Syrische Saraa Saleh: 'Vechtende rebellen zijn slechte kopie van het regime'

De Syrische Saraa Saleh studeerde architectuur in de havenstad Latakia in het westen van Syrië. In 2001 kwam ze naar België om te studeren aan de KU Leuven, waar ze een master en later een doctoraat over Romeinse amfitheaters in Syrië behaalde aan de faculteit oosterse studies. Nu werkt ze aan de faculteit Arabistiek en Islamkunde en het Instituut voor Levende Talen van de KU Leuven. Sinds 2006 woont ze met uitzondering van de zomermaanden permanent in België. MO* sprak met haar over de situatie in Syrië: ‘Ik geloof in de drie No’s: neen tegen tirannie, neen tegen geweld en neen tegen buitenlandse (militaire) interventie.’

  • Saraa Saleh.

Hoe vaak spreekt u met familie en vrienden in Syrië? Is het makkelijk om vrijuit te praten of is de angst aanwezig om afgeluisterd of gevolgd te worden?

Telefonisch en via het internet spreek ik om de twee à drie dagen met minstens een vriend of familielid. Een langer telefoongesprek heb ik minstens een keer per week.

Toen de revolutie startte, begin 2011, was ik zeer wantrouwig. Ik was voorzichtig met wat ik op Facebook schreef, ik was toen vooral bang voor het regime. Niet voor mijn veiligheid, maar voor die van familie en vrienden in Syrië. Sinds enkele maanden is de angst om vrijuit te praten echter volledig verdwenen.

Wie was het meest op zijn hoede? U of de contacten in Syrië?

Hier in België sprak ik volledig vrijuit. Zelfs op conferenties gaf ik openlijk mijn mening en bekritiseerde ik het regime. Ik hield mij enkel in op plaatsten waar het regime mij zou kunnen zien, hoofdzakelijk om mijn familie te beschermen.

Om eerlijk te zijn: wij groeiden met deze angst op. Ik behoor tot een generatie die altijd erg behoedzaam was. We vermeden vrijuit over politiek te spreken.

Bij de vorige generatie lag dat anders. Mijn zus, die acht jaar ouder is, was een actief lid van de communistische partij in de jaren tachtig. De jaren zeventig en tachtig in Syrië waren politiek zeer rumoerig. Er waren twee concurrerende partijen: enerzijds de Communistische Partij, anderzijds de Moslimbroeders. Beiden werden echter verpletterend verslagen door het regime. Mijn generatie, die opgroeide midden jaren tachtig, na deze confrontatie, durfde niet over politiek praten.

De laatste tien jaar, sinds het aantreden van Bashar al-Assad in 2000, was het iets beter. Vanaf dan gold eerder ‘praat over alles, maar niet over de president’. Dit was de atmosfeer voor de revolutie startte.

Veranderde dit bij het begin van het conflict?

De eerste twee maanden was ik heel voorzichtig. Daarna trachtte ik geleidelijk aan vrijuit te spreken via Facebook. Na aanvankelijk enthousiasme werden we ongerust over heden en toekomst van de Syrische samenleving en over de onafhankelijkheid van de Syrische staat.

Hoe is de situatie vandaag in Syrië? Wat is er veranderd in het dagelijkse leven van de Syriërs sinds het begin van het conflict?

In het begin, het eerste half jaar tot een jaar werd er fel overdreven. Het hele land bleef vrij stabiel. Enkel in Homs en in het oosten van het land waren er echt problemen. Het dagelijkse leven veranderde niet echt. In de zomer van 2011 ging ik twee maanden terug naar Syrië. Ik herinner me dat ik aan een vriend zei dat het een heel normale zomer was. Ik zag slechts een kleine demonstratie in Latakia.

Nu, twee jaar later, is de situatie echter verschrikkelijk. In de meeste steden zijn er nu problemen. Zo is er een tekort aan brandstof voor het verwarmen van huizen, een tekort aan elektriciteit en ook elementaire voeding als brood is nu erg schaars. De oorzaak is mogelijk het afsnijden van bevoorradingswegen door gevechten, maar het kan ook te wijten zijn aan sancties tegen het land en aan de economische gevolgen van de oorlog.

De kuststrook is nog relatief rustig. In de binnenstad van Damascus is het ook redelijk kalm, enkel in de buitenwijken zijn er problemen. Dat is ook het geval in steden als Hama en Latakia. Mijn familie vertelde dat het nergens nog veilig is. In Latakia, waar ze wonen, wordt niet gevochten, toch is het veiligheidsgevoel sterk afgenomen in vergelijking met een jaar geleden.

Er zijn vele theorieën waarom de kuststrook relatief kalm blijft. Een van de theorieën is dat de minderheden zoals de Christenen en Alawieten er sterk vertegenwoordigd zijn. Deze twee gemeenschappen zijn over het algemeen passief of pro-regime. De rebellen vinden dus geen steun bij hen. De tweede theorie is dat de veiligheidsdiensten zeer sterk aanwezig zijn in de regio. Een derde theorie is de aanwezigheid van de Russische militaire basis in de havenstad Tartous, maar ik ben niet zeker van de juistheid van deze informatie.

De kust is nog steeds een van de veiligste plaatsen, met als gevolg dat vele vluchtelingen naar de kust trekken, in het bijzonder vluchtelingen uit Aleppo en Homs.

Zijn uw Syrische vrienden afkomstig van alle sektarische groepen en kan u met ieder van hen vrijuit over de situatie in Syrië praten?

Ja, onder mijn vrienden zijn er Koerden, Arabieren, Christenen, Soennieten en Alawieten. Ik heb minstens een vriend uit iedere minderheid in Syrië.

Hoe zien uw vrienden in Syrië de Syrische Nationale Coalitie die op 11 november 2012 in Qatar werd gevormd onder leiding van Moaz al-Khatib?

Ik zou het eerst over de oppositie in het algemeen willen hebben. Ik beschouw mijzelf als lid van de oppositie. Maar ik behoor niet tot de Syrische Nationale Coalitie (SNC), die zich voordien de Syrische Nationale Raad noemde. Er is nog een tweede oppositiegroep die zichzelf de Syrian National Coordination Body (SNCB) noemt. Ik ben geen officieel lid, maar ik deel voor een groot deel hun mening.

Zij formuleerden drie No’s (nee’s) waar ik volledig achter sta. Neen tegen tirannie, neen tegen geweld en neen tegen buitenlandse (militaire) interventie. Ik geloof hier echt in. Ik ben tegen iedere vorm van geweld. Geweld zal volgens mij immers enkel leiden tot een nieuwe tiran.

De SNC daarentegen is niet tegen het gebruik van geweld. Neem nu bijvoorbeeld Moaz al-Khatib. Hij was mij onbekend, daarom zocht ik uit wie hij was. Al-Khatib was voordien imam van de Umayyadische moskee van Damascus. Ik bekeek enkele lezingen van hem op YouTube en concludeerde dat hij gematigd was. Toen hield hij zijn eerste toespraak als hoofd van de SNC waarin hij vroeg ‘geef ons alstublieft wapens’. Hij smeekte om wapens. Dat is een eenzijdige oplossing en voor mij dus helemaal geen oplossing.

Waarom wapens vragen? De SNC weigert in dialoog te gaan met het regime, dat kan, maar ze moet toch minstens onderhandelen. Je moet toch onderhandelen met je vijanden? Zo kunnen levens worden gered! Op dit cruciaal punt verschillen de SNC en ik dus van mening.

Hebt u vrienden die de SNC wel steunen? Bespreekt u die meningsverschillen?

Om eerlijk te zijn delen de meeste van mijn vrienden dezelfde mening, en opnieuw, zij zijn afkomstig uit alle minderheden en meerderheden in het land. Ze steunen noch het regime, noch de SNC. Ze vinden over het algemeen dat de rechtse oppositie, de SNC en het Vrije Syrische Leger een vreedzame oplossing verhinderen.

Mijn vrienden bevinden zich allen in een tussenpositie. Ze vinden dat de revolutie al in een vroeg stadium gestolen is. Saoedi-Arabië, Qatar, Turkije en de Verenigde Staten interveniëren. Ze  beïnvloeden de SNC en duwen ze in een rechtsere richting. Het regime van zijn kant wordt gesteund door Rusland. Met beide ben ik het oneens. De meeste van mijn vrienden zijn voorstander van vreedzame, geleidelijke veranderingen. Natuurlijk ken ik ook felle voorstanders van het regime en felle voorstanders van de SNC.

Zolang er geen overeenkomst is tussen de Russen en de Amerikanen zullen de Syrische en niet-Syrische poppen in Syrië hun vuile job blijven doen.

Kan u met hen discussiëren?

 

Dat hebben we zeker gedaan. Soms verschilden onze meningen. Soms zo erg dat we een punt bereikten waarop we elkaar niets meer te zeggen hadden. Maar niet altijd. Ik wil nogmaals benadrukken dat de meeste mensen die ik ken, van alle verschillende minderheden in Syrië, zich in een middenpositie tussen het regime en de SNC bevinden.

Kan je dat doortrekken naar de hele Syrische bevolking?

Ik denk van wel. De Syriërs zijn naar mijn gevoel verdeeld. Enerzijds is er de harde, rechtse oppositie bestaande uit de internationaal gesteunde SNC en het Vrije Syrische Leger. Ik schat dat ongeveer 20 tot 25 procent van de Syrische bevolking hen steunt. Dat is veel. Anderzijds is er de neutralere oppositiegroep SNCB. Naar mijn gevoel steunt ongeveer 15 tot 20 procent van de bevolking hen. De felle aanhangers van het regime schat ik op ongeveer 10 procent.

De overige helft van de bevolking behoort tot geen van deze drie. Zij willen vreedzame veranderingen. Zij hebben alles verloren, hun veiligheid, hun huizen, zelfs de toegang tot brood is op sommige plaatsen zeer moeilijk. Deze 50 procent noemt men de stille meerderheid. Bovendien hebben de Syriërs een sterk nationaal gevoel. Ze zijn allemaal tegenstander zijn van westerse inmenging, in iedere mogelijke vorm.

Is dat sterke nationale gevoel te verzoenen met de aanwezigheid van de vele geloofsgemeenschappen in het land? De SNC zou toch voornamelijk gesteund worden door de Soennitische bevolking?

Dat is inderdaad zo, de Coalitie en het Vrije Syrische Leger worden vooral gesteund door de Soennieten. De aanhangers van de SNCB daarentegen zijn afkomstig van alle verschillende geloofsgemeenschappen. Ik vind dat deze tweede oppositiegroep geen echte stem heeft gekregen. Beide andere partijen wel.

Zowel het regime als de SNC worden gesteund door buitenlandse machten. Het regime door Rusland en Iran, de Coalitie door Saoedi-Arabië, de VS en hun bondgenoten. Bovendien is de SNCB volgens mij de enige echte burgerlijke en seculiere oppositie. De SNC heeft zichzelf een burgerlijk gezicht gegeven en enkele hoge posities gegeven aan zowel Alawieten als Christenen, maar in de kern zijn het Moslimbroeders. Ik durf te stellen dat de stille meerderheid van de Syriërs dichter bij de SNCB staan dan bij het regime of de SNC. In de media in Syrië krijgt de SNCB nagenoeg geen aandacht en ook in het buitenland krijgen ze weinig tot geen steun. De media buiten Syrië beweren dat de SNC de enige vertegenwoordiger van de oppositie is. Dat is niet waar!

Afgelopen zomer was ik in Damascus, tijdens het beleg van de stad. Ik zat voor tien dagen opgesloten in het huis van mijn zus, het was te gevaarlijk om naar buiten te gaan. Het werd me duidelijk dat de rebellen gesteund werden in de buitenwijken, maar niet in het centrum van de stad. In het geval van Aleppo denk ik dat er bijna geen steun van de bevolking was en dat de stad werd ingenomen tegen hun wil.

In Aleppo, toch een grote stad, vonden nooit omvangrijke demonstraties plaats. Natuurlijk zegt de SNC dat de bevolking er bang is en dat er heel veel veiligheidsdiensten aanwezig zijn in de stad. Misschien, maar ik denk echt dat Aleppo werd ingenomen tegen de wil de bevolking.

In de provincie Latakia zijn de Alawieten het sterkst vertegenwoordigd, al vormen ze geen meerderheid. Ook de Alawitische familie al-Assad is afkomstig uit deze streek. Het regime staat hier dus sterk. Waarnemers suggereren dat het regime daarom in Latakia definitief ten val zou komen. Ook Tikrit en Sirte, de geboorteplaatsen van respectievelijk Saddam Houssein en Khadaffi waren de laatste bolwerken van oude regimes in het Midden-Oosten.

Het zou inderdaad kunnen dat het regime in Latakia ten val komt. Bashar al-Assad zelf is afkomstig van Qardaha, een kleine stad in de buurt van Latakia. Logischerwijze zouden de meeste aanhangers van het Assad-regime van daar afkomstig zijn. Maar heel zeker ben ik daar niet van.

De reden hiervoor is dat heel wat belangrijke Alawietische oppositiefiguren ook uit Qardaha komen. Bijvoorbeeld de Alawiet Abdel Aziz al-Khair. Hij is een belangrijke figuur in de SNCB. Momenteel zit hij gevangen in Damascus. Er is ook het verhaal van een dichter uit Qardaha die in de jaren tachtig een gedicht schreef waarin hij het regime bekritiseerde. Ook hij was een Alawiet. Kort na de publicatie van zijn gedicht verdween hij en werd nooit meer terug gezien. De situatie is dus veel complexer, ook in Qardaha en zeker in Latakia krijgt het regime veel tegenstand.

Als Alawiet met veel Alawietische vrienden kan ik zeggen dat zeker niet alle Alawieten het regime steunen. Ze zijn wel bang voor represailles tegen Alawieten na de daadwerkelijke val van het regime. Die zullen allicht niet uitblijven.

Enkele weken geleden werden al Alawieten aangevallen door Jabhat al-Nusra, een groepering die beweert een deel te zijn van het Vrije Syrische Leger.

Inderdaad, in het geval van Jabhat al-Nusra blijkt ook de dubbele houding van de SNC. Toen Jabhat al-Nusra voor het eerst verscheen in 2011 – na het begin van de revolutie – werd door toenmalige Nationale Raad (nu de Coalitie) het gerucht verspreid dat zij een creatie van het regime waren om aan te tonen dat de acties van de oppositie niet vreedzaam waren. De Nationale Raad wilde het beeld verspreiden dat ze tegen geweld waren. Toen de VS onlangs Jabhat al-Nusra bestempelde als een terroristische groepering, verklaarde de SNC dat ze deel uitmaken van de oppositie en het Vrije Syrische Leger! Hoe kan dat nu? Om nog maar te zwijgen hoe vanzelfsprekend sektarisch en gewelddadig Jabhat al-Nusra is. Ze zijn niet representatief voor de Syrische samenleving. Het overgrote deel van de Soennieten zijn absoluut geen radicalen.

Op 19 december verklaarde de vicepresident van het regime Farouq al-Sharaa dat geen van beide partijen deze oorlog kan winnen.

Eindelijk gaf iemand het toe. Goed dat het van de kant van het regime komt.

Wetende dat de Coalitie niet wil onderhandelen, denkt u dat er na deze uitlating wel gepraat zal worden?

Weet je, ik denk dat het regime alles zal doen wat Rusland hen vraagt en dat de Coalitie alles zal doen wat Amerika en Saoedi-Arabië hen vragen. Als dit gebeurt wil dat zeggen dat Amerika en Rusland een of andere overeenkomst hebben gesloten. De Syrische bevolking zal blijven leiden totdat de Russische minister van Buitenlandse Zaken Lavrov en zijn Amerikaanse collega Clinton een overeenkomst hebben bereikt. Zolang er geen overeenkomst is zullen de Syrische en niet-Syrische poppen in Syrië hun vuile job blijven doen.

Bij het begin van de revolutie hadden mijn vrienden en ik vele scenario’s voor het verloop ervan in Syrië. Een van die scenario’s voltrekt zich nu, het was het worstcase-scenario. Beide partijen zijn even sterk geworden, even gewelddadig en beiden verwoesten het land. Naar mijn gevoel zijn de vechtende rebellen een slechte kopie van het regime. 

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3181   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift