwachte cijfer van 12 procent inflatie in 2007 waarschijnlijk niet wordt gehaald.

Speculatie


Economen wijten de prijsstijgingen aan speculatie en tekorten in de productie en de import. “In de afgelopen 25 jaar is er geen enkele aanmoediging gekomen om de suikerproductie te verhogen”, zegt Rafael Chrininos, voorzitter van de Federatie van Suikerriettelers. De geplafonneerde suikerprijzen maken het voor de suikerboeren ook niet interessant om de productie op te voeren. Het gevolg is dat meer suiker dan ooit moet worden geïmporteerd.
“De Venezolaanse landbouw is onder deze regering minder zelfvoorzienend dan ooit geworden”, zegt voormalig landbouwminister Hiram Gaviria. De gewezen medestander van Hugo Chávez haalt statistieken aan waaruit blijkt dat de import van voedingsmiddelen gestegen is van 1,8 miljard euro in 2004 tot 2,7 miljard euro in 2006.
De huidige minister van landbouw, Elia Jaua, kondigde aan dat de regering bijna een miljard euro wil investeren om de voedselproductie in 2007 met 26 procent te verhogen. Tegelijk zei Jaua te willen vasthouden aan de vaste voedselprijzen en aan de vaste wisselkoers met de dollar.

Invoer


Officieel is een dollar 2,150 dollar waard, maar op de zwarte markt is dat het dubbele. Vanwege de grote vraag naar in dollars te betalen importgoederen, is de regering gestopt met dollars te wisselen tegen de officiële koers. Het gevolg is dat wekenlang geen auto-onderdelen, geneesmiddelen of luxegoederen konden worden ingevoerd.
De Venezolanen betalen in zekere zin de prijs voor hun ongebreidelde consumptiegedrag in 2006. De import steeg toen met 27 procent tegenover het jaar ervoor. In januari 2007 steeg de verkoop van auto’s met 30 procent ten opzichte van januari 2006. “Er is een wachtlijst van vier maanden als je een nieuwe auto wilt kopen”, zegt Margarita Gomez, die net een Europese auto heeft besteld. “De enige mogelijkheid voor snelle levering is de verkoper een flinke commissie toestoppen.”

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3153   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift