Zwijgen is goud

‘Landen die uit een decennialange dictatuur ontwaken, zijn niet klaar voor de democratie, alle goede intenties ten spijt. De dictatuur heeft van zijn volk immers de ‘samenleving’ afgepakt. Die samenleving moet opnieuw worden ingericht’, schrijft ontslagnemend buitenland minister Steven Vanackere. (DM 12/09/11) ‘De naïviteit en onwetendheid die uit Vanackere’s bijdrage spreekt wordt enkel overtroffen door het humanitair neokoloniaal denken dat er in schuilt’, vindt Olivia Rutazibwa.

Vanackere trekt drie lessen uit de Arabische Lente: a) onze waarden zijn universeel, b) twitter en co. hebben mensen blootgesteld aan democratische ideeën en c) militair ingrijpen is soms echt een must. Ik kan alleen maar hopen dat zijn ambassadeurs ter plaatse, die ervaringsdeskundigen par excellence voor wie de revoluties toch ook verrassend en onverwachts bleken, hem intussen op andere ideeën hebben gebracht.

In afwachting daarvan toch al enkele kanttekeningen bij wat onze minister heeft geleerd: a) er zijn inderdaad universele waarden,maar het zijn niet diegene waar wij in de praktijk voor staan, b) de geglobaliseerde communicatiemiddelen hebben verzuchtingen en democratische reflexen die er al waren zichtbaar gemaakt, vooral voor ons in het westen, c) stellen dat het militaire ingrijpen in Libië de menselijkheid heeft teruggebracht is op z’n minst voorbarig, het tegendeel lijkt me waarschijnlijker. (Tenzij bepaalde doden niet mee tellen omdat ze deel uitmaken van die ‘afgepakte samenleving’?)

Ik trek graag drie andere lessen uit de Arabische Lente.

Les 1: Zwijgen is goud. De mensen hebben ons niet nodig gehad om op straat te komen. Integendeel. Ze deden en doen het ondanks onze steun aan hun regimes en medeplichtigheid aan hun armoede. Ons meest verlichte optreden tijdens de Arabische Lente was de licht beschaamde stilte waarin Europa zich hulde tijdens het uitbreken van de opstanden. Het besef dat het iets was dat aan de Egyptenaren moest overgelaten worden. Als dieptepunt geldt wat mij betreft onze interventie in Libië. Vanackere’s zelftoebedeelde engagementen van het ‘verdrijven van de dictatuur’ en ‘opbouwen van de democratie’ kunnen niet  succesvol van buitenaf ondernomen worden. Een mandaat van de VN verandert daar niets aan. Dat is geen onverschilligheid of cultuurrelativisme, wel een geloof in mensen,  zelfbeschikking en democratie.

Les 2: Wij zijn neutraal, noch humanitair: We slagen er niet in om de diversiteit in de Arabische wereld au sérieux te nemen. Niet wanneer we constant partij kiezen en van kamp veranderen, noch wanneer we met nauwelijks verholen paniek en vooral veel onwetendheid het islamisme gadeslaan. Het wordt tijd dat we toegeven dat we geen neutrale actoren kúnnen zijn. Dat is op zich niet zo erg trouwens. Die zogenaamde universele ‘westerse’ waarde waar mensen wereldwijd om vragen gaan namelijk om welvaart. De westerse variant  waar wij van genieten is er een die we hebben kunnen verzilveren op de kap van de anderen. Zo simpel is het. Gehoor geven aan de verzuchtingen van de Arabische Lente betekent mogelijks dat wij het met minder moeten stellen. De minister en zijn ervaringsdeskundigen moeten dus overeenkomen wat hun core-business zal zijn: de Belgische belangen behartigen of de koek eerlijker verdelen.

Les 3: We moeten onze eigen democratie onder de loep nemen: Wat kunnen wij voor de Arabische Lente betekenen? ‘Europa moet eerst zichzelf helpen. Spanje en Griekenland zijn het bewijs dat het economische systeem van de nieuwe wereldorde niet klopt. Europeanen moeten beseffen hoe slecht hun situatie wel is’, antwoordde de Egyptische  Mohamed Waked hierop in een interview aan MO*. Ook wat mensenrechten betreft vergeten we vaak dat we er op eigen bodem steeds minder in slagen om die van nieuwkomers en etnische en religieuze minderheden te respecteren. Vrouwen beschermen we met een hoofddoekverbod en we klampen ons vast aan een absoluut onduurzaam systeem van welvaartverdeling, -consumptie en -productie.  

We kunnen dus zeker iets doen met die Arabische Lente, maar daar hoeft onze minister niet per se voor naar Tunis. Hij kan deskundigen hier alvast vragen om een lijstje te maken van alle manieren waarop we (on)rechtstreeks bijdragen aan die mensen hun miserie. Het vergt heel wat meer introspectie dan de fanfare waarmee de minister nu ten strijde trekt. Het zal beslist een stuk efficiënter zijn dan zijn jongste poging om België betekenisvol te maken voor de Arabische Lente. Tenslotte ook een stuk minder surrealistisch dan dat wij ons, na meer dan een jaar zonder regering, opwerpen als de waakhond van de democratie wereldwijd.

Olivia Rutazibwa is journaliste bij MO*

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3306   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift