Een hybride geschiedenis

Dekolonisatie, ik en de ander

Victoriano Izquierdo/Unsplash (CC0)

Alhambra, Granada

Dekoloniseren lijkt plots het nieuwe codewoord. We bestormen er beelden mee en tellen er straatnamen mee (en voor dat laatste blijk je ook niet meer dan de vingers van één hand nodig te hebben). Het Afrika-museum gebruikt het als kompas om zichzelf te verbouwen en op het Instituut waar ik werk beslisten we onlangs om ook het ontwikkelingsdenken te dekoloniseren. 

En we bedoelen het ongetwijfeld allemaal wel juist, maar écht dekoloniseren kunnen we niet, vrees ik. Da’s het slechte nieuws. Het goede nieuws is dat we het volgens mij ook niet hoeven te willen, want dat we eigenlijk iets anders bedoelen. Ik gebruik hieronder de term herkoloniseren, maar dat is alleen bij gebrek aan beter.

De ander in onszelf

Een eerste bedenking is dat Europa zélf ook een slachtoffer is geweest van kolonisatie. Door mensen afkomstig uit Afrika. De zg. Moren trokken de Straat van Gibraltar over in 711, om daar vervolgens zo’n slordige 800 jaar te blijven, tot 1492, omzeggens de avond voor Colombus inscheepte om “Indië” te zoeken door naar het Westen te varen. De Spaanse kolonisatieperiode duurde, als we de Aziatische gebieden meerekenen, niet meer dan 400 jaar. De kolonisatieperiode van Afrika door andere Europese mogendheden verliep nog veel korter, tussen Stanley’s onsterfelijke “Dr. Livingstone, I presume” (1871) en de onafhankelijkheidsgolf van Afrikaanse landen staan geen honderd jaar.

Uiteraard is het moeilijk om deze verschillende soorten kolonisatie de onmiddellijke impact die ze had op de autochtone bevolking, in te schatten of te vergelijken, noch de minder onmiddellijke impact die deze drie kolonisatiegolven gespeeld hebben in het lange proces van staatsvorming in deze regio’s. Maar als we de kolonisatieperiode van Spanje door de Moren zouden vergeten (om er toch zo maar één uit te pikken) zouden we onszelf toch een beetje teveel eer aan doen.

Bijvoorbeeld de eer om steeds bovenaan te liggen in onze relatie met de ander.

In zijn Zijderoutes neemt Peter Frankopan de Europese geschiedenisboeken op de korrel die beweren dat Karel Martel de Moren een definitieve nederlaag bezorgde in 732: in werkelijkheid kwam die nederlaag dus pas 750 jaar later, en Frankopan schrijft ze ook toe aan de prioriteit die de Omajjaden wilden geven aan veroveringen in het Midden- en Verre Oosten, Europa was toen niet echt iets om voor te vechten.

In deze zin lijkt een “herkolonisatie” van ons denken meer gepast: zoek die koloniale ander in jezelf.

Het was de tijd dat de  “Far West” in Marokko lag en wij, Europeanen, in de noordelijke marge van een rijk dat zich uitstrekte van Marokko tot India. Toen het laatste bolwerk van de Islamieten viel op het Iberische schiereiland bleven de Spanjaarden de paleizen in Fez en Marrakesh als model aanzien van moderniteit, met de rijkdommen die ze aansleepten uit hun kolonies in Latijns Amerika bouwden ze in de toenmalige hoofdstad Sevilla paleiszalen in de vorm van een islamitische Kubbah die ze versierden met Arabisch houtsnijwerk en vervolg vergulden: de ene kolonisatie dekt de andere toe.

Het merkwaardige van Sevilla is wel dat men geen gelegenheid achterwege laat om de banden met de Islam te benadrukken, terwijl met geen woord gerept wordt over de humanitaire ramp die zich onder Spaans bewind voltrok in Latijns Amerika.

In deze zin lijkt een “herkolonisatie” van ons denken meer gepast: zoek die koloniale ander in jezelf. Hoe hopeloos is het om je denken te willen “zuiveren” van die ander, wij zijn door en door hybride en als we dààr nu eens mee leren leven? Het standbeeld van Leopold II mag hier op het marktplein van mijn dorp blijven staan, maar er zou wel een plaatje bij mogen staan, of, beter nog, een Congolees kunstwerk.

Zelf-kolonisering

Een ander probleem met de ijver om ons denken te dekoloniseren is dat we onszelf ook teveel oneer aandoen.

De kolonisatie was niet alleen een project van ons, het was een gedeeld project. Ik voel me wat ongemakkelijk om dit zo te schrijven, deze woorden lopen het risico erg verkeerd gelezen worden, maar de historicus Jean-François Bayart vertolkte een consensus bij historici van de kolonisatie toen hij schreef “hoe de Afrikanen actief hebben meegewerkt aan de “mise en dépendance” van hun samenlevingen”.

Hij citeert ook de historicus John Thornton, die concludeert dat de Afrikaanse deelname aan de slavenhandel vrijwillig was, en onder controle stond van Afrikaanse beleidsvoerders. “Dit was niet enkel aan de oppervlakte van de dagelijkse handel, maar ook op een dieper niveau. De Europeanen beschikten noch over de economische, noch over de militaire middelen om de Afrikaanse leiders te verplichten om slaven te verkopen”.

Een soortgelijk verhaal valt te vertellen over Noord-Amerika: Vooraleer één Europeaan er een vlag had proberen te planten werd het halve continent er al overhoop gehaald omdat de paarden en geweren, verhandeld door Europese pelsjagers, zo’n grote onevenwichten veroorzaakten in de geopolitieke relaties tussen verschillende First Nations dat de kolonisten, eens aan land, geconfronteerd werden met politieke en sociale structuren die er enkele jaren voordien nog heel anders uitzagen.

Overigens, wie bedoelen we precies met “ons”? Wàs de kolonisatie wel een project van “ons”?

Ook de koloniale periode werd goeddeels vorm gegeven door een beperkt aantal bedrijven, waarvan sommige trouwens nog steeds opereren. 

Ook de koloniale periode werd goeddeels vorm gegeven door een beperkt aantal bedrijven, waarvan sommige trouwens nog steeds opereren. Eduardo Galeano beschrijft bijvoorbeeld hoe de transportfirma Lloyds groot werd door de driehoekshandel in slaven, wapens, zilver en suikerriet tussen Europa, Amerika en Afrika en op die manier meewerkte aan de Aderlating van een Continent.

Ondertussen weten we dat niet meer dan 25 bedrijven verantwoordelijk zijn voor meer dan de helft van de CO2-emissies sinds 1988 -het jaar van de oprichting van het Internationale Panel voor Klimaatverandering. De Aderlating van de Wereld gebeurt zonder grote woorden, in post-koloniale tijden. 25 bedrijven, slechts, terwijl miljoenen mensen in Europa zich ’s morgens met CO2-wroeging in hun auto wurmen omdat ze ook de fiets hadden kunnen nemen. Teveel oneer.

Maar wat bedoelen we dan precies met dekolonisatie van ons denken? Uiteraard is het van belang om ons bewust te zijn van historische fouten, maar het zou niet goed zijn om de geschiedenis te herschrijven als een verhaal waarin de grens tussen koloniaal en gekoloniseerde haarscherp samenvalt met de grens tussen de actieve ontwerper en passieve onderworpene. De historische werkelijkheid is, jazeker, veel meer hybride.

Dit zouden we niet mogen vergeten als ook Afrikaanse leiders type Kabila met de koloniale erfenis zwaaien om ons te wijzen op ons historische ongelijk. Dit zouden we evenmin mogen vergeten als we nadenken over het dekoloniseren van ontwikkelingsprocessen.

Als “herkoloniseren” betekent dat we ons opnieuw bewust worden van de essentiële hybriditeit van zulke processen – dat ze het onvermijdelijke resultaat zullen zijn van een getouwtrek door allerlei soorten belanghebbenden en betrokkenen, geef mij die laatste term dan maar.

Kolonisatieprocessen zijn van alle tijden en plaatsen immers. Vergeven mag, vergeten niet.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift