De partner moet in Marokko blijven

Op amper een paar maanden heeft de nieuwe wet op de gezinshereniging al heel wat menselijk leed veroorzaakt. Niet alleen het ontbreken van overgangsbepalingen maar ook onnauwkeurigheden in de wet én de discriminatie van Belgen tegenover EU-onderdanen lokken kritiek uit.

De nieuwe wet op de gezinshereniging is op 8 juli 2011 door het parlement goedgekeurd en trad op 22 september in werking. De wet hanteert strengere criteria. Het aantal goedgekeurde visumaanvragen voor gezinshereniging daalde daardoor van zeven op tien vroeger naar vier op tien vandaag.

Bij verschillende organisaties regent het klachten van mensen die een weigering hebben ontvangen om hun partner of familielid naar België over te brengen. De klachten komen voornamelijk van mensen die hun aanvraag om gezinshereniging onder de oude wet hadden ingediend maar wiens dossier op basis van de criteria van de nieuwe wet is beoordeeld.

Zo kreeg de Marokkaanse Oumaïma te horen dat haar aanvraag om bij haar man in België te gaan wonen geweigerd werd omdat haar partner niet het vereiste bestaansminimum verdiende. Dat is vastgelegd op 120 procent van het leefloon, omgerekend 1232,29 euro per maand. Nog een ander voorbeeld: de voorlopige verblijfsvergunning die een dame in juni kreeg, werd definitief ingetrokken omdat ze onder de nieuwe wet niet meer in aanmerking komt voor gezinshereniging. Ouders en grootouders hebben immers niet langer het recht om bij hun Belgische kinderen of kleinkinderen te gaan wonen.

Dat de nieuwe wet ook op lopende dossiers zou worden toegepast, had blijkbaar niemand voorzien –zelfs de wetgever niet. Volgens CD&V-kamerlid Nahima Lanjri, één van de belangrijkste drijfkrachten achter de nieuwe wet, ging iedereen ervanuit dat de nieuwe criteria van toepassing zouden zijn op nieuwe dossiers, niet op de dossiers die al in behandeling waren. ‘Het probleem is achteraf ontstaan,’ zegt de politica, ‘toen bleek dat de Dienst Vreemdelingenzaken van oordeel was dat de wet ook moet toegepast worden op lopende dossiers.’

Het vermoeden bestaat zelfs dat minder gunstige dossiers opzettelijk uitgesteld werden tot de nieuwe wet in werking trad. ‘Zo kregen visumaanvragen die in april en mei ingediend werden plots na 22 september een negatieve beslissing’, zegt juriste Ann Bogman van het integratiecentrum Foyer.

Reparatiewet

De nieuwe wet op de gezinshereniging is goedgekeurd door een alternatieve meerderheid van CD&V, N-VA, Open VLD, MR, sp.a en LDD –in de periode dat de nieuwe regering nog niet was samengesteld. ‘Wetten maken is toch de kerntaak van het parlement?’, reageert Nahima Lanjri verontwaardigd. Klopt, maar parlementsleden worden wel verondersteld nauwkeurig te werk te gaan. En dat is blijkbaar niet gebeurd.

Volgens Ann Bogman is de wet technisch onnauwkeurig. Bogman: ‘Een voorbeeld hiervan betreft de niet-gezamenlijke kinderen van samenwonenden. Een geregulariseerde persoon mag zijn minderjarige kinderen overbrengen zonder een bewijs van bestaansmiddelen voor te leggen. Idem voor de kinderen van zijn of haar huwelijkspartner. Maar wanneer het koppel enkel wettelijk samenwoont, mogen de kinderen van de partner slechts overkomen indien ook aan de bestaansminimumvoorwaarde voldaan is. Volgens mij is dat een vergetelheid in de wet want overal worden huwelijk en duurzame samenwoonst gelijkgeschakeld.’ De tegenstrijdigheid kan volgens Ann Bogman door de invoering van een reparatiewet weggewerkt worden.

Binnen de allochtone gemeenschap zijn de meningen over de nieuwe wet overwegend negatief.

Een ander punt van kritiek is dat de nieuwe wet Belgen discrimineert in vergelijking met EU-onderdanen. Daar waar een Belg geen recht meer heeft op gezinshereniging met een ouder of een grootouder (behalve in het geval van minderjarige Belgen), is die beperking niet van toepassing op EU-onderdanen. De enige manier om dat aan te vechten is voor een Belgische rechtbank. ‘Het is gebleken dat de hoogste rechtbank, het Grondwettelijke Hof, in elke lidstaat daar anders over oordeelt’, zegt Ann Bogman. ‘In Spanje bijvoorbeeld kwam er wel een veroordeling maar in Duitsland niet.’

‘Partnerkeuze is een mensenrecht’ 

Binnen de allochtone gemeenschap zijn de meningen over de nieuwe wet overwegend negatief. ‘We hebben het gevoel dat men het met deze wet gemunt heeft op Turken en Marokkanen’, zegt Selamet Belkiran, voorzitter van de Unie van Turkse Verenigingen. ‘Voor alle duidelijkheid: ook wij hebben niets liever dan dat de mensen hier trouwen en dat ze –wanneer ze de stap zetten om met iemand uit het buitenland te trouwen– ze dat in de beste omstandigheden doen. Wij weten ook dat er in het verleden misbruiken waren. Maar door de nieuwe wet wordt iedereen gestraft, ook diegenen die altijd correct handelen. Ik vind het ook spijtig dat iemand die niet over de vereiste bestaansmiddelen beschikt, de mogelijkheid wordt ontzegd om in alle vrijheid te kiezen met wie hij wil trouwen. Wij weten toch allemaal dat juist de groepen die men viseert het moeilijk hebben om aan een stabiele job te geraken.’

Volgens Nahima Lanjiri wordt echter niet aan de partnerkeuze geraakt. ‘Dat blijft een fundamenteel mensenrecht. Wat wel verandert, is dat wanneer je je partner overbrengt je ook in staat moet zijn om hem of haar een deftige opvang te bieden. De nieuwe wet biedt de partner niet alleen de mogelijkheid om naar België te komen maar biedt hem ook een toekomst.’

Maar door de verstrenging van de voorwaarden komt de overgekomen partner net in een nog moeilijker parket te staan. Want één van de maatregelen is de verlenging van de controleperiode van twee tot drie jaar. ‘De controleperiode dient ervoor om na te gaan of nog steeds voldaan is aan de voorwaarden voor gezinshereniging, of er bijvoorbeeld nog altijd een gezincel is. Dat plaatst het overgekomen gezinslid in een afhankelijkheidspositie ten aanzien van de gezinshereniger’, zegt Sabrine Dawoud van het Kruispunt Migratie-Integratie. ‘Stel dat het koppel uit elkaar gaat tijdens het derde jaar… onder de oude regelgeving kon de Dienst Vreemdelingzaken het verblijfsrecht van het overgekomen gezinslid niet meer intrekken. Nu kan dat wel.’

Het is moeilijk te voorspellen wat het effect van de verstrenging van de gezinshereniging zal zijn op migratie in het algemeen en vooral op de dynamiek binnen de allochtone gemeenschap. Mogelijk komen er alsnog overgangsmaatregelen–zoals de federale ombudsman op 15 december 2011 heeft gevraagd– al zou het daarbij om individuele dossiers gaan.

Een aantal individuele zaken zijn in ieder geval ingeleid bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. En verder zijn verschillende organisaties –vooral aan Franstalige kant–van plan om voor maart 2012 een zaak tot annulatie van de nieuwe wet aanhangig te maken bij het Grondwettelijke Hof.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2838   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur