‘Minister Homans, mogen Buurtstewards hun succesverhaal met Roma verderzetten?’

Op Internationale Romadag vraagt Joris Wauters, doctoraatstudent en expert Roma en integratie, blijvende aandacht voor de integratie van de bijna 23.000 Roma in Vlaanderen in Brussel.

  • barbara (CC BY-NC-ND 2.0) Onder andere de klachten voor spijbelgedrag lopen terug. barbara (CC BY-NC-ND 2.0)

Met naar schatting ongeveer 23.000 zijn ze, de Roma in Vlaanderen en Brussel. Hun aantal blijft tot vandaag stijgen. Op de vlucht voor armoede, uitsluiting en racisme in landen als Bulgarije, Roemenië en Slowakije zoeken deze mensen een betere toekomst in onze steden. Velen onder hen komen hier echter onvoldoende gewapend aan om dat nieuwe leven succesvol en op eigen kracht te kunnen uitbouwen.

In 2010 en 2011 luidden verschillende lokale besturen de alarmbel over de situatie van deze nieuwe inwoners. Armoede, overlast, absenteïsme op school, werkloosheid, dakloosheid of kraken, gebrek aan hygiëne of medische zorg kwamen voor. Daarenboven bleek er bij vele Roma een sterke argwaan te bestaan ten opzichte van niet-Roma, de zogenaamde Gadjé, en hun instellingen. De complexiteit van de uitdagingen was te groot, het reguliere hulpverleningsaanbod had moeite om de nieuwkomers te bereiken.

Pas na sterke druk vanuit de Europese Unie kwam de Vlaamse Regering met het zogenaamde Actieplan MOE(Roma) 2012-2015. Een belangrijk vernieuwend element daarin was de aanwerving van vijftien zogenaamde Buurtstewards voor Brussel, Gent, Antwerpen en Sint-Niklaas. Zij moeten de lokale overheden en diensten ondersteunen bij de specifieke uitdaging die deze nieuwe migratie met zich meebrengt.

‘Het werken met Buurtstewards blijkt een schot in de roos, maar het werk is nog niet af.’

Het werken met Buurtstewards blijkt een schot in de roos, maar het werk is nog niet af. Hoewel er al mooie resultaten voorliggen, blijven de Buurtstewards nodig als brugfiguur tussen Roma in een precaire situatie en maatschappelijke instellingen en diensten. 

Steeds onder lokale regie en in de lokale context, slagen de Buurtstewards er langzaamaan en zeer zorgvuldig in om contacten uit te bouwen met families in de meest precaire leefsituaties. Op de eerste lijn bijten zij zich vast in zeer complexe dossiers. Ze zijn daarbij verplicht om telkens maatwerk af te leveren: ze moeten afstemmen tussen de families enerzijds en anderzijds een soms weinig overzichtelijk kluwen van hulpverlenende organisaties, school, politie en vrijwilligers. Omwille van hun laagdrempeligheid en hun nabijheid in het veld, lukt het de Buurtstewards om de argwaan te doorbreken en een vertrouwensrelatie met de Romafamilies uit te bouwen.

De werking van de Buurtstewards is een goede praktijk waarop de Vlaamse Regering fier mag zijn. Dat blijkt ook uit de resultaten in de verschillende steden. De klachten voor overlast, spijbelgedrag en andere zaken lopen geleidelijk aan terug. Wederzijdse vooroordelen tussen Roma en diensten verdwijnen, samenwerkingen worden gemakkelijker opgezet. In Gent, bijvoorbeeld, werden reeds 232 cases afgewerkt. Dit betekent grofweg gesteld dat er in deze gevallen geen overlastklachten meer zijn en/of de hulpverleningsvragen van het gezin of hulpverleningsnetwerk opgelost of opgevangen zijn.

‘De beslissing over het verderzetten van de Vlaamse subsidies voor de Buurtstewards is nog hangende bij Minister Homans.’

Het werk is echter nog niet af. In Gent zijn momenteel nog 92 cases actief. Jaarlijks worden er nog een honderdtal nieuwe gezinnen aangemeld. Voor hen blijft de specifieke expertise en aanpak van de Buurtstewards nodig.

En daar knelt momenteel het schoentje. De beslissing over het verderzetten van de Vlaamse subsidies voor de Buurtstewards is nog hangende bij Minister Homans. Vanuit Brussel, Gent, Antwerpen en Sint-Niklaas kwam reeds een oproep om de werking van de Buurtstewards te blijven garanderen na augustus 2016. Tot op heden zonder antwoord.

De Buurtstewards hebben expertise opgebouwd in het begeleiden van families in zeer specifieke, meestal erg complexe situaties. Daarmee vullen én verkleinen zij een leegte tussen deze families en de reguliere hulpverlening. De eerste succesverhalen dienen zich aan, de gemeenschappen hebben voorbeeldfiguren om zich aan te spiegelen. De mayonaise pakt. Het beleid mag nu niet de fout maken om deze erg kwetsbare maatschappelijke groep te snel los te laten.

Joris Wauters is doctoraatstudent verbonden aan CeMIS (Centrum voor Migratie en Interculturele Studies) Universiteit Antwerpen en werkt rond Roma en integratie.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift