Vernietigt Israël wat Europese hulp opbouwt?

In 2015 vernietigde Israël al 58 Palestijnse structuren die financiering ontvingen van de Europese Unie en haar lidstaten. Dat zeggen goed ingelichte Europese bronnen tegen MO*. Daarmee staat de teller absoluut hoger dan het volledige vorige jaar, waarin “slechts” 50 EU-gesteunde structuren werden vernield.

Van januari tot augustus 2015 werden 450 Palestijnse structuren op de Westelijke Jordaanoever, inclusief Oost-Jeruzalem, door Israël vernietigd. Het merendeel van de sloopwerken, 86 procent, vond plaats in Zone C, bezet Palestijns gebied dat volledig onder de militaire en administratieve controle van Israël staat. De Israëlische afbraakpolitiek in Zone C steeg met tien procent tegenover dezelfde periode in 2014.

PSP / Flickr (CC by-sa 2.0)

Die afbraakpolitiek is niet nieuw, en de stijging lag zelfs in de lijn van de verwachtingen, zeggen waarnemers. De Israëlische premier Netanyahu staat immers onder hevige druk van enkele ministers in zijn coalitie om Palestijnse structuren af te breken die zonder — nauwelijks te verkrijgen — vergunningen zijn opgezet.

Opvallend en nieuw is dat projecten die EU-steun kregen, geviseerd lijken door hun politiek gevoelige ligging in Zone C (zie kader Zone C onderaan artikel). Sinds begin dit jaar werden in Zone C minstens 58 constructies vernietigd, die door de Europese Unie en haar lidstaten werden gesteund. Ter vergelijking, in 2014 werden over het ganse jaar 50 EU-gesteunde projecten afgebroken. Dat zeggen Europese bronnen aan MO*.

Wie handelt illegaal?

‘Voor Palestijnen is het zo goed als onmogelijk om bouwvergunningen in bijna heel Zone C te krijgen’, zegt de VN-organisatie OCHA in een recent rapport (september 2015) over het afbraakbeleid in Zone C.
Slechts 1 procent van de Palestijnse bouwaanvragen in Zone C wordt goedgekeurd door Israël. Dat heeft tot gevolg dat Palestijnen vaak geen andere keuze hebben dan te bouwen zonder vergunning.

En dat heeft dan weer tot gevolg dat Israël de Palestijnse constructies, gaande van sanitaire voorzieningen tot infrastructuurwerken en woningen, als illegaal bestempelt.

De Zweedse ngo Diakonia onderzocht of het Israëlisch planningsbeleid in Zone C overeenstemt met het Internationaal Recht. In een veelvuldig geciteerd rapport ‘Planning to fail’ (2013) oordeelt Diakonia dat Israël illegaal handelt in Zone C.

Het afbraak- en confiscatiebeleid in Zone C drukt een enorme stempel op de humanitaire situatie en de ontwikkelingsmogelijkheden van de Palestijnse bevolking.

Volgens de ngo schendt Israël manifest het non-discriminatieprincipe zoals dat werd bepaald in internationale mensenrechtenverdragen. Er is immers sprake van verregaande ongelijke behandeling door Israël van Palestijnen (die nauwelijks een bouwvergunning krijgen) en Israëlische kolonisten (die wel bouwvergunningen krijgen) . Volgens de geest van de Vierde Conventie van Genève moet de bezettende macht ook de belangen van de lokale bevolking behartigen en niet tegenwerken, zegt Diakonia ook. Maar daar houdt Israël zich absoluut niet aan, aldus de ngo.

Het afbraak- en confiscatiebeleid in Zone C drukt een enorme stempel op de  humanitaire situatie en de ontwikkelingsmogelijkheden van de Palestijnse bevolking. Vooral de meest kwetsbare groepen als de Palestijnse bedoeïenen zijn slachtoffers. Zo werden in augustus nog in Noordoost-Jeruzalem 39 structuren van Palestijnse bedoeïengemeenschappen afgebroken. 126 mensen – waarvan tachtig kinderen – werden dakloos. Nog ter info: negen van de vernielde — kleinschalige — structuren kaderden in een Europees humanitair steunproject aan deze groep.

Europese humanitaire hulp met of zonder vergunningen

Vandaag worden Europese humanitaire projecten ter waarde van maar liefst 2,2 miljoen euro bedreigd door afbraak.

Echo, de Europese dienst voor humanitaire hulp en civiele bescherming, richt zich naar kwetsbare gemeenschappen in Zone C, specifiek deze die – door kolonistengeweld of uitbreiding van nederzettingen – problemen ondervinden bij de toegang tot hun eigen land. Zo steunt de Europese Commissie 7000 Bedoeïenen in Noordoost-Jeruzalem die al jaar en dag bedreigd worden met gedwongen verplaatsing, net als de inwoners van Zuid-Hebron en de 6200 Palestijnen in gebieden die door Israël herbestemd werden als “vuurzones” of afgesloten militaire zones voor training.

Conclusie: Europa levert afbraakgevoelige humanitaire hulp, steunt projecten die Israël als illegaal bestempelt. Dat klopt in de praktijk, zeggen ngo’s. Want Europa volgt hier het Internationaal Recht, niet het vergunningsprincipe van Israël.

‘Specifiek voor humanitaire hulpprojecten in de Bezette Palestijnse Gebieden vraagt Europa geen vergunningen of voorafgaande toelating aan de Israëlische autoriteiten’, bevestigen Europese bronnen aan MO*.

‘Het Israëlische zone- en planningsregime legt immers onnodige en onaanvaardbare vertragingen op bij het leveren van assistentie en essentiële diensten aan de meest kwetsbare gemeenschappen.’ Wel rapporteren de EU en de lidstaten onrechtstreeks via de VN. Die legt als coördinerende autoriteit Israël jaarlijks een lijst voor van internationaal geplande steunprojecten.

Slechts drie ontwikkelingsplannen goedgekeurd

Anders dan bij humanitaire projecten worden voor ontwikkelingsprojecten wel vergunningen aangevraagd bij de Israëlische autoriteiten.

Europa en de lidstaten steunen in dit kader de Palestijnse ontwikkelingsplannen, in het jargon ook ‘master plans’ genoemd. Die plannen, gebaseerd op de specifieke noden van de lokale gemeenschappen worden aan de Israëlische autoriteiten voorgelegd.

Maar ook dat verloopt bijzonder moeizaam. Van de 108 ontwikkelingsplannen die voorliggen, werden 77 overhandigd aan de Israëlische autoriteiten. Slechts drie daarvan werden goedgekeurd. 48 plannen wachten al meer dan achttien maanden op een antwoord, zeggen de Europese bronnen.

‘In samenspraak met de donorgemeenschap, waaronder de EU, heeft de Palestijnse Autoriteit die plannen geïnitieerd’, legt Brigitte Herremans van Broederlijk Delen/Pax Christi uit. ‘Israël verklaarde zich akkoord maar keurde voorlopig maar drie plannen goed. Dan kan je de vraag stellen of de Israëlische autoriteiten echt wel akkoord gaan.’

Herremans stelt, samen met andere ngo’s, ernstige vragen bij het huidige gebruik van de ontwikkelingsplannen. ‘We weten dat de Internationale Gemeenschap Zone C niet wil opgeven omdat een Palestijnse staat anders onmogelijk wordt. Europa hanteert daarin een pragmatische aanpak en wil tegemoet komen aan de humanitaire noden van de Palestijnse bevolking. De ontwikkeling van die master plans past perfect in die aanpak.’

‘We begrijpen die pragmatiek wel en erkennen dat dit op korte termijn positief kan zijn voor een aantal Palestijnse gemeenschappen. Maar tegelijk kan die aanpak op lange termijn contraproductief zijn. Israël krijgt immers het signaal dat het gerust verder kan doen, ook als is het planningsregime in strijd met het Internationaal Recht en dus illegaal.’

‘De EU moet dat duidelijk maken aan Israël en wijzen op de plichten die een bezettende macht heeft. Als bezettende macht heeft Israël immers de verantwoordelijkheid om het openbare leven van de Palestijnse bevolking te laten doorgaan. Israël moet de lokale bevolking betrekken bij de ontwikkeling van het gebied.’

EU tussen politieke daadkracht, hulp en dialoog

In december 2014 besloten de EU en de lidstaten om systematisch te reageren op vernielingen en confiscaties in Zone C, en tegelijk een dialoog te starten met de Israëlische overheid. In de laatste conclusies van de Europese Raad (juli 2015) verzetten de EU en de lidstaten zich uitdrukkelijk tegen het Israëlische afbraak- en confiscatiebeleid. De EU eist dat Israël meer Palestijnse ontwikkeling toelaat, in het kader van een tweestatenoplossing. ‘De Palestijnse aanwezigheid in Zone C wordt cruciaal geacht door de EU.’

‘Het probleem is dat Israël weigert te praten over de nederzettingen en dat de dialoog zo wordt uitgehold.’

‘Het probleem is daarbij wel’, zegt Brigitte Herremans, ‘dat Israël weigert te praten over de nederzettingen en dat de dialoog zo wordt uitgehold.’

‘De Europese lidstaten zitten helaas ook niet op één lijn en verliezen zich onderling soms in ellenlange semantische discussies. Het is tijd voor een coherent beleid, vanuit het besef dat Europa op dit moment de bezetting onrechtstreeks in stand houdt zolang het de druk op Israël niet opvoert.’

Intussen gaat de afbraak door.

België vroeg compensatie

Ook België zag 55.500 euro steungeld mee verdwijnen toen in september 2014 een elektriciteitsnetwerk in Khirbet al Tawil, gefinancierd door het Belgisch Ontwikkelingsagentschap BTC, werd vernietigd. Eerdere demarches van België om de vernietiging tegen te houden, werden genegeerd.

Een jaar later blijkt dat België nog geen compensatie ontving

Buitenlandminister Didier Reynders veroordeelde de vernietiging dan ook in zeer duidelijke taal. Hij wees op de nefaste impact voor de bevolking, die rechstreeks werd geraakt in de toegang tot water en economische activiteiten. Reynders eiste een schadevergoeding van Israël en riep op tot een gestructureerde Europese aanpak inzake compensatie voor vernietigde projecten.

Een jaar later blijkt dat België nog geen compensatie ontving en ook geen verdere stappen lijkt te ondernemen. ‘België stapte, als Europese lidstaat, mee in de structurele dialoog tussen Israël en de EU, een opportuniteit om aandacht voor deze zaak te vragen’, klinkt het opvallend afgezwakte antwoord in Belgische diplomatieke kringen.

‘Door die compensatie publiek, en niet achter de schermen, te vragen, speelde België een voortrekkersrol. Maar daar mag het niet bij blijven’, reageert Brigitte Herremans. ‘Nu verschuilt ons land zich achter de EU, waar het dossier blijft steken.’

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur