Unicef: '800.000 Nigeriaanse kinderen op de vlucht'

Het is vandaag exact een jaar geleden dat de terreurorganisatie Boko Haram 276 schoolmeisjes ontvoerde in Nigeria . Een jaar later is de situatie in het land allesbehalve verbeterd. Dat blijkt uit een rapport van Unicef dat de impact  van het aanhoudende conflict op kinderen in Nigeria beschrijft.

 © UNICEF/NYHQ2015-0474/Esiebo

Steeds meer Nigeriaanse kinderen zijn op de vlucht voor het brutale geweld van Boko Haram.

Op 14 april 2014 werden 276 schoolmeisjes op een brutale manier ontvoerd in de stad Chibok, in het noordoosten van Nigeria. Deze ontvoering werd onmiddellijk toegeschreven aan de islamitische terreurorganisatie Boko Haram en kreeg veel aandacht in westerse media.

Verdwenen kindertijd

Unicef publiceert een jaar na de feiten het rapport Missing Childhoods, dat aan de hand van getuigenissen van medewerkers, vrijwilligers en slachtoffers een beeld schetst van de impact die het geweld op Nigeriaanse kinderen heeft.

‘Hiermee hoopt Unicef de publieke opinie wakker te schudden en mensen attent te maken op de situatie. We zijn ondertussen een jaar verder en er is weinig vooruitgang geboekt. De situatie verslechtert alleen maar voor de Nigeriaanse kinderen’, zegt de persverantwoordelijke van Unicef België, Philippe Henon.

In Nigeria zijn volgens Unicef naar schatting 800.000 kinderen op de vlucht voor geweld. Dat is dubbel zoveel als een jaar geleden. Voornamelijk in het noordoosten van het land is de situatie grimmig door de conflicten tussen islamitische terreurorganisatie Boko Haram, militairen en gewapende burgergroepen.

‘We brengen in het rapport Missing Childhoods het verhaal van de kinderen in Nigeria, maar elders in de wereld bevinden andere kinderen zich in gelijkaardige situaties’, zegt Henon. ‘Deze problemen komen maar af en toe in de media, maar blijven vaak grotendeels uit de spotlights. Dat maakt het voor ons moeilijk om de nodige steun te vinden.’

‘We doen op basis van dit soort rapporten pleidooiwerk bij overheden, zowel die van België als van andere landen, in de hoop dat zij maatregelen nemen en rekening  houden met de rechten van het kind.’

Noodgedwongen op de vlucht

We zijn ondertussen een jaar verder en er is weinig vooruitgang geboekt.

In totaal zijn meer dan 1,5 miljoen Nigerianen op de vlucht voor het aanhoudende geweld, waaronder dus 800.000 kinderen. Doordat almaar meer Nigerianen noodgedwongen have en goed achterlaten, wordt een toenemend aantal kinderen gescheiden van hun ouders. Uit een evaluatie van 150.000 ontheemde Nigerianen in de staten Borno en Yobe bleek dat maar liefst een op de zes kinderen zonder ouders of voogd leefde, aldus Unicef.

Zo zijn ze een gemakkelijk doelwit voor de terreurorganisatie Boko Haram, die kinderen ontvoert en misbruikt. Jongens worden ingezet als kindsoldaten. Jonge vrouwen en meisjes worden verkracht, als seksslaaf gebruikt of gedwongen om te trouwen.

Deze situatie zorgt voor zware emotionele stress bij de kinderen. Velen hebben hun ouders, broers, zussen of buren zien vermoord of misbruikt worden, of werden zelf slachtoffer van misbruik en geweld. Het conflict heeft een zware impact op kinderen, niet enkel op hun welzijn, maar ook op hun toegang tot basisgezondheidszorg, sociale voorzieningen en onderwijs.

 © UNICEF/NYHQ2015-0605/Rich

Nergens anders zijn er zoveel zes- tot twaalfjarigen die niet naar school gaan als in Nigeria.

Onderwijs onder vuur

Het conflict maakt het enorm moeilijk voor kinderen om naar school te gaan.

Het aantal Nigeriaanse kinderen tussen de 6 en de 12 jaar dat volgens Unicef niet naar school gaat, is gestegen van 8 miljoen in 2007 naar 10,5 miljoen vandaag – het hoogste aantal wereldwijd.

Boko Haram, wat zoveel betekent als ‘westers onderwijs is zondig’, wijst seculier onderwijs resoluut af, als strijdig met de islam. Daarom neemt ze scholen doelbewust in het vizier. Tegen eind 2014 stond de teller in Nigeria op driehonderd vernielde scholen, en werden op zijn minst 196 leerkrachten vermoord. Ongeveer duizend scholen werden gesloten. Het conflict maakt het enorm moeilijk voor kinderen om naar school te gaan.

Schieten, afslachten en vermoorden

Ook Amnesty International bracht gisteren een rapport uit over Nigeria. Daarin documenteert de mensenrechtenorganisatie alle misdaden die de terreurgroep vanaf begin vorig jaar tot nu pleegde. Het rapport is gebaseerd op een tweehonderdtal getuigenissen – waaronder ook die van 28 misbruikte vrouwen en meisjes – en moet duidelijk maken dat de schoolmeisjes uit Chibok niet de enige slachtoffers zijn van Boko Haram.

Zowel Unicef als Amnesty International roepen Boko Haram op niet langer burgers te doden, en hopen dat de Nigeriaanse overheid na de recente verkiezingen alles op alles zal zetten om burgers te beschermen en de veiligheid in het land te waarborgen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift