België schendt internationaal recht met export van vuile diesel

België en Nederland overtreden internationale verdragen door de export van hoogzwavelige brandstof naar West-Afrikaanse landen. Dat concludeerde het Center for International Environmental Law (CIEL). De politiek is nu aan zet.

©Chuck Moravec

De luchtkwaliteit in Dakar moet niet onderdoen voor die van ‘smogstad’ Peking.

Eind vorig jaar bleek uit onderzoek van de Zwitserse ngo Public Eye dat in de havens van Antwerpen, Rotterdam en Amsterdam op grote schaal hoogzwavelige brandstof voor de West-Afrikaanse markt wordt geproduceerd. Terwijl Europa een hoeveelheid zwavel van 10 ppm (parts per million) toelaat, zou die brandstof van zogenaamde “African quality” soms meer dan het tienvoud aan zwavel bevatten.

Export van ‘Afrikaanse kwaliteit’

Volgens Public Eye kwam 50 procent van de geïmporteerde brandstof in West-Afrika uit de zogenaamde ARA-regio (Amsterdam-Rotterdam-Antwerpen). Bij 80 procent van de diesel uit ARA, zou het zwavelgehalte stukken hoger liggen dan de Europese standaard.

Anders dan in Nederland reageerde bij ons aanvankeijk enkel de Antwerpse havenschepen

MO* vroeg exportstatistieken op bij de Belgische Nationale Bank. Daaruit bleek alvast dat in 2014 werd 50. 871 ton hoogzwavelige diesel vanuit Vlaanderen naar het kleine Togo werd geëxporteerd. Het voorbije jaar (2015) werd al meer dan 225.000 ton genoteerd. Het gebruik van hoogzwavelige brandstof heeft een vernietigende impact op volksgezondheid en milieu. Het gaat immers samen met een hoge uitstoot van roet en fijn stof.

Naar aanleiding van de publicatie nam de Amsterdamse gemeenteraad een motie aan om de export van de zogenaamde dirty diesel in de Amsterdamse haven aan banden te leggen. Ook de Nederlandse Minister Ploumen van buitenlandse handel gaf aan de export schandalig te vinden.

Bij ons reageerde enkel de Antwerpse havenschepen Marc Van Peel. Hij liet weten dat hij de zaak met zijn Nederlandse collega’s zou opnemen. Zowel regionaal als federaal kwam er aanvankelijk geen reactie.

Er leek niets illegaals aan de hand. Maar dat is nu niet langer het geval.

Tot Antwerps gemeenteraadslid en Vlaams volksvertegenwoordigster Güler Turan (sp.a) begin dit jaar uitleg vroeg over de uitvoer van “vuile diesel” naar Afrika aan minister-president Geert Bourgeois (ook bevoegd voor Ontwikkelingssamenwerking en Buitenlandse Handel). Hij beloofde het probleem op Europees niveau aan te kaarten. Tot dan toe leek er niets illegaals aan de hand. Maar dat is nu niet langer het geval.

Verdragen van Basel en Bamako

Het Center for International Environmental Law onderzocht de zaak, in opdracht van Public Eye en van de Nederlandse Milieudefensie. Hun conclusie: door de export toe te laten schenden België en Nederland internationale verdragen, gewoonte- en mensenrechten. In het verdrag van Basel wordt dumping van gevaarlijk afval verboden.

Het verdrag van Bamako verbiedt de import van producten die niet voldoen aan de eisen die het land van herkomst er zelf aan stelt. Veel West-Afrikaanse landen, waaronder export-topper Togo, ondertekenden beide verdragen. Via het verdrag van Bazel is België gebonden aan het verbod op export naar de Bamakolanden van producten die niet aan de Belgische/Europese normen voldoen.

‘België en Nederland hebben de juridische plicht om de export van hoogzwavelige brandstof onmiddellijk en volledig stop te zetten.’

‘Een grondige juridische analyse toont zonder twijfel aan dat België en Nederland door de export van hoogzwavelige brandstof hun internationale verplichtingen onder de Basel-conventie, het gewoonterecht en de mensenrechten schenden’, stelt David Azoulay, directeur van het Environmental Health Program bij CIEL. ‘Zij hebben de juridische plicht om de export van hoogzwavelige brandstof onmiddellijk en volledig stop te zetten.’

Het Havenbedrijf Antwerpen stelt dat het zich bewust is van de problematiek en dat het begrip heeft voor de vraag om actie te ondernemen. ‘Het is echter niet voldoende dat de Europese landen hun standaarden optrekken, aangezien de bestaande installaties in die landen niet geschikt zijn voor de zuivere, duurdere diesel. Enkel een aanpak van de ganse keten kan hier resultaten opleveren.’

Het antwoord ligt in de lijn van wat Geert Bourgeois begin januari op Turans vraag repliceerde. Schepen voor de haven en voorzitter van het Havenbedrijf, Marc Van Peel, vult aan: ‘Het Havenbedrijf via opleidingen en trainingen ter plaatse de lokale krachten versterken om zo hun infrastructuur, operaties en management te verbeteren. We stelden via CIFAL, het opleidingscentrum verbonden met de VN, ook al de vraag wat er mogelijk is. We hebben er immers alle belang bij dat zoveel mogelijke West-Afrikaanse landen beslissen én actie ondernemen om de uitstoot agv vervuilde brandstof terug te dringen. We onderzoeken wat het nieuwe rapport nog concreet betekent voor onze haven. Als blijkt dat er door ons als havenautoriteit stappen kunnen en moeten worden gezet, zullen we dat niet nalaten.’

Mevrouw Turan stelde de ontwikkelingen te zullen volgen. ‘Wij hebben bij de minister-president een interpellatie ingediend om de handel in vuile diesel onmiddellijk te stoppen.’ Die laatste liet weten het rapport van CIEL, net als de haven van Antwerpen, te bestuderen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2630   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur