'Aids kan je alleen bestrijden met mensenrechten en democratie'

Mark Heywood, Zuid-Afrikaans überactivist en ex-voorzitter van de UNAIDS Global Reference Group on Aids and HIV, is het niet eens met de optimistische conclusies in het jongste UNAIDS-rapport. Volgens Heywood is het einde van de epidemie allesbehalve in zicht. ‘We hebben HIV nodig. Wie haar de rug toekeert, jaagt gezondheidszorg opnieuw in de schaduw en bevriest democratisering in de helft van de wereld.’

  • BTC / Thomas Vanden Driessche BTC / Thomas Vanden Driessche

Heywood was gisteren ter gelegenheid van Wereldaidsdag te gast op een conferentie van het Belgisch Ontwikkelingsagentschap. Als monument van het Zuid-Afrikaanse aidsactivisme lag hij aan de basis van de Treatment Action Campaign (TAC) en Section 27. Hij sleepte president Mbeki voor het gerecht en zette zijn regering onder druk om gratis aidsremmers te verstrekken aan vijf miljoen aids- en HIV patiënten. Na twintig jaar strijd spreekt de man nog steeds met een snelheid alsof zijn tijd elk moment kan opraken. Burgerlijk ongehoorzaam maar bevlogen.

Het jaarlijkse aantal nieuwe infecties is de laatste tien jaar gehalveerd. Ook het dodentol is spectaculair gedaald. Gameover Aids in 2015, luidt het bij UNAIDS. Een realistische voorspelling?

Mark Heywood: De wereld is voor mensen met HIV sinds de jaren negentig enorm veranderd. Op dit moment zijn 7 miljoen mensen in behandeling met aidsremmers, 1,7 miljoen alleen al in Zuid-Afrika. In minder dan tien jaar tijd is het aantal HIV besmettingen van moeder op kind gedaald van 40 naar 2,5 procent. We hebben geavanceerde aidremmers. We weten dat een besnijdenis het risico op besmetting bij mannen vermindert en binnekort komt een revolutionair microbicide uit dat nieuwe infecties bij vrouwen drastisch kan terugdringen. Heel belangrijk aangezien door aanhoudende genderongelijkheid vrouwen in sommige delen van de wereld nog altijd machteloos staan als het gaat over iets zo simpel als condoomgebruik.
Vooruitgang valt niet te ontkennen, maar het is fout van UNAIDS om te dwepen met het einde van de epidemie. We zijn amper halfweg.

Waar precies gaat het mis?

Toegang tot informatie en medicijnen is tot op vandaag nog altijd een luxepositie voor wie deel uitmaakt van de mainstream samenleving. In sommige regio’s en bevolkingsgroepen vertraagt de preventie, neemt het aantal behandelingen af en zien we zelfs een opstoot van infecties en overlijdens. Wat overblijft zijn gestygmatiseerde groepen en inwoners van landen die niet hetzelfde niveau van openheid en democratie genieten als het Westen. Waarom zouden we voor hen minder verantwoordelijk zijn? Zeggen dat het einde van aids nabij is, is hetzelfde als deze mensen in de kou laten staan.

Waarom presteren vooral het Midden-Oosten, Oost-Europa en Centraal-Azië zo slecht in de HIV indexen van UNAIDS. Wat maakt deze regio’s zo kwetsbaar?

Om HIV te bestrijden heb je openheid nodig, respect voor mensenrechten en democratie. Waar deze waarden ontbreken, wordt HIV gemarginaliseerd. Mensen die besmet raken, worden behandeld als sociaal afval, criminelen en marginalen. Op die manier wordt hen alle toegang tot informatie, laat staan behandeling, ontzegd. Dat verklaart de alarmerende cijfers in die landen. Ook sociale fragmentatie of economische achteruitgang maakt landen kwetsbaar.

Hoeveel zijn generalistische prognoses waard als je geen idee hebt wat er gebeurt in landen die bekend staan als weinig transparante regimes, zoals China?

De realiteit is allesbehalve hoe de Chinese overheid ze beschrijft. Volgens officiële statistieken, die ook UNAIDS overneemt, leven in China 750.000 mensen met HIV. Dat aantal is de laatste vijf jaar niet meer veranderd. In werkelijkheid worden bitter weinig mensen behandeld, viert discriminatie en onwetendheid hoogtij en weigert de overheid tweedelijnsbehandelingen op te volgen, waardoor duizende mensen sterven aan de gevolgen van aids.

Als er één ding is dat we van dertig jaar HIV epidemie geleerd hebben is dat je zowel overheden als een civiele maatschappij nodig hebt. Het Chinese aidsprogramma is echter volledig in handen van de staat en de overheid beschouwt burgerinitiatieven eerder als bedreiging dan gelijke partner. Het dient slechts voor één ding. Om te pronken telkens wanneer ze een diplomatieke missie uit het buitenland over de vloer krijgen.

Dus de cijfers die UNAIDS publiceert zijn misleidend?

Wat UNAIDS doet is wishfull thinking, een cijferwedloop verpakt in goedbedoeld optimisme. Sommige mensen staren zich blind op waar we nu staan. Alsof de voorbije vijftien jaar niet meer was dan een korte wandeling door het park. De strijd tegen aids is allesbehalve gemakkelijk geweest. De komende tien jaar zullen we zelfs nog harder moeten knokken. Met de crisis in het vizier zullen overheden immers niet makkelijk geld uitgeven aan aidsprogramma’s. Het wordt een onvermijdelijke strijd om aandacht.

Indien Europeanen als vliegen zouden sterven, was aids allang geschiedenis geweest. Maar het zijn geen blanken die sterven. Het zijn Afrikanen, homo’s, armen, junkies en sekswerkers. Al die jaren campagne voeren in de hoop slachtoffers van HIV een menselijk gezicht te geven zijn vergeten.

Ter gelegenheid van Wereldaidsdag zal er ook in België weer solidair gebreid, gedanst, gezongen en gezwommen worden. Toch eist klimaatverandering doorgaans meer aandacht op. Kunnen we spreken van aidsmoeheid?

 

We neigen sterk naar een situatie waarin een HIV epidemie in sommige delen van de wereld aanvaardbaar wordt. Als aids geen wereldbedreiging meer vormt, zullen mensen er minder van wakker liggen. Er sterven mensen aan aids, maar zolang dat in gemarginaliseerde gebieden gebeurt, is er geen reden meer tot paniek. Met Tuberculose gebeurde een paar jaar geleden net hetzelfde. De organisaties waarvoor ik werk hebben duizenden levens gered maar vechten nu zelf om te overleven. Omdat mensen verdergaan. Gisteren was het aids, nu is het klimaatverandering, morgen iets anders maar vast even belangrijk. De civiele samenleving moet nadenken over lange termijn oplossingen voor de wereld in plaats van te hoppen van crisis naar crisis.

Wat als dat werkelijk gebeurt?

We hebben HIV nodig. Dankzij de strijd tegen HIV is gezondheid uit de schaduw van het publieke debat getrokken. Als je HIV wegneemt, stort het hele systeem van gezondheidszorg in. Met meer en meer mensen dan ooit tevoren aan de aidsremmers zou een ineenstorting van het systeem een humanitaire ramp betekenen. Er is geen enkele ngo die dat kan opvangen.

Aidsactivisme heeft ons ook gedwongen om na denken over genderongelijkheid, sexuele ongelijkheid en democratie. België heeft een democratische geschiedenis maar in landen als Botswana, Namibië en Zambia zijn de enige democratische initiatieven aidsprojecten. Zij zijn de enige die druk kunnen uitoefenen op hun overheden. Als we de energie die dertig jaar strijd heeft opgebracht, uit onze handen laten glippen, bevries je die kwetsbare democratiseringsprocessen die ook voor andere doeleinden nuttig kunnen zijn.

Meer en meer landen hebben de politieke wil en de middelen in huis, hoe is het mogelijk dat anno 2012 nog elke 20 seconden iemand overlijdt aan de gevolgen van aids?

Indien Europeanen als vliegen zouden sterven, was aids allang geschiedenis geweest. Maar het zijn geen blanken die sterven. Het zijn Afrikanen, homo’s, armen, junkies en sekswerkers. Al die jaren campagne voeren in de hoop slachtoffers van HIV een menselijk gezicht te geven zijn vergeten. Waar is de solidariteit? Mijn kind ervaart pijn immers op dezelfde manier als jouw kinderen. In onze geglobaliseerde wereld bestaan geen geïsoleerde problemen. Wat mijn samenleving overkomt, heeft een effect op jouw samenleving en omgekeerd. We moeten ontwikkelingssamenwerking dringend herdefiniëren. Het zijn niet jouw mensen die mijn mensen geld geven. Het gaat om het delen van middelen, om een betere toekomst voor beiden.

Over jouw mensen gesproken. Zuid-Afrika doet het goed wat HIV betreft. Jullie hebben gevochten. Tegen vooroordelen, de regering, armoede. Wat kunnen andere landen leren van jullie aanpak?

Acht jaar hevige strijd tegen de overheid was nooit mogelijk zonder moedige mensen. Mensen die we alleen konden mobilizeren door hen in eigen macht te stellen, door hen een gezicht en een stem te geven. We lieten mensen met HIV in het openbaar spreken over hun angsten, over hoe hun kinderen stierven, over de pijn die ze moesten trotseren. Dan krijg je sympathie en begrip. Cijfers bewegen geen mensen, maar begrip voor elkaars leven wel.

Een gebrek aan solidariteit. Aidsgewenning. Krimpende budgetten. De toekomst ziet er niet rooskleurig uit. Is alle hoop verloren?

We hebben de strijd nog niet verloren, maar we zijn wel op een keerpunt. Hoe dan ook hebben we gewonnen. 7 miljoen mensen die nu leven zouden dood en begraven zijn als aidsactivisten niet hadden gereageerd zoals ze gedaan hebben. We hebben nieuwe, nog meer ambitieuze doelstellingen nodig, maar cijfers zijn niet voldoende. Kwaliteit is waar het echt om gaat. De wereld heeft recht op kwaliteit. Kwaliteitsvolle gezondheidszorg die in staat is om medicijnen naar een ziekenhuis te brengen, kwaliteitsvolle informatie zodat personen die aidsremmers nemen beseffen dat die pillen hun en dat van anderen redden. En tot slot een overheid die haar verantwoordelijkheid opneemt om gezondheidzorg te controleren en faciliteren ondanks crisis.

 

LEES OOK

  © Lisa Couderé​​
Na decennia van intern conflict in Colombia is de tijd voor de vrede aangebroken, althans op papier. MO* ging in gesprek met drie vrouwen die het oorlogsgeweld aan den lijve ondervonden.
© Brecht Goris
In februari 1992 publiceerde Alma De Walsche haar eerste journalistieke stukje, in het maandblad Wereldwijd. Een portret van één pagina van La Negra, een vriendin uit de Ecuadoraanse Andes.
© Bernaded Dexters
Hij is met voorsprong de bekendste gevangene van de Verenigde Staten, en hij blijft een gezaghebbende stem over ongelijkheid, geweld en racisme. MO* ging op bezoek bij Mumia Abu Jamal.
© Reuters / Alaa Al-Marjani
Het huidige geweld in het Midden-Oosten tussen sjiieten en soennieten vindt zijn oorsprong in het schisma dat in de zevende eeuw ontstond over de opvolging van de profeet Mohammed