Van de nieuw verkozen afgevaardigden is amper 10 procent vrouw

Congo is een mannenbastion waar vrouwencompetenties worden verkwist

© MONUSCO Photos (CC BY-SA 2.0)

De VN Veiligheidraad ontmoette in oktober vrouwen die opkwamen tijdens de verkiezingen

Je hoeft geen militante feministe te zijn om vast te stellen hoe erg het is gesteld met de Congolese vrouwen op het vlak van deelname aan het politieke leven en de wederopbouw van hun land. De 50 vrouwen die in de nationale parlementen en op provinciaal niveau hebben gestreden en gewonnen, mogen we heel terecht feliciteren. De vrouwen van de DRC kunnen alleen maar trots zijn op hen en hen alle succes toewensen in deze strijd die mannen en vrouwen in Congo vaak niet op voet van gelijkheid voeren.

In het nieuwe parlement zullen 50 vrouwen zetelen, of amper 10 procent van de gekozen afgevaardigden

De resultaten van de presidents- en parlementsverkiezingen van eind 2018 tonen, voor zover dat nog nodig was, duidelijk aan dat de situatie van de Congolese vrouwen zeer precair is en dat er sprake is van grote ongelijkheden tussen mannen en vrouwen in de politieke vertegenwoordiging en de toegang tot functies met beslissingsmacht. De voorlopige resultaten die door de onafhankelijke nationale kiescommissie (CENI) zijn gepubliceerd, onder voorbehoud van bevestiging door het Constitutioneel Hof, zijn gekend. In het nieuwe parlement zullen 50 vrouwen zetelen, of amper 10 procent van de gekozen afgevaardigden. Op het niveau van de provinciale raden zullen de vrouwelijke afgevaardigden minder dan 15 procent vertegenwoordigen. Kortom, in de nieuwe provinciale en nationale volksvertegenwoordigingen zal voor elke 9 mannen 1 vrouw zetelen om belangrijke beslissingen te nemen over de toekomst van het hele land, en van de Congolese vrouwen.

Van 8 naar 10 procent, magere vooruitgang voor Congolese vrouwen

In de regeringen van eerste ministers Tshibala, Badibanga en Matata waren vrouwen goed voor slechts 10 procent, 12 procent en 8 procent en dat zal in de nieuwe instellingen niet hoger liggen. In het nationale parlement haalden vrouwen 8 procent van de zetels in 2006 en 2011 en in 2019 tellen we 10 procent, een magere stijging van 2 procent over meer dan een decennium. Het lijkt wel of er in de DRC een plafond ligt voor vrouwen van 10 procent. Vrouwen zijn nauwelijks vertegenwoordigd aan het hoofd van de provinciale regeringen, wat aantoont dat het genderbeleid ook op lokaal niveau duidelijk tekortschiet. De kwantitatieve participatie van vrouwen is cruciaal in een omgeving waar massale schendingen van de rechten van vrouwen door vrouwelijke woordvoerders, activisten en “leiders” politiek moeten kunnen worden vertaald.

Ik ben proMO*

Met MO* zorgen wij voor écht nieuws over echte mensen in heel de wereld. Wil je ook ons unieke journalistieke project mogelijk maken? Word dan proMO*. Als proMO* word je lid van onze community, mag je gratis naar al onze events en kan je in dialoog gaan met onze journalisten. Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Geweldig! Ik word proMO*

Naar welk niveau we ook kijken, één waarheid springt in het oog: de grote ongelijkheden in rechten en kansen tussen mannen en vrouwen blijven bestaan en leiden ertoe dat de Republiek op de lange termijn de nuttige bijdragen van vrouwen aan de verwezenlijking van haar ontwikkelingsdoelstellingen verspilt.

De DRC heeft nochtans verschillende internationale, regionale en subregionale rechtsinstrumenten met betrekking tot de mensenrechten en in het bijzonder ook de rechten van de vrouw geratificeerd, waaronder (1) de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, (2) het Protocol bij het Afrikaanse Handvest van de Rechten van de Mens en de Rechten van Volkeren inzake de Rechten van de Vrouw, (3) het Verdrag van de Verenigde Naties inzake de Rechten van het Kind, (4) het Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van discriminatie van vrouwen, (5) het samenwerkingsakkoord van de SADC inzake gender en ontwikkeling en (6) Resolutie 1325 van de Verenigde Naties.

Deze internationale, regionale en subregionale rechtsinstrumenten en de doelstellingen inzake duurzame ontwikkeling (SDO’s) bevelen allemaal gelijke rechten voor mannen en vrouwen aan en roepen de Democratische Republiek Congo op om de wettelijke en administratieve maatregelen te nemen die nodig zijn om vrouwen deze rechten te laten genieten. Artikel 14 van de Congolese grondwet bepaalt onder meer dat vrouwen recht hebben op een billijke vertegenwoordiging in nationale, provinciale en lokale instellingen. De staat garandeert de toepassing van gendergelijkheid in deze instellingen. Wet nr. 15/013, een uitvoeringsbesluit van artikel 14 van de Grondwet, werd in 2015 afgekondigd door de president van de Republiek.

Wordt het niet tijd om onze verplichtingen te evalueren?

Hoe zit het met de inspanningen voor een echt inclusieve en vrouwvriendelijke samenleving?

Het is duidelijk dat de uitvoering van de concrete maatregelen niet is verzekerd door een bestuurssysteem dat grotendeels gedomineerd wordt door mannen. De onafhankelijke nationale kiescommissie (CENI) heeft aanmoedigende, vernieuwende en concrete maatregelen ingesteld om kandidaten van bepaalde politieke partijen de kans te geven om de kiesdrempel te omzeilen door het concept van “bij uitzondering gekozen vertegenwoordigers” in te voeren. Dit had ook moeten worden geactiveerd om de effectieve deelname van Congolese vrouwen en meisjes aan de politiek op verschillende niveaus te waarborgen. Dergelijke concrete maatregelen, met inbegrip van “quota voor vrouwen” op partijlijsten en in andere politieke platforms stroomopwaarts, zouden moeten bijdragen tot een betere vertegenwoordiging van vrouwen overeenkomstig de artikelen 4, 5, 6 en 36 van wet nr. 15/013. Dergelijke maatregelen, verheven tot wet, moeten worden toegepast op kieslijsten. Ze moeten worden ondersteund door vorming in politiek, leiderschap en netwerkopbouw, maar ook door grootschalige bewustmakingscampagnes voor het verbreden van het maatschappelijk draagvlak voor de participatie van vrouwen.

Er wordt heel wat kabaal gemaakt over de “waarheid van de stembussen” maar de politieke ondervertegenwoordiging van vrouwen, wordt door niemand aan de kaak gesteld

We zijn er nog niet! Er zijn tekenen die erop wijzen dat het lage percentage vrouwen dat op 30 december in de wetgevende organen (provinciaal en nationaal) verkozen werd, voor velen een non-event is. Er wordt heel wat kabaal gemaakt over de “waarheid van de stembussen” en de samenstelling van de nieuwe meerderheid. Maar de schaamteloze en schandelijke ongelijkheid en onrechtvaardigheid die lang genoeg heeft geduurd, de politieke ondervertegenwoordiging van vrouwen, wordt door niemand aan de kaak gesteld. Niemand roept op tot de nochtans broodnodige positieve herstelmaatregelen in de samenstelling van de verschillende regeringen, zowel provinciaal als nationaal, in de toekomst. Gendergelijkheid is niet alleen een fundamenteel mensenrecht, het is ook een noodzakelijke basis voor een vreedzame, welvarende en duurzame wereld.

Andere Afrikaanse landen hebben aangetoond dat verschillende formules van precieze en bindende quota kunnen worden gebruikt, een van de meest effectieve manieren om de pariteit en de politieke participatie van vrouwen te bevorderen. In de wereldranglijst van 193 landen (in november 2018) staan buurlanden als Rwanda, Tanzania en Burundi respectievelijk op de 1e, 25e en 26e plaats, terwijl de DRC ver achteraan bengelt op de 167e plaats.

Als de nieuwgekozen president zich inzet voor de participatie van vrouwen en hun waardevolle bijdrage aan de ontwikkeling van de DRC erkent, moet er nog een laatste kaart worden uitgespeeld: de toepassing van artikel 4 van wet 15/013, waarin wordt gepleit voor een billijke vertegenwoordiging van mannen en vrouwen in alle benoemde functies in nationale, provinciale en lokale instellingen, met inbegrip van instellingen die de democratie ondersteunen, de Economische en Sociale Raad en openbare en parastatale instellingen op alle niveaus.

Vrouwelijke vaardigheden bestaan heus wel!

Congo, dat te kampen heeft met enorme moeilijkheden en uitdagingen voor zijn ontwikkeling, moet absoluut de gediversifieerde vaardigheden van zijn “grijze materie”, zijn menselijk kapitaal, optimaal benutten. Sinds enkele jaren is er immers een sterke toename van het aantal vrouwen en meisjes met een universitair diploma, er zijn meer en meer vrouwelijke hoogleraren, meer en meer vrouwen die betrokken zijn bij het sociale en gemeenschapsleven, enz. Kortom, er is geen tekort aan vrouwen met vaardigheden die passen voor bestuursfuncties in de DRC. Bevorderingen gericht op “vrouwenvaardigheden” in plaats van uitsluitend op subjectieve criteria gebaseerde benoemingen blijven wenselijk om te voorkomen dat deze positieve acties contraproductief worden en uiteindelijk de waarde van Congolese vrouwen nog verder aantasten.

Strijdbare mannen moeten durven opstaan om, samen met de vrouwen en meisjes van de DRC, op te komen tegen ongelijkheid en onrechtvaardigheid

Om hierin te slagen moeten strijdbare mannen durven opstaan om, samen met de vrouwen en meisjes van de DRC, op te komen tegen ongelijkheid en onrechtvaardigheid in het politieke en economische beheer van de DRC, tegen geweld op vrouwen, in die voortdurende zoektocht naar gendergelijkheid op alle niveaus van het onderwijs, in die strijd tegen armoede die toch in de eerste plaats het lot is gebleven van boerenvrouwen en actoren in de informele stedelijke economie, tegen de hoge kinder- en moedersterfte, voor het verminderen van de gendermoeilijkheden bij de toegang tot de arbeidsmarkt, kredieten en andere productiemiddelen, …. en om de “slachtoffers” hiervan stemmen te geven in onze bestuursorganen. Dat zou de vrede en harmonie versterken en zal een van de kostbare stappen zijn op weg naar een vrouwvriendelijk Congo dat die negatieve etiketten die tientallen jaren lang aan zijn huid zijn blijven plakken, zal kunnen wegwerken en ons land zal kunnen ombouwen tot een plek waar het eindelijk goed is om te leven voor vrouwen!

Een opinie van dr. Germaine Furaha, hoogleraar plattelandseconomie (UEA/Bukavu) en coördinator van de leerstoel Mukwege-UEA.
Webstek aan de universiteit  en privé webstek

Vertaald uit het Frans door Ivan Godfroid

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift