Droogte en verwaarlozing in de Tuin van Heden

De Iraaks-Belgische fotograaf Karim Abraheem ging in 2004 voor de eerste keer sinds 1980 opnieuw naar zijn geboorteland. Hij bezocht er voor MO* de ernstig beschadigde Iraakse moerassen in het zuidoosten, die later deels gerestaureerd werden. Anno 2016 staan de moerassen alweer voor nieuwe uitdagingen door droogte, watercliëntelisme en oorlog.

Tussen de Zuid-Iraakse steden El Amara, Basra en Nasiriya, aan de uitlopers van de Tigris en de Eufraat, bevinden zich vandaag de resten van wat eens het uitgestrekte Mesopotamische moeras was.

Zesduizend jaar geleden woonden hier, op deze plek in het Zuid-Iraakse tweestromenland, de Soemeriërs. Volgens bijbelonderzoekers hadden ze zich gevestigd in wat ooit de tuin van Eden was geweest.

© Karim Abraheem

De Soemeriërs zelf geloofden dat buitenaardse wezens hier voet op aarde zetten. Ze legden de zee droog, maakten het land vruchtbaar en vestigden zich. Dit was ook de plek, zo gaat de overlevering, waar de eerste stad op aarde werd gebouwd: Eridu. De bewijzen zijn er, klinkt het: de ruïnes van de stad liggen nog altijd ten westen van de Eufraat, niet ver van Nasiriya. Ze zijn echter zesduizend jaar oud en dus niet te claimen als oudste stad – dat is immers Jericho, elfduizend jaar oud. De Moerasarabieren, zoals de nakomelingen van de Soemeriërs genoemd worden, leefden tot voor kort van de visvangst en de rijstteelt.

Vandaag vormen de moeren van Irak nog steeds een curiosum in de woestijn van Zuid-Irak, als een van de grootste moerasgronden in het Midden-Oosten. In de twintigste eeuw werd het moerasgebied nog beschouwd als een van de belangrijkste natuurgebieden van het Midden-Oosten. De rietbouw, die volgens sommigen verwantschap zou tonen met de westerse gotiek, stond bekend als uniek erfgoed.

© Karim Abraheem

In de Maduif worden gasten ontvangen. Deze rietbouw heeft gothische kenmerken, is duizenden jaren oud, maar wordt momenteel bedreigd.

De kwelgeesten van de moeren

Vorige eeuw kregen de Iraakse moerassen het zwaar te verduren. Vanaf de jaren vijftig tot de jaren zeventig legde Irak delen van het moerengebied droog, voor landbouw en oliewinning. En tijdens de Iraans-Iraakse oorlog werden delen van de moerassen met olie overgoten en in brand gestoken om de oprukkende Iraniërs tegen te houden.

De echte doodsteek kwam echter in 1991, na de opstand van de sjiieten in Irak. Het Iraakse soennitische Baath-regime had tijdens de Golfoorlog in Koeweit een zware nederlaag geleden tegen de door de VS geleide coalitie.

Die oorlog kwam nauwelijks twee jaar na de Iraans-Iraakse oorlog. Bij de sjiieten hadden de frustraties het kookpunt bereikt. Dat leidde direct na de Golfoorlog tot de rebellie van sjiitische soldaten in Basra, aangemoedigd door de Amerikaanse president George Bush.

Snel en ongecoördineerd verspreidde zich een volksopstand naar andere steden in het sjiitische zuiden van Irak. De opstand tegen het soennitische Baathregime duurde hooguit een maand, en werd bloedig neergeslagen door de Republikeinse Garde. Honderdduizend mensen zouden verdwijnen en omkomen.

© Karim Abraheem

De uitgedroogde bedding in de moerasstad Chibaysh

Voor het regime moest ook het gebied eraan: de moeraslanden rond Tigris en Eufraat werden drooggelegd via de aanleg van zes kanalen. Het levensnoodzakelijke moeraswater werd weggeleid uit de regio, dorpen en de riethuizencultuur werden platgegooid. Om de kanalen en dammen te beschermen tegen mogelijke sabotage van de opstandelingen liet Saddam mijnen leggen.

Veel Moerasarabieren trokken weg om in sloppenwijken rond steden als Basra te gaan wonen. De levensader van de natuurlijke wateromgeving was doorgesneden. Minder dan tien procent van de oorspronkelijke moerassen zou overblijven.

In een recente reportage over de Iraakse moeraslanden van de Slow Journalism Company vertelt de Iraakse hydroloog Azzam Alwash, die als kind de moeraslanden ontvluchtte, hoe hij na 2003 terugkeerde. Hij richtte de ngo Natuur Irak op om de moerasgronden te herstellen, in samenwerking met internationale onderzoeksinstituten.

© Karim Abraheem

Rietverkoopster in de moerassstad Chibaysh

Anno 2016 is volgens Alwash 40 procent van de draslanden hersteld. 50.000 van de 500.000 oorspronkelijke bewoners zijn teruggekeerd, zegt Alwash.

Nieuwe moeilijkheden

Vandaag staan de moeraslanden nog steeds voor allerlei moeilijkheden.
Er zijn ten eerste de droogte en de extreem hoge temperaturen die Irak en de rest van de regio de laatste jaren teisteren. Ten tweede is er buurland Turkije. Ankara bouwt al jaren aan de Ilisudam, de grootste stuwdam op de Tigris. Al jaar en dag heeft Ankara hierover onenigheid met Bagdad, wat de voltooiing van de dam tot vandaag tegenhoudt.

Volgens de Moerasarabieren, die een campagne voor het behoud van de moerassen zijn begonnen, doet de Iraakse regering echter te weinig tegen Turkije. Bovendien verwijten ze de regering dat het toch al schaarse water voor Zuid-Irak niet eerlijk wordt verdeeld. Het water dat bestemd zou zijn voor de moerassen, gaat in de eerste plaats naar de rijstproductie van Najaf. In plaats van op eerlijke en schone verdeling van water, ligt de focus op de toevoer van water naar gebieden die economisch het belangrijkst zijn, klinkt het.

© Karim Abraheem

Een bewoner van El Amara naast zijn werkloze boot, op het droge.

En dan is er ten slotte nog de dam van Mosoel, stroomopwaarts op de Tigris, gebouwd in de jaren zeventig. Zestien maanden nadat Iraakse en Koerdische troepen de Mosoeldam heroverden op IS-strijders, is er weer wat anders mee aan de hand: hij dreigt het te begeven door jarenlange verwaarlozing en gebrek aan onderhoud.

Voor dat onderhoud wordt gekeken naar buitenlandse bedrijven, zoals het Italiaanse Trevi, die de knowhow en de ingenieurs hebben die Irak vandaag ontbeert. Maar IS, dat nog steeds Mosoel zelf in handen heeft, vormt een enorm veiligheidsrisico. Om eventuele buitenlandse ingenieurs te beschermen zouden buitenlandse troepen nodig zijn. Die zouden een extra versterking betekenen voor de Iraakse en Koerdische troepen die nu massaal zijn ingezet in de oorlog met IS. Maar juist die buitenlandse aanwezigheid ligt politiek bijzonder gevoelig en stoot op zwaar anti-Amerikaans verzet.

Als de dam het begeeft, aldus officiële schattingen, zouden 500.000 mensen bedreigd worden door hevige overstromingen. Volgens die schattingen zouden een miljoen mensen dakloos worden.

Dit is het worst case scenario, maar het is niet ondenkbaar in de lente, wanneer de Tigris aanzwelt door smeltwater uit het Iraakse en Koerdische berggebied. Een dambreuk zou de Iraakse voorraad schoon water vernietigen en op die manier ook de moeraslanden opnieuw bedreigen.

Dit artikel werd geschreven voor het lentenummer van MO*magazine. Voor slechts €20 kan u hier een jaarabonnement nemen! 

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur