De Zuid-Afrikaanse regenboog wordt vervangen door de oude zwart-wit tegenstellingen

Net op het moment dat de Zuid-Afrikaanse president Jacob Zuma zwakker staat dan ooit, twitterde de West-Kaapse premier Helen Zille over de vooruitgang die blanke kolonisten naar het continent brachten. De droom van een regenboognatie ligt aan diggelen en de oude tegenstellingen lijken helemaal terug. Of niet? Baldwin Van Gorp zocht het uit voor MO* in de West-Kaap.

© Baldwin Van Gorp

Gugulethu een arme township op 15 kilometer van Kaapstad

Ieder land telt wel een aantal twitterende toppolitici die, schijnbaar zonder nadenken, hun persoonlijke opvattingen met hun volgers delen. Ze lijken ook bijzonder hardleers. Helemaal onbegrijpelijk is dat echter niet. Wie er immers in slaagt om met slechts 140 tekens de publieke en de media-agenda te bepalen, heeft geen uitgekiende persberichten, mediacampagnes en persconferenties nodig. In dat opzicht is Twitter een speeltje in de handen van politici die hengelen naar aandacht.

Helen Zille tweette in 2016 dat het normaal zou zijn om in een restaurant de tafelindeling volgens ras te doen omdat ook op de werkplek mensen volgens “velkleur” worden ingedeeld.

De Zuid-Afrikaanse politica Helen Zille hanteert dezelfde communicatiestrategie. In december 2016 had ze bijvoorbeeld getweet dat het normaal zou zijn om in een restaurant de tafelindeling volgens ras te doen omdat ook op de werkplek mensen volgens “velkleur” worden ingedeeld.

Hoewel ze daarbij een vraagteken gebruikte, blijft het een opmerkelijke uitspraak. Dat is zeker het geval als je bedenkt dat deze afkomstig is van de premier van de West-Kaap die met haar partij DA (Democratic Alliance) de ambitie heeft om het legendarische ANC (African National Congress) tijdens de volgende nationale verkiezingen in 2019 te verslaan.

Bij de verkiezingen van 7 mei 2014 behaalde ANC 62 en DA 22 procent van de stemmen. Het verschil is immens, maar DA blijft, meer dan ooit tevoren, volharden in het zich profileren als het enige en volwaardige alternatief voor het ANC. Het is daarom dat Helen Zille in 2015 het voorzitterschap van de partij had afgestaan aan Mmusi Maimane. Zille behoort immers tot de acht procent blanken in het land, Maimane tot de zwarte meerderheid die goed is voor 81 procent van de bevolking. Wie het ANC van de troon wilt stoten, kan niet anders dan de harten van de zwarte bevolking te veroveren.

Wie het ANC van de troon wilt stoten, kan niet anders dan de harten van de zwarte bevolking te veroveren.

Wat DA schijnbaar de wind in de zeilen geeft, is de niet aflatende stroom aan beschuldigingen die president Jacob Zuma al sinds zijn aantreden in 2009 parten speelt. Het meest opzienbarende schandaal was “Nkandlagate”. In 2014 becijferde een anti-corruptiecommissie dat Zuma 246 miljoen rand (meer dan 18 miljoen euro) gespendeerd had aan verfraaiingswerken aan Nkandla, zijn riante verblijf in de oostelijke provincie KwaZulu-Natal. Toen hij eind maart 2016 op televisie verscheen, dachten velen dat hij zijn ontslag zou aankondigen. In plaats daarvan bood hij zijn excuses aan en zei hij het slachtoffer geweest te zijn van onduidelijke wetgeving.

Eind juni 2016 raakte uiteindelijk bekend dat de president van de Schatkist omgerekend 580.000 euro uit eigen zak moest terugbetalen. Het zou dan gaan over het deel dat niet bestemd was voor de verbetering van de beveiliging van het onderkomen. De oppositiepartijen, waaronder DA, vonden die milde regeling opnieuw een signaal dat het tijd was om een einde te maken aan meer dan twintig jaar alleenheerschappij van het ANC. De uitslag van de lokale verkiezingen in augustus vorig jaar lijken die trend te bevestigen. DA sleepte de burgemeesterssjerp in de wacht in onder meer drie belangrijke grootstedelijke kiesdistricten: Johannesburg, Nelson Mandelabaai (met Port Elisabeth als grote stad) en Tshwane (met Pretoria).

© Baldwin Van Gorp

De bekende Tafelberg met op de voorgrond het township Gugulethu

Sinds 1994 heeft de zwarte meerderheid in Zuid-Afrika de politieke macht in handen. President Zuma is vast van plan om hetzelfde te doen met de economische macht, die nog grotendeels in handen van blanken is. Het gezinsinkomen van blanken is immers vijf maal groter dan dat van zwarten. Met zijn Radical Economical Transformation wil hij daarin verandering brengen, net zoals iedereen die kan aantonen tijdens het apartheidsregime onrechtmatig eigendom aan blanken verloren te hebben de mogelijkheid heeft die gronden weer op te eisen.

Ondanks dat Zuma in de West-Kaap en in de grote steden terrein verliest, heeft hij een stevige electorale achterban op het platteland

Ondanks dat Zuma in de West-Kaap en in de grote steden terrein verliest, heeft hij een stevige electorale achterban op het platteland waar de mensen nog steeds loyaal zijn aan hun “bevrijders”. Zij weten Zuma’s populistische retoriek en radicale ingrepen te smaken.

Met zijn politieke tegenstanders, ook binnen zijn eigen partij en regering, gaat Zuma op een dictatoriale manier om. Zo heeft hij begin april tien ministers vervangen, waaronder zijn minister van Financiën. De Afrikaanse krant Die Burger noemde dit manoeuvre op haar voorpagina Zuma’s “Nacht van de Lange Messen”, naar analogie van de moordpartij waarmee Hitler en Himmler in 1934 komaf maakten met hun politieke tegenstanders. De gevolgen bleven echter niet uit. Ratingbureaus, zoals Standard & Poor’s (S&P), verlaagden de kredietwaardigheid van het land tot de rommelstatus.

Een positieve kant aan het kolonialisme?

Het toenemende verzet tegen Zuma, met inbegrip van de anti-Zumafractie binnen het ANC, suggereert dat de politieke kaarten voor DA gunstiger liggen dan ooit te voren. De vraag is dan ook wat de partij zal doen met een twitteraar zoals Helen Zille. Op 16 maart twitterde ze het volgende: ‘For those claiming legacy of colonialism was ONLY negative, think of our independent judiciary, transport infrastructure, piped water etc.’. Met andere woorden, driehonderd jaar kolonialisme had volgens de premier het land niet uitsluitend negatieve dingen gebracht.

Over deze ene tweet valt er heel wat te zeggen. Er is om te beginnen de feitelijke discussie welke positieve ontwikkelingen het kolonialisme op zijn conto mag schrijven. De Nederlandse kolonisten waren bijvoorbeeld niet de eerste scheepvaarders en een heel aantal uitvindingen uit die tijd waren Chinees van oorsprong, zoals het kompas, buskruit, de kruisboog, de mechanische klok en porselein. De inheemse stammen had toen bovendien al een manier om hun velden te bevloeien uitgedokterd en ze konden metalen versmelten.

Dezelfde discussie kan worden gevoerd over de voorbeelden die Helen Zille aanhaalde. Ze had mogelijk beter verwezen naar het christendom, want 86 procent van de Zuid-Afrikaanse bevolking gaf in 2015 nog aan zichzelf als christen te bestempelen. Waarschijnlijker is dat ze strategisch gekozen heeft voor voorbeelden die als positief en onmisbaar in de oren klinken.

© Baldwin Van Gorp

Het hoofdgebouw van Stellenbosch University

Een voorname reden waarom de ogenschijnlijk feitelijke observatie bijzonder slecht viel, is dat de uitspraak appelleert aan het stereotiepe beeld van Afrika als het onderontwikkelde continent dat aangewezen is op hulp van buitenaf. Dat deze perceptie hardnekkig standhoudt, blijkt bijvoorbeeld uit de woorden van een briefschrijver in de lokale krant Cape Times: ‘Zwarten waren waarschijnlijk vele duizenden jaren verwijderd van de uitvinding van de gloeilamp, laptop en mobiele telefoon toen blanken arriveerden en hen leerden om te lezen, schrijven en tellen.’

© Baldwin Van Gorp

Russell Ally

Russell Ally, een historicus werkzaam aan de universiteit van Kaapstad, schudt niet-begrijpend het hoofd. ‘Het is zo vreemd dat een politicus kolonialisme durft voorstellen als een cadeau. En ze méént dat ook’, zegt hij. ‘Ter verdediging heeft ze nog gezegd dat als iemand zozeer tegen kolonialisme is dat die dan ook maar niet meer met een auto moet rijden. Kolonialisme ging over expansiedrang, het verdelen van de wereld, onderdrukking en exploitatie, en daar heeft de stoommachine niets mee te maken. Het schrift, de taal, navigeren en wiskunde, en alles wat aan de basis lag van al die ontwikkelingen zijn collectieve verwezenlijkingen van de mensheid, niet van de koloniale grootmachten.’

‘Het is zo vreemd dat een politicus kolonialisme durft voorstellen als een cadeau. En ze méént dat ook’

De hele draagwijdte van de achterliggende gedachte wordt pas echt duidelijk als ze in verband wordt gebracht met bot racisme. Daarover gaat het hier: de premier meent een louter feitelijke vaststelling te doen, terwijl ze niet beseft hoe duizenden, en waarschijnlijk miljoenen mensen deze interpreteren in het licht van rassentegenstellingen. Kolonialisme betekent vooruitgang en intelligentie, en de blanken hebben voor die vooruitgang gezorgd. De oorspronkelijke, zwarte bevolking van Afrika, staat dan voor achteruitgang en een gebrek aan intelligentie. Dat is hoe velen Hellen Zilles tweet verder aanvullen.

Wat ze klaarblijkelijk uit het oog heeft verloren, is dat het superieure karakter van het vooruitgangsdenken, of specifieker, om steeds meer te willen, een westers gegeven is. Economische, wetenschappelijke en technologische vooruitgang getuigt van intelligentie. Echter, ze steeds voorop te willen stellen en ze als basis te nemen om anderen te beoordelen hoeft dat niet te zijn. ‘De discussie zoals Zille ze wil voeren, helpt ons als samenleving niet vooruit’, besluit Russell Ally. ‘Ze zet mensen tegen elkaar op. “Wij genezen jullie en schieten jullie te hulp”, “ja, maar jullie hebben ons eerst ziek gemaakt”. Met dat soort discussies komen we geen stap verder.’

Zwart, wit en bruin

De sociale cohesie in Zuid-Afrika, die zo mooi vorm kreeg in de regenboognatie van Nelson Mandela, is op dit moment aan het verbrokkelen. Als er al iets van rest. De rassenscheiding is met het einde van de apartheid niet verdwenen, wel uit de wetgeving, maar niet uit de hoofden van de mensen. De gevoeligheid omtrent de aanduidingen is op zich al veelzeggend. In het Engels heeft men het over “black”, “white” en “colored”. In het Afrikaans wordt dat “zwart”, “wit” en “bruin”. “Blank” en “kleurling” zijn in die taal niet politiek correct. Met “bruine mensen” doelt men in Zuid-Afrika op alle tinten tussen zwart en blank. Niemand maakt daar een punt van.

© Baldwin Van Gorp

Linda en Tiffany Sissing

Het is opmerkelijk hoe de logica van apartheid, om iedere inwoner per se in één enkele categorie te willen indelen, en daaraan zeer verstrekkende gevolgen te verbinden, zo kan ingrijpen in een samenleving. Iedere Zuid-Afrikaan, ook de jongeren, kan daarover persoonlijk getuigen. Daarbij moet gezegd dat niet iedereen dit tijdperk als traumatisch ervaren heeft.

‘De jonge mensen percipiëren wat hun ouders hebben ervaren veel meer als onrechtvaardig dan zijzelf.’

De 46-jarige Linda Sissing woont met haar dochter Tiffany in de Kaapse badplaats Strand. ‘Mijn oma aan vaderskant was blank. Maar omdat ze met een kleurling trouwde, werd het hele gezin als “colored” ingedeeld. Binnen de familie hebben we allemaal nochtans een erg verschillende huidskleur. Mijn broer heeft een bleke huidskleur en kon daardoor met onze oma beneden in de dubbeldekbus zitten, terwijl wij allemaal op de bovenverdieping zaten. Jammer was ook dat we niet mochten komen op de plek waar we nu wonen, want die was voorbehouden voor de blanken. Maar trauma’s heb ik er niet aan overgehouden. Ik heb de indruk dat het anders is bij de volgende generatie die het systeem niet heeft meegemaakt. De jonge mensen percipiëren wat hun ouders hebben ervaren veel meer als onrechtvaardig dan zijzelf.’

© Baldwin Van Gorp

Esmeralda Langeveldt

Esmeralda Langeveldt is 24 en woont in het kleine dorp Napier, 170 km van Kaapstad. ‘Hier ervaar je de rassenscheiding nog meer dan in Kaapstad,’ zegt ze. ‘Heel wat zwarten zijn afhankelijk van staatssteun. Daarom dat er op de eerste werkdag van de maand een lange rij mensen aanschuift aan de enige bankautomaat in het dorp. Maar die staat in wat vroeger een witte wijk was. De blanke bewoners begonnen te klagen over de overlast die de wachtende mensen zouden veroorzaken. Daarom mag er voortaan slechts tussen bepaalde tijdstippen geld afgehaald worden. Het is meteen duidelijk vanuit welk perspectief de besluitvormers naar het probleem gekeken hebben.’

© Baldwin Van Gorp

Nathan Cornelissen

Nathan Cornelissen is een 23-jarige student psychologie aan de universiteit van Stellenbosch, de plaats die historisch gezien de bakermat van het apartheidsdenken vormde. Hij groeide er op, heeft geen bewuste herinneringen aan apartheid, maar ervaart naar eigen zeggen nog elke dag wat het is om “kleurling” te zijn in waarschijnlijk de meest witte plek van het land.

‘Ik ervaar werkelijk alles vanuit een raciaal perspectief: mijn familie, mijn vrienden, hoe ik me kleed, de muziek die ik beluister, alles is ‘colored’,’ zegt hij. ‘En het belangrijkste is dat ik me, zodra ik daarbuiten stap, minderwaardig voel. Ik bedoel dan zodra ik in contact kom met blanken. Hun ouders bezitten fabrieken, banken en ‘wine estates’. En mijn ouders werken hier gewoon aan de universiteit. Zo kijken Zuid-Afrikanen naar de dingen. Het gegeven dat ik met jou een gesprek voer, zal niet worden gezien als een discussie, maar als een discussie tussen een kleurling en een blanke. Voor mijn masterproef sociale psychologie heb ik het onderzocht bij mijn leeftijdsgenoten: zij ervaren het ook zo, ongeacht hun eigen kleur. We anticiperen erop. En ik erken meteen dat racisme niet iets typisch is voor blanken. Bij alle groepen zijn er raciale vooroordelen ten aanzien van de anderen.’

Een nieuwe, zwarte middenklasse

© Baldwin Van Gorp

Albert Grundlingh

Albert Grundlingh, het hoofd van het departement geschiedenis aan de universiteit van Stellenbosch, ziet de verklaring voor de huidige spanningen in Zuid-Afrika in de nieuwe, zwarte middenklasse die sinds de afschaffing van de apartheid is ontstaan. Hij geeft aan dat het slechts over een vijftien procent van de totale bevolking gaat, maar dat zij toch het verschil maken.

‘Het gaat over mensen die dankzij het beleid van de huidige zwarte regering jobs hebben verworven in de zorg, bij de overheid, bij de politie, als leerkracht enzovoort,’ licht hij toe. ‘Hun verworven welvaartniveau is echter wankel, omdat ze niet tot enkele generaties teruggaat. Er is die auto en dat huis, en die verworvenheden willen ze veilig stellen. Het is bij die groep, en hun kinderen, dat de frustraties en de haat ten aanzien van de blanken het grootst is. Nu is het hun beurt. De blanken hebben hun tijd gehad tijdens het apartheidsregime.’

‘Het verworven welvaartniveau van de nieuwe zwarte middenklasse is wankel, omdat ze niet tot enkele generaties teruggaat’.

De universiteit van Stellenbosch had in september en oktober vorig jaar af te rekenen met heftige studentenprotesten. Gemaskerde, zwarte studenten bezetten gebouwen, gooiden ramen in en staken auto’s in brand, als reactie op een verhoging van het inschrijvingsgeld. De door de universiteit opgetrommelde veiligheidsagenten traden hard op, gebruikten traangas en schoten met rubberkogels.

De rust is inmiddels weergekeerd. Maar de geradicaliseerde, zwarte studenten zijn er nog steeds. Hun getuigenissen optekenen is echter niet vanzelfsprekend. Twee jongens praten vrijuit. Ze willen echter absoluut niet dat er iets genoteerd wordt, geen naam, geen leeftijd, niets. ‘Wij willen niet langer deel uitmaken van om het even welk werk of onderzoek van blanken,’ zegt de ene. ‘We zijn het zat dat witte mensen onze “narratives” controleren. Je kunt ons niet zomaar observeren alsof we proefkonijnen zijn.’

‘Je wilt een artikel schrijven over de tegenstellingen tussen blank en zwart in Zuid-Afrika?’ vraagt de andere. ‘Typisch. Waarom heb je het niet over de vluchtelingen in dit land? Europa kan probleemloos vluchtelingen weigeren, maar hier in Zuid-Afrika komen ze zomaar binnen vanuit de buurlanden. Er is al zo weinig werk.’ Het confronterende gesprek maakte alvast duidelijk dat wat door een buitenstaander als de zwarte meerderheid wordt gezien vele nuances kent.

© Baldwin Van Gorp

Skhumbuzo Mazibuko

Na lang aandringen lukt het om een van activisten uitgebreider te kunnen spreken. Ze is bovendien niet de eerste de beste, want ze is de dochter van Bathabile Dlamini, de minister voor Sociale Ontwikkeling die de recente ingreep van president Zuma wonderwel heeft overleefd.

‘Ik begrijp die jongens,’ zegt Skhumbuzo Mazibuko (21). ‘Wat wij zeggen wordt steevast ingepast in de retoriek van de staff en de leiding van de universiteit. Zodra ze in Stellenbosch een groep zwarten zien, associëren ze die met geweld. Maar wat ons angstig maakt, zijn de “men in black”, de veiligheidsagenten die ze achter ons aan sturen en die met rubberkogels schieten. Er zullen nog rellen komen, zeker en vast, want vrij onderwijs is te belangrijk. Wie weet woont degene die kanker zal kunnen genezen momenteel in armoede in Gughuletu.’

‘Het is zo racistisch, hé, om er vanuit te gaan dat meer zwarten op de universiteit het niveau zal doen dalen. Mijn droom is dat mijn mama de volgende president van Zuid-Afrika wordt. Dat is wat Zuid-Afrika nodig heeft, een jong iemand, in plaats van al die oude knarren.’

© Baldwin Van Gorp

Michael le Cordeur

Michael le Cordeur zetelt in het bestuur van de universiteit. Hij begrijpt de verzuchtingen van de studenten. Hij studeerde namelijk in de tijd van apartheid aan dezelfde universiteit en moest dagelijks urenlang op de trein zitten. In de studentenresidenties was er geen plaats voor kleurlingen. Hij vindt het jammer dat de nuances ontbreken in het debat, bijvoorbeeld in het gevecht tegen het Afrikaans aan de universiteit. Deze taal, die sterk verwant is aan het Nederlands, wordt in verband gebracht met onderdrukking en de arrogantie van de blanken, die hun taal naar het hele continent vernoemden. ‘En dat klopt niet,’ benadrukt le Cordeur.

‘Afrikaans is nooit de taal van de blanken geweest.’

‘Afrikaans is nooit de taal van de blanken geweest. Het klopt dat Nederlands de taal van de overheid was in de tijd van Jan van Riebeeck in de zeventiende eeuw toen hij hier een handelspost oprichtte. Maar het Afrikaans ontstond uit de communicatie met de slaven uit Indonesië en Maleisië en de oorspronkelijke bevolking, de Khoi. Voor 600.000 zwarten en 3,4 miljoen “bruine” mensen is Afrikaans vandaag de huistaal, dus de taal die ze thuis spreken. Het Afrikaans was ook de taal van de bevrijder, die uiteindelijk tot de afschaffing van apartheid heeft geleid. En na de afschaffing ervan hebben er veel onderhandelingen in het Afrikaans plaatsgevonden. Het is dus al evenzeer een taal van verzoening. Het is jammer dat dit vaak vergeten wordt.’

Onder druk van de studenten heeft het Afrikaans aan de Kaapse universiteiten grotendeels plaats moeten ruimen voor het Engels. De bedoeling is om de drempel voor zwarte studenten te verlagen. De vraag blijft echter waarom het onderwijs dan niet meteen eveneens in de twee meest gesproken talen in Zuid-Afrika, het Xhosa en het Zoeloe, wordt verzorgd? Dat zou de aangewezen manier zijn om de sociale mobiliteit van de zwarte bevolking te verzekeren.

Ook hierbij wordt duidelijk dat de realiteit complex is. ‘Negentig jaar taalbeleid van de Zuid-Afrikaanse regeringen heeft ervoor gezorgd dat die twee talen enkel huistalen zijn, en geen onderwijstalen,’ licht le Cordeur toe. ‘In de lagere school worden ze onderwezen, maar vanaf het middelbaar is het allemaal Engels. Er bestaat dus geen enkel handboek dat geschreven is in de inheemse talen van de zwarte bevolking.’

De kloof tussen arm en rijk

Oorzaak en tegelijk gevolg van de raciale spanningen in het land is de verdeling van de rijkdom, wat samenhangt met de sociale klassen waarover Albert Grundlingh het had. Zijn focus op de middenklasse kan iets van de huidige stand van het land verklaren. Wie echter vanuit West-Europa een bezoek brengt aan Zuid-Afrika kijkt toch vooral op van de schrijnende omstandigheden waarin vele zwarten leven. Volgens een schatting van het Zuid-Afrikaanse instituut voor de statistiek leeft in de West-Kaap 17 procent van de bevolking in ‘informele’ woningen, dat wil zeggen in krotten gemaakt van golfplaten. In het Engels worden die “shacks” genoemd.

De overheid heeft alle krotten in Gugulethu een huisnummer gegeven, in de hoop de bouwwoede onder controle te krijgen. Maar tevergeefs: er komen er steeds meer bij.

Een van de meest beruchte buurten van Kaapstad is Gugulethu, helemaal opgetrokken uit “shacks”. Deze “township” ontstond in 1964 toen zwarten verplicht werden vanuit andere delen van de stad daarheen te verhuizen. Oorspronkelijk waren er stenen huizen voorzien, maar de vier kamertjes per huis waren te klein voor de vaak grote gezinnen. Eens de kinderen ouder werden, begon men in de tuin koterijen bij te bouwen. Of men verhuurde de woonst en ging zelf in een “shack” wonen. En zo ontstonden er woonwijken, zonder straten of nutsvoorzieningen.

De overheid heeft alle krotten een huisnummer gegeven, in de hoop de bouwwoede onder controle te krijgen. Maar tevergeefs: er komen er steeds meer bij. Elektriciteit wordt afgetakt en afgetapt. En er zijn de talloze inwijkelingen die vanuit de Oost- naar de Westkaap verhuizen, op zoek naar een beter leven. De overheid is bereid nieuwe, degelijke woonwijken aan te leggen, maar enkele gezinnen die niet willen vertrekken, dwarsbomen de bouwprojecten. Op de een of andere manier kan men toch verknocht geraken aan zijn eigen stek, al is het een “shack”.

Felix Mangesi woont al heel zijn leven in Gugulethu en wil er niet meer weg. De rondleiding door Gugulethu start in zijn eigen huis. ‘Ik heb het geërfd van mijn ouders, en ben het nu aan het verfraaien,’ vertelt hij. ‘Zo heb ik nu een toilet. De meesten hier hebben dat niet. In Gugulethu werkt men met een “bucket system”: publieke toiletten die de gemeente regelmatig komt leegkiepen. Hopelijk komt er snel verbetering. Ik hou niet van een cultuur die gebaseerd is op wat ik heb en wat jij niet hebt, of andersom. Ik wil op gelijke voet behandeld worden, zoals ik ben, een inwoner van Gugulethu, als iemand met een eigen, zwarte cultuur.’

© Baldwin Van Gorp

Felix Mangesi voor zijn huis in Gugulethu

Hoe bepaal je of een uitspraak racistisch is?

Tumi Mpofu is een studente die openlijk wil praten over haar ervaringen als arme, zwarte studente in Stellenbosch. Ze woont net zoals Felix in Gugulethu, maar ziet het somber in. ‘Ze geven zogezegd beurzen aan zwarte studenten, maar in werkelijkheid zijn het leningen die je moet terugbetalen,’ zegt ze. ‘Het dagelijkse pendelen vanuit Gugulethu naar hier kost veel tijd en geld. En dan zwijg ik nog over het gegeven dat ik niet meekan als mijn medestudenten op stap gaan.’

In 2015 beschuldigde Tumi Mpofu een van de meest exclusieve restaurants van het land, The Twelve Apostles, van racisme. Toen ze aan de telefoon een tafel wilde reserveren en haar naam zei, kreeg ze plots te horen dat er geen plaats meer was. Daarop vroeg ze Martina Dahlmanns, een blanke vrouw waarmee ze bevriend was geraakt, alsnog een poging te doen, met vermelding van haar eigen naam. Plots bleek er nog wel een tafel beschikbaar. Beide vrouwen stapten met hun verhaal naar de media en veroorzaakten grote opschudding.

© Baldwin Van Gorp

Township Gugulethu met in de achtergrond de bekende Tafelberg

Hoewel de media uiteindelijk sceptisch reageerden – sommigen deden zelf de proef op de som en werden altijd vriendelijk te woord gestaan – kwam er een debat over racisme op gang. Het is dan ook niet moeilijk om racistische uitspraken op te tekenen in discussies over de actualiteit, zij het dan in informele gesprekken met Zuid-Afrikanen.

Zo zegt een koppel dat net met pensioen is nadat het zijn suikerrietplantage in de buurt van Durban heeft verkocht, dat het voor boeren allemaal niet meer is zoals vroeger. Vroeger was het beter. Goed personeel is moeilijk te vinden. ‘Ze (de zwarten, red.) willen allemaal een baan, maar werken willen ze niet,’ zegt de man onomwonden.

Tegenwoordig houdt hij zich bezig met vogels spotten. Dat doet hem de problemen vergeten. Albert Grundlingh zegt dat cynisme hem helpt in deze verwarrende tijden. Met de opmerking dat het toch moeilijk is om te vatten dat de zwarte autochtone (“indigenous”) bevolking, de meerderheid nota bene, de duimen moet leggen voor een blanke minderheid, is hij het niets eens. ‘Wat versta jij onder “indigenous”?’ vraagt hij. ‘Mijn familie is hier in de achttiende eeuw gearriveerd. Ik ben al evenzeer autochtoon. Ik weet echt niet waar anders naartoe.’

© Baldwin Van Gorp

Martha Dahlmann en Tumi Mpofu

‘Als een blanke en een zwarte een gesprek voeren’, zo stelt Tumi Mpofu, ‘vinden er in feite drie gesprekken plaats: het gesprek tussen hen beiden, het innerlijke gesprek dat de ene met zichzelf voert, en het gesprek dat de andere met zichzelf voert. Pas als er slechts één gesprek plaatsvindt, is echt contact mogelijk.’

‘Zwarte mensen denken dat blanke mensen geen problemen hebben, of dat ze altijd op een kussen terechtkomen als ze vallen,’ vult Martina Dahlmanns aan. ‘Er is het verschil in sociale klasse en de problemen die van een andere aard kunnen zijn. Maar er is heel veel wat we delen. Belangrijk om echte vrienden te kunnen worden, is dat je je kwetsbaar durft opstellen, dat je durft falen. Het allerbelangrijkste is echter om te beseffen dat je nooit zelf kan bepalen of wat je zegt racistisch is. Als je iets zegt, en de andere voelt zich beledigd, moet je je niet verdedigen door te zeggen “dat was niet zo bedoeld”. Of een uitspraak racistisch is, hangt niet af van jouw bedoelingen, maar van de andere die het zo ervaren heeft. Je moet dus steeds vragen en luisteren naar hoe je overkwam. Vandaar dat de reactie van Zille zo bijzonder problematisch is.’

Het ziet ernaar uit dat Helen Zille deze politieke crisis niet zal overleven. De geloofwaardigheid van DA staat immers op het spel. Of Jacob Zuma hetzelfde lot te wachten staat, is lang niet zeker. Zijn landgenoten die in dit stuk aan bod kwamen, vinden dat Zuid-Afrika beter verdient. In ieder geval vinden ze dat de blanken weg moeten blijven bij protestacties tegen hem. Het is het ANC dat zelf zou moeten kunnen bepalen of de president de belichaming is van waar de partij voor staat.

Baldwin Van Gorp is prof. journalistiek aan de KU Leuven en verbleef de voorbije maand aan de Universiteit van Stellenbosch in Zuid-Afrika.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift