De betogingen in Iran zijn (het begin van) het einde

Een vrij Iran kan pas verrijzen als de bevolking het regime op de knieën heeft gedwongen

© Julie Vangeel

Als studente nam Ladan Rahbari meermaals deel aan betogingen in Iran. De Belgisch-Iraanse politiek sociologe, vandaag docente aan de Universiteit van Amsterdam, herinnert zich de grimmige sfeer nog goed: ‘Ik denk niet dat ik ooit in mijn leven een vergelijkbare angst heb ervaren.’ Ze kan zich nauwelijks inbeelden dat het geweld vandaag nog vele malen erger is.

‘Vrouw, leven, vrijheid’: al maandenlang scanderen betogers in heel Iran die slogan. Sinds het losbarsten van de demonstraties, in september 2022, zouden volgens mensenrechtenorganisaties al meer dan 400 mensen zijn vermoord door het regime. Meer dan 15.000 demonstranten zouden zijn gearresteerd.

Het was de moord op Mahsa Zhina Amini die de lont in het kruitvat stak. De tweeëntwintigjarige Koerdische vrouw overleed drie dagen na haar arrestatie in een ziekenhuis in de Iraanse hoofdstad Teheran.

Zhina – ik noem haar het liefst bij haar Koerdische naam – werd opgepakt door de beruchte zedenpolitie, een afdeling van de politie die toeziet op de verplichte sluiering van vrouwen in de openbare ruimte.

Na de moord op de jonge vrouw probeerden regeringsfunctionarissen de verantwoordelijkheid van zich af te schuiven. De Iraanse staat bracht een rapport uit waarin ze beweerde dat Zhina al bestaande aandoeningen had die tot haar dood hadden geleid. Haar familie ontkende dat met klem en hield vol dat Zhina stierf als gevolg van politiegeweld.

Ondanks verwoede inspanningen van de Iraanse overheid om het internetverkeer stil te leggen, overspoelen beelden van de betogingen de sociale media. Iraniërs, vooral de jongeren met een beetje technische skills, weten de blokkades te omzeilen. Op die manier slagen ze erin om de beelden van vrouwen die hun haar afknippen of hun hoofddoek verbranden de ether in te sturen.

Verspreiding ideologie

Het Iraanse regime is geobsedeerd door zijn imago. Het wil niet alleen aan de macht blijven, maar ook zijn eigen ideologie zo ruim mogelijk verspreiden. De ambities van het regime om “zijn revolutie uit te dragen” – dat wil zeggen: de ideologische bouwstenen van de revolutie van 1979 – dateren van de oprichting van de Islamitische Republiek. Ze zijn gebaseerd op waanbeelden over de morele en politieke superioriteit van het regime.

De verspreiding van complottheorieën is een gebruikelijke strategie van de Iraanse autoriteiten.

Het is net dat imago dat bedreigd wordt door Iraniërs met afwijkende meningen. De wijdverbreide internetblokkades dienen zo twee doelen: ze maken het de betogers logistiek knap lastig én zorgen ervoor dat zij de beelden van de manifestaties en het politiegeweld moeilijker kunnen verspreiden.

Ali Khamenei, de “opperste leider” van Iran, verbrak zijn stilzwijgen pas toen de protesten in het hele land al twee weken bezig waren. Hij beweerde dat de Verenigde Staten, Israël en Iraniërs in het buitenland de “rellen” hadden georganiseerd. De verspreiding van complottheorieën is een gebruikelijke strategie van de Iraanse autoriteiten.

Uit de toespraak van Khamenei bleek bovendien ook zijn steun voor de politie en de speciale eenheden die de betogingen met geweld onderdrukken. ‘Wij verdedigen de strijd tegen onrechtvaardigheid’ zei Ebrahim Raisi, de Iraanse president, tijdens de algemene vergadering van de Verenigde Naties in New York. De hypocrisie van het Iraanse regime was zelden zo zichtbaar.

Geschiedenis

Protesteren is niets nieuws in Iran. Al tientallen jaren protesteert het Iraanse volk tegen staatsgeweld, institutionele vrouwenhaat, seksuele en etnische onderdrukking, en de arrestaties van activisten die zich inzetten voor politieke, milieu-, arbeids- en vrouwenrechten.

Vlak na de revolutie van 1979 protesteerden vrouwen al tegen het verplichte dragen van de hidjab. Hardliners, maar ook progressieve mannen die vrouwenkwesties destijds te banaal vonden, ontketenden een harde repressie.

© Julie Vangeel

Al tientallen jaren protesteert het Iraanse volk tegen staatsgeweld, institutionele vrouwenhaat, seksuele en etnische onderdrukking, en de arrestaties van activisten die zich inzetten voor politieke, milieu-, arbeids- en vrouwenrechten.

De jaren tachtig waren een bloedige tijd. Niet alleen vanwege de oorlog tussen Iran en Irak, maar ook door de grootschalige executies van Iraanse politieke gevangenen.

In 1999 en 2003 eisten studenten ingrijpende sociale en politieke hervormingen. In 2005 volgden meer betogingen, onder andere voor vrouwenrechten. En in 2007 protesteerden Iraniërs tegen de rantsoenering van benzine die de regering had ingevoerd.

Na de omstreden herverkiezing van Mahmoud Ahmadinejad, in 2009, zag de Groene Beweging het licht. Overal in het land braken er protesten uit. Bij velen, waaronder ikzelf, heerst er een wijdverspreid geloof dat de verkiezingsuitslag frauduleus was.

Net zoals bij de protesten van 2022, waarbij Mahsa Zhina Amini uitgroeide tot hét symbool van het Iraanse verzet, lokte de moord op een andere jonge vrouw, Neda Agha-Soltan, in 2009 heel wat verontwaardiging uit. Betogers legden haar dood op camera vast.

Vanaf het midden van de jaren 2010 werd het protest in verschillende vormen voortgezet. In 2014 lanceerde journaliste en vrouwenrechtenactiviste Masih Alinejad de campagne My Stealthy Freedom. Die was gericht tegen het verplichte dragen van de hidjab in Iran.

De campagne was erg populair, vooral onder jongere vrouwen. In een poging om vrouwenactivisten wekelijks samen te brengen, werd in 2017 een uitloper van My Stealthy Freedom opgericht: de campagne White Wednesdays. Daarbij droegen vrouwen elke woensdag een (meestal) witte hoofddoek.

‘We hebben geen schrik meer voor de machinegeweren, tanks en kanonnen.’

Sinds 2017 kreeg het activisme van vrouwen in Iran tegen de verplichte hidjab een nieuwe impuls. Sommige vrouwen handelden op zelfstandige basis, anderen tekenden zich in bij de White Wednesdays-campagne en namen hun sluier af in de openbare ruimte.

Deze golf van activisme staat ook bekend als de The Women Of Revolution Street, omdat de vrouwen vaak hun sluier afnamen op een van de drukste locaties van Teheran, de Straat van de Revolutie.

Sindsdien vonden in Iran tal van betogingen en stakingen plaats. Sommige daarvan begonnen regionaal en verspreidden zich over het hele land. Ook als de eisen van de demonstranten aanvankelijk eerder plaatsgebonden waren, veranderden de slogans al snel in ‘weg met de dictator’.

De protesten escaleerden en leidden tot wat eind 2019 en begin 2020 ‘Bloedige November’ werd genoemd. Naar schatting 1500 Iraanse betogers werden gedood. In januari 2020 haalden Iraanse luchtdoelraketten ook een Oekraïens burgervliegtuig neer. Alle 176 inzittenden stierven. Dat leidde tot meer kritiek en protesten.

Het regime legde toen voor het eerst het internet volledig plat. De Iraniërs raakten zo niet alleen van elkaar afgesloten, maar ook van de buitenwereld. Ondanks het geweld van de veiligheidstroepen gingen de protesten ook in 2021 sporadisch door. En na de moord op Zhina zouden ze in alle hevigheid losbarsten.

Verenigd verzet

Het is opmerkelijk dat etnische groepen in Iran, waaronder Koerden, Baluchi en Arabieren, al decennialang met de staat vechten over hun politieke en sociale rechten. Vandaag hebben deze groepen zich verenigd om hun gemeenschappelijke vijand te verslaan.

En het Iraanse regime? Na vier decennia van kritiek, vreedzame betogingen en verzet is zijn antwoord min of meer onveranderd gebleven.

Nog altijd doodt, arresteert, martelt en maakt het betogers monddood. Het optreden van het regime is brutaler dan ooit. Zwaarbewapende politieagenten ruimen de straten van Iran. Ze openen het vuur op ongewapende betogers, terwijl sluipschutters vanaf daken op mensen schieten. Het internet ligt plat en gewelddadige arrestaties van betogers zijn de norm. Zelfs schoolkinderen zijn een doelwit.

Als studente in Iran nam ik deel aan meerdere betogingen. Later raakte ik ook betrokken bij de Groene Beweging van 2009. De grimmige sfeer in de straten van Teheran herinner ik me nog goed. Ik denk niet dat ik ooit een vergelijkbare angst heb ervaren.

In de buurt van het Plein van de Revolutie raakten enkele medebetogers en ik omsingeld door gewapende veiligheidstroepen. Om ons heen klonken geweerschoten. We wisten niet uit welke richting de schoten kwamen. Mensen schreeuwden en renden in het rond. Vandaag hoor ik van verschillende mensen dat er veel gewelddadiger wordt opgetreden dan in 2009. Ik kan me dat nauwelijks voorstellen.

© Julie Vangeel

Vandaag gebruiken vrouwen hun haar als wapen om meer vrijheid te eisen.

Wat is er dit keer anders?

Vier weken na het begin van de betogingen scandeerden de studenten aan de Amirkabir Universiteit: ‘We hebben geen schrik meer voor de machinegeweren, tanks en kanonnen. Vertel aan onze moeder dat ze geen dochter meer heeft.’

De slogan toont aan dat jonge demonstranten liever sterven dan dat ze de status quo aanvaarden. De frustratie en hopeloosheid hebben een kookpunt bereikt. De Iraniërs lijken te beseffen dat ze niet meer moeten rekenen op geleidelijke hervormingen. Verandering begint bij een volledige machtswissel in Iran.

Beelden van jonge meisjes die hun middelvinger opsteken naar Khamenei en Khomeini gaan de wereld rond. Het regime is er niet in geslaagd om hen tot volgzame burgers te kneden.

Sinds de Iraanse revolutie in 1979 bleven sommige Iraniërs sceptisch over hervormingen. Vele anderen hoopten werkelijk dat de zaken beter zouden worden door te stemmen op hervormingsgezinde machthebbers – denk aan de presidenten Khatami (1997-2005) en Rouhani (2013-2021).

Toch zorgden ook die regeringen niet voor fundamentele veranderingen. Mensenrechten, de rechten van vrouwen en minderheidsgroepen werden blijvend ondermijnd en genegeerd. Regering na regering.

De systematische onderdrukking van vrouwen, de lgbti-gemeenschap, etnische en religieuze groepen frustreert de Iraniërs zichtbaar. Ook het voortdurende en afschuwelijke wanbeheer van de rijkdommen van het land, de rampzalige aanpak van de coronapandemie en de toenemende corruptie leidt tot heel wat onvrede.

Het klopt dat internationale sancties de Iraniërs hard treffen. Toch duiden ze steeds meer de regering aan als hoofdverantwoordelijke voor de algemene malaise. In hun ogen moet de regering met oplossingen komen voor pakweg de moeilijke economische omstandigheden. Door een aantal catastrofale politieke beslissingen heeft ze de sancties bovendien zelf in de hard gewerkt, oordelen velen.

De huidige protesten zijn ook anders door hun omvang en geografische spreiding. Het beeld van Zhina heeft voor eenheid gezorgd onder Iraniërs van alle leeftijden, geslachten, etnische groepen en religies. Zhina is in het hele land uitgegroeid tot een feministisch symbool dat mensen, ondanks hun onderlinge verschillen, verenigt voor een gemeenschappelijk en revolutionair doel.

Nog een verschil is de rol van nieuwe, jongere generaties in de protesten. Beelden van jonge meisjes die hun middelvinger opsteken naar Khamenei en Khomeini gaan de wereld rond. Deze meisjes zijn het beste voorbeeld van het ideologische falen van het Iraanse regime. Ze zijn na de revolutie geboren en kregen les aan Iraanse scholen, die veelal als propagandacentra fungeren. Toch is het regime is er niet in geslaagd om hen tot volgzame burgers te kneden.

Wat deze nieuwe generatie ten slotte ook anders maakt, is haar relatie met de wereld. Dit zijn jonge digital natives, ze zijn voortdurend verbonden met het internet en hebben toegang tot wereldwijde informatie, ondanks de pogingen het regime om het internet te blokkeren. In mijn jeugd was dat anders. Velen van ons moesten op verschillende fronten vechten: niet alleen tegen de onderdrukking door het regime, maar soms ook tegen onze ouders.

Ontsluiering en symboliek

Vandaag zijn vrouwen de drijvende kracht achter het protest. Het recht om zich niet te sluieren en hun eis om als gelijkwaardige burgers te worden behandeld, staan centraal. De jarenlange strijd tegen de verplichte sluier mag niet gemakshalve geïnterpreteerd worden als ‘tegen religie’ of ‘tegen de islam’.

De protesten zijn gericht tegen de zeer specifieke interpretatie van religie van de Islamitische Republiek. Die geeft de “opperste leider” absolute macht over het land en rechtvaardigt geweld tegen vrouwen in naam van gedwongen vroomheid. Wanneer Iraanse vrouwen hun sluiers in brand steken, verbranden zij het symbool van de onderdrukking in naam van de godsdienst.

Vandaag gebruiken vrouwen hun haar als wapen om meer vrijheid te eisen.

Het regime heeft geprobeerd om de protesten te bagatelliseren. Het schildert de demonstranten af als anti-islamitisch.

Op het officiële Twitterprofiel van Khamenei was zelfs te lezen dat demonstranten religieuze symbolen aanvielen. Maar de slogans en acties van de mensen spreken voor zich. Het regime en haar symbolen liggen onder vuur.

Het is overigens even absurd om de belangrijke strijd van Iraanse vrouwen tegen de verplichte sluier te ondermijnen met de bewering dat alleen maar de sancties of de economische malaise de protesten uitlokken. Zeker, die zaken hangen samen en hebben de frustratie van de mensen aangewakkerd. Maar het langdurige activisme van vrouwen en de dood van Zhina vormen vanaf dag één de kern van het aanhoudende protest.

De strijd van Iraanse vrouwen voor lichamelijke integriteit maakt deel uit van de strijd tegen patriarchale instellingen die vrouwen overal ter wereld voeren. Het is een gevecht tegen de Iraanse staat, die het lichaam en het haar van vrouwen heilig heeft verklaard, en overmatig heeft geseksualiseerd.

Vandaag gebruiken vrouwen hun haar als wapen om meer vrijheid te eisen. De verplichte sluier is zo fundamenteel voor de identiteit van het Iraanse regime dat er geen manier is om die af te schaffen, zonder dat het hele systeem instort.

Geen weg terug?

Van Europese vrienden hoorde ik dat het aantal demonstranten niet zo groot lijkt. Zeker in vergelijking met het gigantische aantal Iraniërs dat zich in Europese en Amerikaanse steden heeft verzameld uit solidariteit met de demonstranten. Meer dan 80.000 mensen marcheerden op 22 oktober door de straten van Berlijn.

Voor Europeanen lijkt het aantal betogers in Iran daarom misschien klein. Vaak vragen ze zich af of de meerderheid van de Iraniërs de protesten wel steunt.

Ook al is het misschien niet vandaag of morgen, de ineenstorting van het systeem komt dichterbij.

Het antwoord daarop is duidelijk: ja. Uiteraard, niet iedereen sluit zich bij de protesten aan. Wie de beelden zag van de neergeschoten betogers kan zich voorstellen waarom sommige mensen voorzichtig blijven. De troepen van het regime gebruiken steeds meer geweld om de protesten neer te slaan.

Wat je online ziet is bovendien maar het topje van de ijsberg: na de arrestatie volgt marteling, verkrachting en moord. Ook de familie en geliefden van de demonstranten worden bedreigd. Het is gruwelijker dan je je kunt voorstellen.

Het regime maakt het mensen bijzonder lastig om deel te nemen aan de betogingen. Scholen, universiteiten en openbare diensten blijven open en lokale autoriteiten moeten afwezigheden registreren. Wie niet naar het werk gaat is zo automatisch verdacht. Maar vergis je niet: na meer dan 20 jaar sociologisch onderzoek en betogingen hebben we genoeg informatie om te weten wat de meeste Iraniërs willen.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Ondanks de gewelddadige repressie gaan de betogingen onverminderd voort. Daarnaast zijn er in de openbare ruimte straatkunst en graffiti aangebracht, waaronder afbeeldingen van vrouwen die de afgelopen weken zijn gedood. En ook online woedt het protest. Daarbij speelt de Iraanse diaspora een belangrijke rol.

Het regime houdt nog altijd vast aan de macht. Wat de toekomst zal brengen, is moeilijk te voorspellen. Maar ook al is het misschien niet vandaag of morgen, de ineenstorting van het systeem komt dichterbij.

Na de wreedheden van het regime zal geen enkel verhaal over hervormingen meer enige legitimiteit hebben. Een nieuwe generatie moeders heeft haar kinderen verloren. Een nieuwe generatie betogers heeft haar vrienden in de straten van Iran in het bloed zien verdrinken. Deze generatie zal elk voorstel om de regering te hervormen meteen afschieten.

Er is geen weg terug voor het Iraanse regime. De eis van het Iraanse volk is duidelijk: pas als het de Islamitische Republiek Iran op de knieën heeft gedwongen, kan een vrij Iran verrijzen. Deze hoop blijft het machtigste wapen van de Iraniërs.

Dit essay werd geschreven voor het winternummer van MO*magazine. Vind je dit artikel waardevol? Word dat proMO* voor slechts 4 euro per maand en help ons dit journalistieke project mogelijk maken, zonder betaalmuur, voor iedereen. Als proMO* ontvang je het magazine in je brievenbus én geniet je van tal van andere voordelen.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3306   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift