Siegfried Bracke houdt van Oezbekistan, zijn president en zijn regering

Centraal-Azië is grotendeels onbekend gebied. Gelukkig is er Siegfried Bracke, die alvast Oezbekistan goed leerde kennen, zegt hij zelf. Bracke zou wel wat meer vrije markt en mensenrechten willen, maar begrijpt toch dat het regime niet al te kwistig omspringt met democratische hervormingen. Want stabiliteit is het belangrijkste.

  • CC David Stanley (BY NC2.0) Het standbeeld van Amir Timur in Tashkent. De Tadzjiekse heerser wordt door het Oezbeekse nationalisme geclaimd als de voorvader van Oezbekistans grootsheid. CC David Stanley (BY NC2.0)
  • UZreport UZreport

Oezbekistan ligt midden in Centraal-Azië en grenst aan vijf andere “Stans”: Turkmenistan, Kazachstan, Kirgizstan, Tadzjikistan en Afghanistan. Het land heeft een oppervlakte van dertienmaal en een bevolking van driemaal België, en is bij ons enkel gekend omwille van de historische steden Samarkand, Boechara en Khiva: de parels van de vroegere zijderoutes. Nochtans is ‘de relatie tussen beide landen de voorbije jaren verdiept en verbreed’, zegt Kamervoorzitter en N-VA volksvertegenwoordiger Siegfried Bracke. En daar voegt hij aan toe: ‘Dankzij mijn bezoek aan uw land.’

‘De relatie tussen beide landen is de voorbije jaren verdiept en verbreed’, zegt Kamervoorzitter en N-VA volksvertegenwoordiger Siegfried Bracke. En daar voegt hij aan toe: ‘Dankzij mijn bezoek aan uw land.’

De uitspraken komen uit een interview dat verscheen in My life, my destiny, my dear and unique Uzbekistan, een brochure die de Oezbeekse ambassade in Brussel uitgaf naar aanleiding van de 25ste verjaardag van de Oezbeekse onafhankelijkheid deze zomer. Bracke laat zich in het interview opvallend positief uit over de intussen overleden dictator Islam Karimow.

Hij bezocht Oezbekistan in september 2015, als hoofd van een parlementaire delegatie, op uitnodiging van de voorzitter van het Oezbeekse parlement. ‘Oezbekistan was mij tot dan relatief onbekend,’ reageert Bracke op enkele vragen van MO*, ‘een reden te meer om ja te zeggen op de uitnodiging.’

Dankzij dat officiële bezoek, aangevuld met enkele ‘bezoeken aan het nationale erfgoed’, heeft de Kamervoorzitter ‘met eigen ogen gezien’ hoe er werk gemaakt wordt van ‘de strijd tegen armoede’. Bracke is ook onder de indruk van de jaarlijkse economische groei van 8 procent. De Wereldbank is daar wat minder lovend over, aangezien die groei grotendeels geproduceerd wordt door overheidsuitgaven en afhangt van sectoren die erg gevoelig zijn voor prijsschommelingen, zoals katoen, goud, koper en gas.

Hoe creëer je een volk?

Maar voordat Siegfried Bracke zijn licht laat schijnen over de economische en politieke hervormingen in Oezbekistan, heeft hij als ‘Vlaamse patriot’ enkele inzichten te delen over het belang van traditie en identiteit. Cultureel erfgoed, zegt de Belgische Kamervoorzitter, ‘is uiteraard een heel belangrijk element in het creëren van identiteit en eenheid, waarbij je natuurlijk de verschillen tussen mensen aanvaardt. Ik denk dat uw land, uw president en uw regering er goed aan doen de focus te leggen op een gezamenlijk verleden dat u doorheen het hele land hebt’.

Een volk en een natie bestaan pas als ze gecreëerd worden door een overheid die daar behoefte aan heeft.

Bracke maakt daarbij wel abstractie van de etnische diversiteit in Oezbekistan, waar ongeveer 80 procent van de bevolking weliswaar een etnisch Oezbeekse achtergrond heeft, maar er evengoed Tadzjieken, Russen, Karakalpakken, Kazachen en Tataren wonen.

Die minderheden zijn soms regionaal geconcentreerd en hebben zeker niet allemaal het gevoel één gemeenschappelijk verleden te delen met de Oezbeekse meerderheid – of ten minste niet meer dan Franstaligen en Nederlandstaligen hebben in de ruimte tussen Boulogne-sur-Mer en Groningen. Maar Bracke begrijp wél heel goed dat een identiteit geconstrueerd moet worden, want hij herhaalt het meermaals. Een volk en een natie bestaan pas als ze gecreëerd worden door een overheid die daar behoefte aan heeft.

CC David Stanley (BY NC2.0)

Het standbeeld van Amir Timur in Tashkent. De Tadzjiekse heerser wordt door het Oezbeekse nationalisme geclaimd als de voorvader van Oezbekistans grootsheid, omdat zijn geboorteplaats in het huidige Oezbekistan ligt.

De president ontwerpt 5 principes

Islam Karimow, de man die Oezbekistan leidde, al enkele jaren voordat het een onafhankelijke staat werd op 31 augustus 1991 en dan president was van 1991 tot zijn overlijden op 2 september 2016. Hij lijkt een viersterrenbehandeling te krijgen van Bracke. ‘Uw president is de ontwerper van de 5 principes van hervorming, waarin ik me heel goed kan herkennen, en die samen een soort bijbel vormen voor de opbouw van uw natie en voor het creëren van meerwaarde en vooruitgang.’

In antwoord op een vraag die we Siegfried Bracke stelden over de opmerkelijk positieve toon als hij het over Karimow heeft, antwoordt de Kamervoorzitter: ‘De toon van het interview heeft te maken met het kader waarin het interview plaats vond, namelijk de viering van de 25ste verjaardag van de onafhankelijkheid van Oezbekistan als gevolg van de val van de Sovjetunie. Ik steek niet de loftrompet over de persoon Karimov noch over zijn beleid.’

‘Als Kamervoorzitter ga ik andere landen niet beleren of schofferen’

‘Waar ik wel positief over ben, zijn de vijf principes die voor hem cruciaal zijn voor de toekomst van Oezbekistan, waaronder een marktgerichte economie, een sterk sociaal beleid en democratische hervormingen. Dat is volgens mij de evidente richting die Oezbekistan zal moeten volgen’

‘Als Kamervoorzitter ga ik andere landen niet beleren of schofferen, hoewel ik in het interview tot driemaal toe naar mensenrechten heb verwezen en het belang van een verdere liberalisering van de Oezbeekse economie en van een verdere democratisering van hun politiek systeem heb benadrukt. Ik zeg ook letterlijk dat de hervormingen sneller moeten en dat de staat haar greep op de economie nog meer zal moeten lossen. Ze komen natuurlijk van ver en na 25 jaar kunnen ze hun verleden niet helemaal wegwerken.’

Een van de meest autoritaire leiders van Azië

Het is wellicht normaal dat een Kamervoorzitter, die zich laat interviewen voor een propagandabrochure van een ander land, diplomatieke taal gebruikt – zelfs al opent het interview met de zin: ‘Ik denk dat ik zonder overdrijving en zonder te veel diplomatieke taal te gebruiken, kan zeggen dat de relatie tussen België en Oezbekistan uitstekend is.’ Maar als dat betekent dat de eerste burger van het land de indruk wekt dat een president, die de BBC bij zijn overlijden omschreef als ‘een van de meest autoritaire leiders van Azië’, een vooruitziend leider was, dan was dat interview misschien niet zo’n goed idee.

Als de eerste burger van het land de indruk wekt dat een president, die de BBC bij zijn overlijden omschreef als ‘een van de meest autoritaire leiders van Azië’, een vooruitziend leider was, dan was dat interview misschien niet zo’n goed idee.

Human Rights Watch directeur Kenneth Roth schreef een paar jaar geleden: ‘Tijdens de opstand in 2005 in de stad Andijan gaf president Islam Karimow zijn troepen de opdracht de demonstranten te omsingelen en iedereen neer te schieten in hun gezichtsveld. Er vielen honderden doden. Zijn regering martelt dissidenten bij wijze van routine en sluit hen op voor 15 of 20 jaar. Sommigen zijn zelfs levend gekookt.’

Dat soort overwegingen staan niet in het interview met de Kamervoorzitter, tenzij ze zo grondig verpakt zijn in diplomatieke taal dat de Oezbeekse overheid ze zonder probleem kan afdrukken.

Siegfried Bracke prijst Karimow voor zijn toewijding aan de principes van de rechtsstaat. De kans dat hij daarin gesteund wordt door mensenrechtenorganisaties, lijkt klein. Bovendien toont hij ruim begrip voor het feit dat Oezbekistan ‘alles doet wat het kan om de stabiliteit te garanderen’. Die stabiliteit is in het belang van de hele wereld, het gewicht ervan kan moeilijk overschat worden, en de stabiliteit van Oezbekistan wordt onder andere bedreigd door religieus geïnspireerd terrorisme, zegt Bracke. Dat zijn zo ongeveer de argumenten die Karimow destijds aanhaalde om zijn repressie tegen de opstand in Andijan goed te praten.

In zijn reactie preciseert Bracke zijn standpunt: ‘Ik leg inderdaad de nadruk op het belang van stabiliteit. Lijkt me logisch, de regio kent al genoeg problemen. Ik beweer nergens dat daarvoor andere overwegingen moeten wijken. De zin I do understand that your country does whatever it can do to stay at that stability […] moet geïnterpreteerd worden als ‘ik heb vernomen/begrepen dat’ en niet als ‘ik heb er begrip voor dat’.

UZreport

 

Meer controle door de staat

Siegfried Bracke wijst er verder op dat we allemaal ‘onder druk staan van terrorisme’, waardoor ‘de privélevens van onze burgers ook onder druk komen te staan, omdat we onvermijdelijk meer controle nodig hebben, wat betekent: minder privacy en meer staats- en regeringscontrole’. Goed om weten dat de Belgische Kamervoorzitter het wat dat betreft eens is met een van de dictators van Centraal-Azië.

‘We hebben onvermijdelijk meer controle nodig, wat betekent: minder privacy en meer staats- en regeringscontrole’

Wie zich zorgen zou maken over mensenrechten en democratie in Oezbekistan, wordt gerustgesteld door de hoogste vertegenwoordiger van de Belgische democratie. ‘Ik weet dat jullie een heel goed functionerend systeem met een heel moeilijke naam in jullie taal hebben dat als doel heeft de dialoog met de burger op lokaal niveau te organiseren.’

De uitgever van de brochure plaatst de bedoelde term – Mahalla - tussen haakjes bij dit citaat. Wat er zo ingewikkeld is aan die term, is niet meteen duidelijk, maar Bracke zou beter zijn huiswerk maken voordat hij het wierookvat bovenhaalt. De traditionele mahallas waren inderdaad lokale bestuursniveau’s met veel autonomie voor sociale, religieuze en juridische beslissingen.

Vanaf de integratie van Centraal-Azië in de Sovjet-Unie kregen de mahalla’s eerder de functie van “ogen en oren” van de centrale overheid. Onder de onafhankelijke Oezbeekse staat kregen de mahalla’s de opdracht te waken over de ‘Oezbeekse nationaliteit en moraliteit’. Volgens mensenrechtenorganisaties gebruikte Karimow de mahalla’s om de bevolking te controleren, dissidentie te onderdrukken, hervestiging op te leggen en religieuze minderheden te vervolgen.

Elk brokje informatie

‘Eens je een land bezocht hebt, lees je elk stukje nieuws dat erover verschijnt’, zegt Siegfried Bracke in het interview. De standpunten die hij vervolgens over Oezbekistan inneemt, doen vermoeden dat dit “bij wijze van spreken” was. Of het is een warme herinnering aan de tijd toen hij nog journalist was. Want anders had hij minstens de berichtgeving op MO.be gevolgd, wat een aantal uitschuivers had kunnen voorkomen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

randomness