Een gemiddelde Amerikaan is 92 maal rijker dan een Congolees. Is dat moreel aanvaardbaar?

Er is weer een nieuw woord voor een oude realiteit, en ze werpt er ook een nieuw licht op. In zijn jongste boek definieert Branko Milanovic staatsburgerschapsmeerwaarde om aan te geven dat het inkomen dat iemand heeft voor twee derde bepaald wordt door waar die persoon geboren en getogen is. Als ik weet dat u in Congo geboren bent kan ik u zeggen dat een Amerikaan 92 keer rijker is en een Braziliaan 13 keer rijker dan u.  

  • Paolo De Angelis (CC BY 2.0) Paolo De Angelis (CC BY 2.0)
  • Bron: Marshall Burke, Solomon Hsiang en Edward Miguel. Verwachte impact van klimaatverandering op BNP per hoofd van de bevolking in 2010 in een “business as usual” scenario, in vergelijking met een wereld zonder klimaatverandering Bron: Marshall Burke, Solomon Hsiang en Edward Miguel.

Vroeger zouden we gesproken hebben over ontwikkelingsproblematiek, of, nog vroeger, over derdewereldproblematiek. Met het verdwijnen van de tweede wereld verdween ook de derde, of althans het woord, niet de werkelijkheid. En met het toenemende besef dat onze eigen WEIRD (Western European Industrialised Radically Disturbed, zegde iemand onlangs) samenleving, hoe superieur sommigen ze in bepaalde opzichten ook mogen vinden, toch ook nog wel wat ontwikkeling kan gebruiken, verdwijnt opnieuw een woord om specifiek ongelijke kansen op wereldschaal te benoemen.

Branko Milanovic is volgende week op dinsdag 19 en woensdag 20 september te gast aan de Uantwerpen.

Een verhouding van 1 tot 92, dat is wel wàt. We moeten hier wel aan toevoegen dat dit verschil over het algemeen (zij het voorlopig niet voor Congo) lijkt te dalen. De ongelijkheid tussen landen lijkt volgens de laatste verwachtingen af te nemen, maar ze blijft wel groot genoeg, en de jaarlijkse daling klein genoeg, om er zeker toch nog even bij stil te staan.

Is het moreel en politiek onverantwoord dat een Amerikaan 92 keer rijker is dan een Congolees?

Een nieuw woord is dus alvast nuttig, hoewel het, toegegeven, niet echt vlot bekt. Het roept daarnaast ook nog twee vragen op: Allereerst een praktisch-filosofische vraag: moeten we ook spreken van een politiek staatsburgerschapsmeerwaardeprobleem, of is staatsburgerschaps-meerwaarde gewoon een curieuze vaststelling die we kunnen maken bij het ochtendlijke begroeten van de dingen? Is het moreel en politiek onverantwoord dat een Amerikaan 92 keer rijker is dan een Congolees? De tweede vraag gaat over de mogelijkheden die we zouden hebben om het probleem op te lossen, of tenminste te verminderen –moest het inderdaad een politiek probleem zijn.

Laten we die tweede vraag voorlopig tussen haakjes zetten, de eerste vraag komt niet alleen logischerwijze eerst. Soms hoor je immers ook, vlakaf, in één of andere bijzin of impliciet, heel wat argumenten door de media rollen die het probleem van grote verschillen in staatsburgerschapsmeerwaarde van de politieke scène willen evacueren. De eerste stap moet dus zijn om tegenwerk te bieden tegen zulke argumenten.

Waar wilde u geboren worden?

Om te beginnen een precisering: verschillen in staatsburgerschapsmeerwaarde zijn wel degelijk verschillen die mensen meestal (met uitzondering van de ca. 3% wereldbewoners die tijdens hun leven migreren) vanaf hun geboorte meekrijgen. Of je rijk dan wel arm bent hangt dus voor minstens tweederde af van factoren waar jijzelf als individu geen verantwoordelijkheid voor draagt.

Of je rijk dan wel arm bent hangt dus voor minstens tweederde af van factoren waar jijzelf als individu geen verantwoordelijkheid voor draagt.

Er is ook helemaal geen evidentie van verschillen in werklust tussen landen, wel integendeel, uit arbeidsstatistieken kan je eerder afleiden dat mensen met een kleinere staatsburgerschapsmeerwaarde doorgaans langer werken bijvoorbeeld—en uiteraard minder verdienen. Verschillen in staatsburgerschapsmeerwaarde reflecteren dus minstens kansenongelijkheid.

Kansenongelijkheid, het is iets waar ook een doorsnee kapitalist van wakker ligt: Het betekent immers dat mensen niet beloond worden naar talent of werk. Wat een onderbenutting van hulpbronnen!

Ook voor een doorsnee liberaal is er geen principiële reden waarom het ideaal van gelijke kansen zou moeten stoppen aan zoiets onliberaals als een landsgrens. Of zoals het uitgedrukt wordt in de beleidsnota van onze liberale minister van Ontwikkelingssamenwerking: ‘Iedereen heeft recht op een leven met gelijke en waardige kansen.’

Zorgen tussen verleden en morgen

Tenzij je conservatief bent. Het lijkt inderdaad een consistent conservatief standpunt om ervan uit te gaan dat alle verschillen in welvaart tussen landen nog steeds verdiende verschillen zijn, omdat de voorbije generaties van onze samenleving als collectief structuren hebben opgezet—zoals een democratisch staatsbestel, een sociale zekerheid, een geïndustrialiseerde economie, enzovoort—terwijl anderen dat nagelaten hebben.

De rijkdom waar de gemiddeld 92 keer rijkere Amerikaan van kan genieten werd niet alleen opgebouwd door zijn en haar voorouders, maar ook door systematisch in te teren op de ecologische capaciteit van heel de wereld.

Op die manier hebben de huidige generaties niet alleen het recht om van deze meerwaarde te genieten maar ook de morele plicht t.a.v. hun voorouders om zorg te dragen voor deze erfenis. Omgekeerd zou dit verschil ook een stimulans moeten zijn voor anderen om de handen uit de mouwen te steken en gelijkaardige structuren uit te bouwen.

Het enige probleem is dat deze redenering steeds minder steek houdt naarmate de “samenleving” alsdusdanig meer en meer globaliseert. De rijkdom waar de gemiddeld 92 keer rijkere Amerikaan van kan genieten werd niet alleen opgebouwd door zijn en haar voorouders, maar ook door systematisch in te teren op de ecologische capaciteit van heel de wereld. Ook landen zoals Congo, die steeds ver onder hun ecologische capaciteit presteerden, moeten nu plots mee ‘onze’ klimaatproblemen oplossen.

Het afschuwelijke van de klimaatverandering is zelfs dat de grootste slachtoffers van de klimaatverandering rond de evenaar liggen –precies waar de mensen wonen met de kleinste staatsburgerschapsmeerwaarde. Althans volgens een aantal recente simulaties van een “business as usual” scenario zouden precies de economieën rond de evenaar gehalveerd worden en de economieën in het noorden zelfs een positief effect ondervinden van de klimaatverandering—minder koude winters, langere landbouwseizoenen, minder verwarmingskosten, enz.

Bron: Marshall Burke, Solomon Hsiang en Edward Miguel.

Verwachte impact van klimaatverandering op BNP per hoofd van de bevolking in 2010 in een “business as usual” scenario, in vergelijking met een wereld zonder klimaatverandering

Uiteraard wil ik hier niet beweren dat de ontwikkelingsproblematiek van Congo kan teruggebracht worden tot een klimaatprobleem dat door ons werd veroorzaakt. Maar we gaan evenmin vrijuit, en we gaan ook minder vrijuit dan de doorsnee Congolees.

Niet alleen vanuit een liberaal potje breken-potje betalen-principe: het zou ook niet meer dan consistent conservatief zijn om het verschil in staatsburgerschapsmeerwaarde, voor zover dat veroorzaakt werd door processen als klimaatverandering, te begrijpen als een gebrek aan zorg voor de erfenis van hen die onze welvaart mee hebben opgebouwd.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2643   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift