Is de strijd tegen mensenhandel plots niet meer belangrijk?

Mensenhandel- en smokkel is meer dan ooit een bloeiende business. Na wapen- en drugshandel bezet het volgens de VN de derde plaats op het lijstje van lucratieve, illegale economische activiteiten. Maar met de huidige migratiestroom naar Europa is vooral de strijd tegen ‘mensensmokkel’ een erg actueel thema geworden. Maar hoe ver staan we in de strijd tegen mensenhandel?

  • Tom Waterhouse (CC BY-NC 2.0) ‘De prioriteit lijkt te zijn verschoven naar de strijd tegen andere vormen van criminaliteit, zoals terrorisme. Mensenhandel is geen “sexy thema” meer.’ Tom Waterhouse (CC BY-NC 2.0)

België werd in de jaren negentig een voorloper in de strijd tegen mensenhandel. Jean-François Minet, voorzitter van het Bureau van de ICC (Interdepartementale Coördinatiecel in de strijd tegen mensenhandel- en mensensmokkel) meent dat dit nog steeds het geval is. ‘Onze experten worden regelmatig in het buitenland uitgenodigd om toelichting te geven over hoe België strijdt tegen mensenhandel.’ De gespecialiseerde opvangcentra die zich bekommeren om de slachtoffers maken zich echter zorgen over de inspanningen die geleverd worden. Ze zien jaarlijks hun budgetten slinken en zien een verschuiving van prioriteiten in de misdaadbestrijding. Solange Cluydts, coördinatrice van PAYOKE: ‘Mensenhandel is geen “sexy thema” meer.’

90 veroordelingen per jaar

Om tot een meer multidisciplinaire aanpak te komen in de strijd tegen mensenhandel werd in 2004 het ICC opgericht. Het platform groepeert alle organisaties en departementen die betrokken zijn bij de strijd tegen mensenhandel en wordt voorgezeten door de minister van justitie. Het Bureau van het ICC bereidt de tweejaarlijkse bijeenkomsten voor en staat in voor de uitvoering van gemaakte afspraken. Met alle partners werd recent o.a. een nieuw actieplan menshandel (2015-2019) uitgewerkt dat zowel gericht is op preventieve als repressieve acties

Minet benadrukt dat België een stap verder staat in de strijd tegen mensenhandel dan de meeste andere Europese landen. ‘In België komen we bijvoorbeeld redelijk vlot tot veroordelingen in verband met economische uitbuiting. In andere Europese landen slaagt men er maar heel zelden in om daar tot veroordelingen te komen.’

Tussen 2011 en 2014 schommelde het aantal definitieve veroordelingen inzake mensenhandel jaarlijks tussen de 80 en 90.

Tussen 2011 en 2014 schommelde het aantal definitieve veroordelingen inzake mensenhandel jaarlijks tussen de 80 en 90. Minet wijst erop dat in de meeste gevallen bepaalde verzwarende omstandigheden -zoals het gebruik van geweld, dwang en misbruik van de kwetsbare situatie van het slachtoffer- mee aan de basis liggen van de veroordelingen.Slechts in een klein aantal van de gevallen gaat het om veroordelingen puur op basis van het basismisdrijf mensenhandel.

Inzake mensenhandel kunnen er gevangenisstraffen uitgesproken worden tot 20 jaar, maar doorgaans vallen de straffen een stuk lichter uit. Minet wijdt dat aan het feit dat sommige veroordeelden wel meewerkten aan mensenhandel, maar niet noodzakelijk aan de top van een criminele organisatie stonden.

In 2014 werden er in België 41 personen veroordeeld tot een gevangenisstraf van 3 jaar of minder. Twaalf personen werden veroordeeld tot een gevangenisstraf van meer dan 5 jaar. Van de veroordeelden hadden 22 personen de Belgische nationaliteit. De Roemenen (12), Hongaren (9), Bulgaren (5) en Albanezen (4) vervolledigden de top-5.

Toen België in 1995 een specifieke wetgeving kreeg inzake mensenhandel, lag de focus bijna uitsluitend op seksuele uitbuiting. Twintig jaar en verschillende wetswijzigingen later worden ook andere vormen van uitbuiting erkend als mensenhandel. Minet: ‘We zagen dat de voorbije jaren 60 procent van de veroordelingen er kwam op basis van seksuele uitbuiting en 30 à 40 procent op basis van economische uitbuiting. Ook mensen die het slachtoffer zijn van uitbuiting van bedelarij of mensen die gedwongen worden om een bepaald misdrijf te plegen komen in aanmerking om als slachtoffer erkend te worden, maar het gebeurt vrij zelden dat er op basis daarvan mensen veroordeeld worden.’

Mannen worden vooral economisch uitgebuit, vrouwen seksueel

In België bestaan er drie gespecialiseerde centra – PAYOKE (Vlaanderen), Pag-Asa (Brussel) en Surya (Wallonië) die de slachtoffers van mensenhandel opvangen en begeleiden. Ik sprak met Sarah De Hovre (directrice bij Pag-Asa) en Solange Cluydts (coördinatrice bij PAYOKE). Ook zij zagen de voorbije jaren een verschuiving binnen de doelgroep.

Cluydts: ‘Vorig jaar hadden we voor het eerst een fifty-fifty situatie, waarbij we ongeveer evenveel slachtoffers van seksuele uitbuiting als slachtoffers van economische uitbuitingen begeleidden.’

Volgens De Hovre is het feit dat de sociale inspectie meer wordt betrokken bij de strijd tegen mensenhandel een mogelijke verklaring voor de toename van het aantal “economische slachtoffers” in de statistieken.

‘We stellen steeds meer misbruik vast bij kleinhandelaars.’

‘Uitbuiting wordt door die toegenomen inspectie gemakkelijker te bewijzen en de slachtoffers worden gemakkelijker opgespoord. Het misbruik wordt vastgesteld in verschillende sectoren. De traditionele sectoren waar uitbuiting wordt vastgesteld zijn de bouwsector, de horeca en de fruitpluk. Daarnaast stellen we steeds meer misbruik vast bij kleinhandelaars. Regelmatig gaat het hierbij over zaken (bakkerijen, slagerijen of carwashes…) die gerund worden door buitenlanders of nieuwe Belgen. Zij laten mensen uit hun dorp of regio overkomen en laten ze hier werken in mensonwaardige omstandigheden.’ 

De achtergrond van de slachtoffers die begeleid worden is erg divers. Terwijl mannen vaker het slachtoffer zijn van economische uitbuiting, blijven vrouwen vooral het slachtoffer van seksuele uitbuiting.

De Hovre: ‘Sinds onze oprichting hebben we mensen van meer dan 90 verschillende nationaliteiten begeleid. Op dit moment vertegenwoordigen de Noord-Afrikanen 30 procent van onze mannelijke doelgroep. Bij de vrouwen zijn veel slachtoffers afkomstig uit de ex-Oostbloklanden en Azië. De meeste door ons begeleide vrouwen zijn nog steeds het slachtoffer van seksuele uitbuiting.’ 

Besparingen in de sector

De drie gespecialiseerde centra hebben de voorbije jaren te maken gekregen met een inkrimping van hun financiële middelen. Terwijl er op het federale niveau in 2012 nog 1.194.000 euro werd vrijgemaakt voor de drie centra samen, lag in 2013 die bijdrage 17 procent lager. Voor 2015 sprong Elke Sleurs (staatssecretaris voor Gelijke Kansen) in de bres, maar voor 2016 vreest men voor een serieuze inkrimping van het beschikbare budget. Tenzij de staatssecretaris opnieuw ingrijpt, dreigen de centra over een federaal budget te beschikken dat maar liefst 34 procent kleiner zou zijn dan in 2012.

Cluydts: ‘Het Federaal Impulsfonds verdwijnt. Dat zorgde voor een serieuze financiële injectie. Op dit moment weten wij nog niet wat ons budget voor volgend jaar zal zijn. We weten dus nog niet of we ons personeel zullen kunnen betalen. De centra hebben nood aan een gestructureerde en geïndexeerde subsidiëring.’

‘De prioriteit lijkt te zijn verschoven naar de strijd tegen andere vormen van criminaliteit, zoals terrorisme. Mensenhandel is geen “sexy thema” meer.’

‘We vechten met ongelijke wapens.’ 

De Hovre: ‘Het is frustrerend om te zien dat er zowel voor justitie, politie, sociale inspectie als de gespecialiseerde centra steeds minder middelen worden vrijgemaakt om efficiënt te strijden tegen mensenhandel. Het werkt demotiverend om te zien dat overal de middelen verminderen, terwijl de middelen van de mensenhandelaars steeds toenemen. We vechten met ongelijke wapens.’

De Hovre wijst er ook op dat de enorme winsten die er met de handel te verdienen zijn, het nemen van risico’s rechtvaardigt. ‘Mensenhandelaars maken zich steeds minder zorgen wanneer een slachtoffer klacht indient. De straffen die worden uitgesproken voor mensenhandelaars zijn eigenlijk niet zo zwaar, als je ze vergelijkt met de straffen voor drugs- en wapenhandelaars. En hun prooien liggen voor het rapen. In landen waar het politiek en economisch slecht gaat, zijn veel mensen op zoek naar een beter leven. Daar maken ze handig gebruik van.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2630   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift