Communistische Partij en Xi Jinping kiezen voor meer autoritair China

Kan de EU blijven zwijgen over Oeigoeren en protesten in Hongkong?

Michael Wong (CC BY 2.0)

Een enorm standbeeld van Mao in de stad Kashgar moet de Oeigoeren eraan herinneren wie in China de baas is.

Zou de Chinese leider Xi Jinping, zowat de machtigste man ter wereld, de voorbije weken lastig gevonden hebben? Nu een lid van zijn Communistische Partij interne documenten heeft gelekt en Hongkong zich duidelijk uitsprak voor meer democratie?

Zeker is dat er de voorbije dagen een paar belangrijke dingen ontsnapten aan de controle van de Chinese overheid, zeg maar de Communistische Partij. En die heeft de zaken nochtans graag onder controle.

Eerst bleek dat een van de ongeveer negentig miljoen leden van de Chinese Communistische Partij een heel pak interne partijdocumenten had doorgespeeld aan het Westen, meer bepaald aan de ICIJ, het Internationaal Consortium van Onderzoeksjournalisten.

Dat ICIJ gaat in deze dagen van globalisering meer en meer functioneren als een echt wereldgeweten, een mondiale klokkenluider die een boekje kan opendoen over machthebbers overal te wereld. Nu dus ook over de Chinese machthebbers, die deze China Cables nochtans meteen fake news noemden, valse documenten. Maar experten bevestigden dat het wel degelijk om echte bestuurlijke documenten gaat.

De China Cables gaan allemaal over de massale arrestatie en opsluiting van honderdduizenden Oeigoeren in zogenaamde opleidingscentra, in de westelijke provincie Xinjiang. De documenten maken duidelijk dat de arrestaties gebeuren onder grote dwang, en dat de centra veel weg hebben van gevangenissen.

De hele démarche heeft veel weg van een culturele genocide: de Oeigoeren moeten veranderd worden, dat is blijkbaar de gedachte. Ze moeten onder dwang gesiniseerd worden, heropgevoed tot Han-Chinezen. Geen baarden, geen Oeigoers spreken, liefst geen islam belijden.

De Communistische Partij dacht altijd dat ze de culturele verschillen en spanningen onder controle kon houden met economische ontwikkeling.

De Oeigoeren zijn moslims, hebben een aan het Turks verwante taal en een andere cultuur en traditie dan de meerderheid van de Han-Chinezen. Ik was dertig jaar geleden in de regio, en ja, grote delen van Xinjiang voelden anders aan dan het oosten van China. Ook al stond er een enorm standbeeld van Mao in het centrum van de oude karavaanstad Kashgar. De Oeigoeren bleken een zekere culturele autonomie te genieten, en de Chinese investeringen brachten toch wel materiële vooruitgang.

Maar naarmate Oeigoerse groupuscules gewelddaden pleegden in en buiten Xinjiang, veranderde de houding van de partij. De gelekte documenten bevatten onder meer uitgebreide speeches van de Chinese leider Xi Jinping over het Oeigoerse probleem.

De Communistische Partij dacht altijd dat ze de culturele verschillen, en de spanningen die daaruit konden voortkomen, onder controle kon houden door economische ontwikkeling te brengen. Maar dat kon niet langer volstaan, zo stelde Xi in de documenten. De Oeigoeren moeten “genezen van het virus van het islamitisch extremisme” en daartoe moeten ze massaal “heropgevoed worden”.

Immense macht is ook zwakte

De China Cables illustreren de immense macht van de partij. Dat op 3000 kilometer van Xinjiang beslist kan worden om een hele bevolking te screenen, dat er vervolgens vele miljoenen worden vrijgemaakt om detentiecentra te bouwen en daar een miljoen mensen in vast te houden… Alleen al het idee. De documenten maken duidelijk hoe dit plan nauwgezet vanuit de centrale overheid werd opgezet en uitgevoerd.

De centrale leiders in het verre Beijing hebben almaar minder voeling met de realiteit op het terrein.

Tegelijk illustreren de documenten ook een zwakte van de Communistische Partij, een zwakte die we kennen uit vroegere periodes waarin ze de autoritaire toer op ging. Die zwakte bestaat erin dat de centrale leiders in het verre Beijing niet meer luisteren naar de feedback van de basis, en zo almaar minder voeling hebben met de realiteit op het terrein.

Uit de documenten blijkt immers dat lokale partijleiders in Xinjiang, Han-Chinezen, minder hard wilden optreden. Omdat ze denken dat dit de partij niet geliefd zal maken, of omdat de arrestaties zo massaal zijn dat ze de hele economie afremmen. De reactie van de partij was, zo blijkt uit de documenten, om die partijleiders te ontslaan.

Het is een patroon dat we bijvoorbeeld kennen van de Grote Sprong Voorwaarts (Mao’s beruchte industrialisatiecampagne van 1958-1962), toen ook niemand durfde zeggen dat de aanpak niet succesvol was. China raakte toen verzeild in een immense hongersnood.

Hongkong kiest voor democratie

De tweede kwestie heeft ten gronde eveneens te maken met de autoritaire zwenking onder Xi. Vorige zondag behaalden democratische kandidaten een klinkende overwinning bij de verkiezingen in Hongkong. Liefst 18 van de 19 districtsraden gingen naar kandidaten van de protestbeweging. Vier jaar geleden behaalde pro-Beijingpartijen nog de overwinning in alle districten.

De districten in Hongkong hebben weinig macht, maar de verkiezingen kenden een massale opkomst en fungeerden als het ware als referendum over de protestbeweging. De verkiezingsuitslag weerlegt de stelling van Beijing en de bondgenoten in Hongkong, dat een stille meerderheid in de stad gekant zou zijn tegen de protesten — die intussen al zes maanden duren.

Sinds Xi’s aantreden werd het Chinese bestuur meer autoritair en nam ook de spanning over Hongkong en zijn vrijheden toe.

In 1984 spraken het Verenigd Koninkrijk, de oude kolonisator van Hongkong, en China het systeem van ‘een land, twee systemen’ af. Hongkong zou vanaf 1997 deel worden van China, maar zou nog vijftig jaar over een eigen bestuurlijk systeem beschikken.

En inderdaad, in Hongkong was er onafhankelijke rechtspraak. Dat bood zekerheid voor buitenlandse investeerders. Er hing meer vrijheid in de lucht, dat voelde de bezoeker meteen. Vrijheid van meningsuiting bijvoorbeeld: jaarlijks wordt er bijvoorbeeld het bloedbad op het Tiananmen-plein herdacht, terwijl dat in de Volksrepubliek doodgezwegen wordt.

Naarmate het bestuur in China sinds Xi’s aantreden meer autoritair werd, en de controle op de mensen in de Volksrepubliek werd opgevoerd, nam ook de spanning over Hongkong en zijn vrijheden toe. Het contrast tussen Hongkong en de rest van China werd daardoor groter, en de inwoners van Hongkong werden banger dat hun vrijheden in een dergelijk China almaar meer onder druk zouden komen.

Boekhandelaren die kritische boeken aanboden in Hongkong, verdwenen plots. Ze kwamen pas maanden later weer boven water, in de Volksrepubliek. De griezelige grilligheid van onaantastbare macht werd zo ook voelbaar in Hongkong.

Het is die context die begrijpelijk maakt waarom de geplande wet om beklaagden in Hongkong in China te kunnen berechten, zes maanden geleden de aanleiding was tot massale straatprotesten. Het brutale politieoptreden deed de spanning verder oplopen. De protestbeweging werd veel breder en draaide nu om het recht van Hongkong om zijn eigen leiders te verkiezen.

We zitten nu in een situatie waarin de bevolking in Hongkong massaal en duidelijk heeft aangegeven dat ze vasthoudt aan de eigenheid van haar bestuur en niet wenst op te gaan in het grote China. Dat gaat in tegen het Chinese nationalistische narratief dat er maar één Chinees volk is, dat altijd en overal samenhangt.

De ondeelbaarheid van het moederland, zo belangrijk voor China, wordt door dit alles aangetast.

Dat geldt eigenlijk ook voor Taiwan, waar de pro-onafhankelijkheidspartijen het vrij goed doen, ondanks alle Chinese druk. De ondeelbaarheid van het moederland, zo belangrijk voor China, wordt door dit alles aangetast. Chinese leiders wezen al herhaaldelijk naar het Westen als opstoker van de protesten in Hongkong, of van het onafhankelijkheidsstreven in Taiwan.

Toch is de vraag of er geen andere kant van de medaille is. Hoe sterk zijn de krachten in de partij die het Xi kwalijk nemen dat hij koos voor meer autoritarisme, en zo aan de basis ligt van het brutale optreden in Xinjiang en het uit de hand lopen van de protesten in Hongkong? Dat weten we niet.

Hoe moet de EU omgaan met dit China?

De Chinese regering toont zich erg gevoelig voor elke kritiek op haar beleid, zeker ook in Hongkong en Xinjiang. De eeuw van vernedering (in de koloniale periode tussen 1840 en 1940) moet worden goedgemaakt.

Het valt op dat de meeste westerse landen erg omzichtig omspringen met de recente gebeurtenissen. Wat in Xinjiang gebeurt is enorm, maar het Westen reageert gematigd. Waar de N-VA vlotweg Spanje bekritiseert voor het gevangen nemen van negen Catalaanse politici, lijkt het veel minder verbaal als een miljoen Oeigoeren worden vastgezet in China.

De Volksrepubliek is de grootste uitstoter van broeikasgassen. Wat als China weigert nog mee te werken aan de vermindering van de uitstoot?

Tijdens de Belgische handelsmissie kaartte vicepremier en minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders (MR) de Oeigoerse kwestie wel aan tijdens de politieke ontmoetingen, maar publieke verklaringen blijven schaars en voorzichtig. Dat heeft natuurlijk te maken met de grote commerciële belangen. China is intussen een zeer belangrijke afzetmarkt voor en investeerder in de EU, België en Vlaanderen.

Daarnaast zijn we eigenlijk afhankelijk van China voor de aanpak van globale uitdagingen zoals het klimaatprobleem. De Volksrepubliek is de grootste uitstoter van broeikasgassen. Als een verbitterd China mokkend weigert nog mee te werken aan de vermindering van de uitstoot – nadat de VS onder Trump al hetzelfde deden –, stevent de wereld dan niet af op een klimaatramp?

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Het toont meteen aan dat China nu zo groot en belangrijk is geworden dat landen haast automatisch voorzichtiger zijn als ze kritiek op China geven. Waar het moreel gezien erg duidelijk is dat de EU stevig moet opkomen voor de mensenrechten in Xinjiang en voor de democratie in Hongkong, leiden realpolitieke overwegingen tot veel meer voorzichtigheid. Vraag is hoe lang de EU voorzichtig kan blijven zonder haar geloofwaardigheid te verliezen.

Naarmate China verder af komt te staan van het westerse bestuursmodel, zal dit soort spanningen oplopen. Het verklaart waarom de EU haar relatie met China sinds maart van dit jaar multidimensioneel is gaan bekijken: China heet nu een ‘partner’ waarmee soms wordt samengewerkt aan gemeenschappelijke doelen, een ‘concurrent’ op economisch en technologisch gebied, én een ‘systemische rivaal’ met een alternatief bestuursmodel.

De vraag is of deze drie posities in alle omstandigheden te combineren zullen blijven. 

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur