'Er is zonder twijfel een verrechtsing van het politiekorps aan de gang'

MO* volgt al een tijdje het dossier van het politiegeweld. We kregen daarbij de indruk dat de politiek er niet echt aan tilt dat de politie geregeld illegaal en ongepast geweld gebruikt. Toch is er minstens een parlementair die dit dossier wel van nabij volgt: Bert Anciaux van de sp.a. Naar aanleiding van enkele recente gevallen van politiegeweld ging MO* met Anciaux praten.

In mei publiceerde MO* zijn dossier over geweld door de Belgische politie. Sindsdien kwamen geregeld nieuwe gevallen van geweld boven water. Het VTM-nieuws toonde hoe een gearresteerde man, nabij Montgoméry in Brussel, geslagen werd door politieagenten. Begin september was het weer raak. In jeugdhuis ’t Mutske in Laken ontruimde de politie na meerdere klachten over lawaaihinder op een erg hardhandige manier de ruimte. Enkele jongeren kregen daarbij pepperspray in het gezicht, terwijl een recent rapport van het comité P dat toezicht houdt op de politie juist het al te snelle gebruik van pepperspray door de politie bekritiseerde.

U windt zich nu op over ‘t Mutske maar het is niet de eerste keer dat de politie zeer hardhandig optreedt.  

Bert Anciaux: Ik stel vast dat de interventieploegen al te vaak onnodig geweld gebruiken. De politie is de enige die legaal geweld mag gebruiken, maar ik merk dat men daar misbruik durft van te maken. De getuigenissen die ik krijg,  duiden op een versterking van dat fenomeen. Men gaat steeds sneller over tot geweld, hetzij fysiek, hetzij verbaal. Niet iedereen doet er aan mee, maar ik merk dat men zich niet meer verzet tegen collega’s die zich daaraan bezondigen. Vaak gaat het over  relatief vreedzame manifestaties die compleet ontsporen door het hardhandige optreden van enkele mensen uit het korps.

Ligt het probleem dan enkel bij de interventieteams?

Bert Anciaux: Grotendeels wel. Het zijn niet de wijkagenten, het zijn vooral de politiemensen die worden opgeroepen als er iets misgaat.

In ons dossier stelden we toch vast dat mensen ook na hun arrestatie brutaal bejegend worden, wanneer ze eigenlijk geen enkele bedreiging meer vormen.  Verbaal, met bijvoorbeeld racistische opmerkingen, maar ook fysiek.

Anciaux: Maar er is zonder twijfel ook een verrechtsing van het korps aan de gang. Ik merk dat heel wat politieagenten vooroordelen hebben ten opzichte van allochtone mensen, tegenover jongeren etc. Het gaat om een politiek- ideologische verschuiving. Ik wil niet overkomen als iemand die criminaliteit niet belangrijk vindt, maar ik ben er rotsvast van overtuigd dat het politieke discours dat rechtse partijen tegenwoordig hanteren onze veiligheid niet ten goede komt, integendeel. In een democratische samenleving is een respectvolle politie een van de basiselementen om tot vertrouwen te komen. Maar ook de samenleving moet de politie respecteren, het is een mes dat langs twee kanten snijdt.

U zegt nu wel dat het politiegeweld toeneemt maar hebt u daarover echte cijfers? Het Comité P heeft ons bevestigd dat ze eigenlijk niet echt goede cijfers over politiegeweld hebben.

Anciaux:  Inderdaad, ze houden dat niet bij. Ik heb dat vorige week zelf vastgesteld toen twee echt brave jongens van het jeugdhuis ’t Mutske opgepakt werden. Beide jongens zijn door het lint gegaan  nadat ze drie, vier keer een lading pepperspray in het gezicht kregen. Iedereen kan opgefokt worden als je daarmee geconfronteerd wordt, denk ik. Ook zij zijn met boeken in elkaar geslagen. Na een nacht in de cel zijn ze gewoon weer buitengezet zonder één  gesprek, er is zelfs geen proces-verbaal opgesteld.  Dat is onbegrijpelijk. Officieel zijn die jongens dus zelfs nooit opgepakt. Als ik daar dus vragen over stel, zegt men: ‘wij weten van niets’.

Zolang er binnen  de politie zelf niemand is die de wantoestanden aanklaagt, ga je politiegeweld nooit helemaal kunnen detecteren. Want het is altijd woord tegen wederwoord. En steeds opnieuw doen burgemeesters alsof het absoluut niet kan dat de politie een fout maakt, waarschijnlijk omdat ze denken dat ze dan mee verantwoordelijk zullen worden gesteld. Ook al is het de taak niet van de burgemeester om ‘superflik’ te spelen, maar om te zorgen voor veiligheidsbeleid.

Ik was  bijvoorbeeld niet bij de rellen in  Antwerpen dit weekend, maar ik kan u wel zeggen dat ik erg verbaasd was over het oppakken van 230 jonge gasten, waar je eigenlijk weet dat het maar om zo’n 35 man gaat. Waarom pak je dan niet gewoon die 35 op?

Nu kan de burgemeester wel zeggen: ‘we hebben hard opgetreden’.

Anciaux:  Hij heeft dat ook gedaan en in het rechtse klimaat dat  momenteel in Antwerpen heerst ,is dat ook nodig. Janssens wordt langs alle kanten belaagd, van rechts tot extreem rechts. Dat klimaat is zo kortzichtig .

Met een beetje geluk wordt er  met die 230 gepraat, maar als dat niet gebeurt, krijgen die jongeren het gevoel dat ze geviseerd worden. Eigenlijk hebben de meesten niks misdaan, behalve wat roepen. Door zo hard op te treden, geef je die jongeren minstens het gevoel  te geven dat ze als jongere niet serieus genomen worden, dat ze geen deel uitmaken van de samenleving.  Ik weet dat Janssens niet zo denkt, maar ik ben er van overtuigd dat dat beeld wel leeft.

Hier in Brussel bijvoorbeeld, lopen echt honderden jongeren rond die het gevoel hebben dat ze totaal nutteloos zijn.. Zonder vooruitzichten, zonder toekomst, wat rest hen dan nog?  Als je alleen nog wanhoop hebt ben je zo manipuleerbaar. Ik ken daar gasten bij die pienter zijn, waar je zo veel goeie zaken mee zou kunnen doen.

In een van uw parlementaire vragen trekt u, op basis van een rapport van de VN, de onafhankelijkheid van het toezicht op de politiediensten in vraag stelt. Wie nu een klacht over politiegeweld heeft, komt bij de Algemene inspectie terecht, bij de politiediensten dus.

Anciaux: Je hebt gelijk, een echt onafhankelijk toezichtsorgaan is er niet. Waarom zou er geen ombudsdienst kunnen zijn, waar gewone mensen met hun problemen met de politie terecht kunnen?  

Om een correct beeld te vormen van het probleem, moet die dienst echt onafhankelijk zijn. Het moet wel bij Binnenlandse Zaken horen, maar net als andere ombudsdiensten een onafhankelijk statuut krijgen. 

Diane Reynders van het Comité P zegt dat ze nog altijd gelooft in community policing, maar dan mag de gemeenschap je niet zien als de vijand.

Anciaux: Daar ben ik het helemaal mee eens. Door onnodig hard op te treden, maakt de politie zich vijanden en wordt de relatie met een deel van de gemeenschap verknald. Na het voorval in het jeugdhuis ben ik met die jongeren gaan praten. Ik probeerde hen te overhalen met de politie te gaan samenzitten, om het vertrouwen te herstellen. Maar zij wilden er niets van weten. Als dat bij die gasten al zo diep zit, wat moet dat dan niet zijn bij mensen die dagelijks met politiegeweld worden geconfronteerd?

Het probleem situeert zich vooral in de grote steden. Veel agenten willen daar liever niet werken - je moet bijna een idealist zijn om daar te willen werken – en het gevolg is dat vaak de jonge onervaren politieagenten die geen keuze hebben over waar ze geplaatst worden, daar terecht komen.

‘Politiegeweld gaat over de goede werking van onze democratie’
En het tweede probleem is dat politieagenten dezer dagen gezien worden als diegenen die de samenlevingsproblemen moeten oplossen, wat onzin is natuurlijk. De verrechtsing van onze maatschappij zorgt ervoor dat er veel minder wordt  geïnvesteerd wordt in echte, individuele  begeleiding van probleemjongeren. Dan moet men ook niet verwonderd zijn dat dat op een bepaald moment ontploft. We kunnen  niet verwachten dat de politie de oplossing voor dit probleem levert: ze zijn daar niet voor opgeleid. Veel mensen denken wel zo: ‘Pak ze op, steek ze in de bak en het probleem is opgelost’.

Volgens de commissaris van Molenbeek, Collingnon, zit een deel van het probleem bij de selectie. Sommige gaan bij de politie ‘pour casser des arabes’, zegt hij.

Anciaux: Inderdaad. Je kunt niet verwachten dat iedereen die solliciteert voor een job bij de politie dat doet met de gedachte: ‘ik ga de samenleving nu eens beter maken’.

En zoals ik al zei is er nog een bijkomend probleem. In grote steden heb je veel minder politieagenten met ervaring. Daar worden vaak piepjonge, beginnende agenten voor de leeuwen gegooid.  Eigenlijk beschouwt men steden als Brussel, Antwerpen en  Luik bijna als stageplaatsen, terwijl de job van politieagent  daar net het moeilijkst is. Ze worden er onmiddellijk geconfronteerd met zeer zware problemen en uitdagingen, op een moment dat eigenlijk het kaf van het koren nog moet gescheiden worden.

Reynders vindt dat men agenten  in de opleiding moet bijbrengen wat het betekent om in een grote stad te werken, dat Belgische burgers tegenwoordig ook arme mensen met een andere huidskleur kunnen zijn.

Anciaux: Uiteraard. Een politieagent wordt dagelijks geconfronteerd met ernstige problemen in de samenleving. Hij moet dus op zijn minst geïnformeerd zijn over die problemen. Hij moet minstens een elementaire notie  hebben  van psychologische begeleiding en van de samenlevingsproblemen, enzovoort. Op dit moment is dat niet zo. Er is weinig of geen psychologische begeleiding en er bestaat geen echte vorming rond preventie, rond het voorkomen van geweld, enkel rond interventie.

Het probleem is dat tegenwoordig smalend wordt gekeken naar alles wat met preventie te maken heeft, waardoor het evenwicht compleet ontbreekt. Dat geldt ook voor het verenigingsleven.  Heel België doet smalend over moskeeverenigingen, maar die zijn essentieel voor jongeren waar je anders op geen enkele manier kunt toe doordringen. Ik ken jongeren die in  een weekend meer kunnen verdienen dan dat ze anders in een hele  maand zouden krijgen.

Met de drugshandel?

Anciaux: Onder meer. Natuurlijk dat ze daar toe aangetrokken worden!  Begeleid die mannen , geef meer mogelijkheden aan verenigingen  in plaats van ze tegen te werken. Als we vergelijken met andere landen is ons verenigingsleven een grote troef.

Sociale problemen moeten op een andere manier aangepakt worden.  Ik vind dat je in een samenleving nooit iemand mag opgeven. Voor mij hoort iedereen erbij.  Eigenlijk weet men bijna individueel welke jongeren echt ontspoord zijn, dus men weet waar men moet beginnen . Ik ben er van overtuigd dat als je voor die pakweg tweeduizend jongeren individuele begeleiding voorziet, je heel wat geld kunt uitsparen.  Ik denk dan aan het bouwen van nieuwe gevangenissen en psychiatrische instellingen , aan investeringen in conflictpreventie, verkeersagressie,  politie, noem maar op.

Diane Reynders van het comité P pleit voor een veel duidelijker gedragscode die de agenten in opleiding beter aangeeft wat kan en wat niet kan.

Anciaux: Ik dacht dat die er was! Dat is het dus eerste dat ik ga doen: Milquet vragen waarom er geen duidelijke gedragscode is.  

Wat kan u als senator eigenlijk doen?

Anciaux: Een minister kan veel doen maar een parlementslid is in het beste geval een luis in de pels. Het enige wat ik kan doen, is blijven hameren op het probleem. Ministers laten nadenken, suggesties doen. En nadenken over hoe je agenten kunt duidelijk maken dat zij er ook voordeel kunnen uit halen, dat zij er als korps ook baat bij hebben als  de rotte appels eruit gaan. De agenten zelf mondiger maken. Want het is vaak zo dat klokkenluiders geviseerd en uitgesloten worden. Rond dat probleem hebben we al initiatieven genomen, maar ik ben er niet zo zeker van dat die initiatieven veel effect hebben op de politie, want daar bestaat echt nog een hiërarchie. Misschien moeten we daar iets rond uitdokteren.

Als ik de reacties van de ministers op uw parlementaire vragen zie, krijg ik de indruk dat politiegeweld niet echt als een probleem  wordt ervaren.

Anciaux: Milquet is helemaal niet zo slecht als minister van Binnenlandse Zaken, maar zelfs zij gaat voort op de antwoorden die ze krijgt van haar diensten. Ik stel vast dat ministers van Binnenlandse Zaken vaak het gevoel hebben dat ze hun diensten, kost wat kost, te vriend moeten houden. Dat is allemaal menselijk, maar het lijkt alsof men bang is om kritiek te geven of om lastige vragen te stellen.

Ik maak het in Brussel ook mee. Ik ken twee commissarissen die de wanpraktijken bij hun collega’s toegeven en veroordelen. Ze moedigen zelf mensen aan om klacht in te dienen bij het Comité P, omdat ze weten dat de Algemene Inspectie er toch geen gehoor aan geeft.. . Het is toch wel straf dat de politie zich hier zelf mee moet bezig houden. Niemand steekt er zijn nek voor uit, en dat zorgt langs alle kanten voor een gevoel van machteloosheid.

Durven politieke partijen binnen het huidige klimaat van ongepast politiegeweld nog wel een punt maken? U lijkt veeleer een uitzondering.

Anciaux: Dat heeft veel te maken met de verrechtsing van de politiek. Door het huidige intolerante discours van rechtse partijen, zijn ook de andere partijen voorzichtiger  geworden. Maar het gaat verder: ook de media zijn niet geïnteresseerd. Kranten moeten natuurlijk verkopen, en ook de journaals brengen liever thema’s die mensen willen horen.

Krijgt u soms kritiek omdat u te bekommerd bent om politiegeweld?

Anciaux: Het is niet dat ik daarvoor met een scheef oog bekeken word maar ik vermoed dat sommigen mensen zich toch afvragen waar ik mee bezig ben. Niet iedereen is echt bezig met samenlevingsproblemen natuurlijk.  Voor mij is dat belangrijk. Dit gaat over de werking van de democratie, over vertrouwen hebben in een overheid en een samenleving,. Hoe kun je nu verwachten dat mensen hun verantwoordelijkheid opnemen ten opzichte van die samenleving als die op zijn beurt geen respect betoont voor haar burgers?  Het hangt allemaal zo samen. En de politie speelt daar ook een rol in. De politie moet vertrouwen wekken.

LEES OOK

Lou Gold (CC BY-NC 2.0)
Een onderzoeksrapport van Greenpeace brengt aan het licht hoe Belgische importeurs zich bevoorraden met illegaal hout uit Brazilië.
© Francis Marissen
Vandaag worden eeuwenoude vragen omtrent vrijheidsberoving weer even actueel: is de gevangenisstraf zinvol? Is het een goede straf? Willen we er meer van…?
© Unifly
Het Antwerpse Softwarebedrijf Unifly heeft een eerste systeem voor het beheer van onbemand luchtverkeer in Afrika geactiveerd.
© Brecht Goris
Wie “Medellin” leest of hoort denkt wellicht meteen aan drugskartels en geweld.