Welcome back, Mr. Jahjah

Olivia Rutazibwa vertrok uit België voor een baan aan de universiteit van Portsmouth. Net nu komt Abou Jahjah terug naar België. Dat is geen dag te vroeg, vindt ze, want ‘de slakkengang van de Vlaamse diversiteitsprocessie’ verdient een stevige duw in de rug.

  • Brecht Goris Brecht Goris

Ik ga al meer dan een week kleurloos door het leven. Heerlijk ontspannen is dat. Het leven is een feest wanneer niemand vreemd opkijkt van je vreemd zijn, zelden vraagt waar je vandaan komt of het antwoord: ‘Belgie’ ruimschoots volstaat om iemands nieuwsgierigheid te bevredigen.

Tien dagen geleden stak ik met camionette en inboedel het Kanaal over om in Engeland mijn tenten op te slaan. Niet naar de bruisende Londense metropool waar ik met velen de huidskleur deel, maar naar de overwegend witte havenstad Portsmouth aan de zuidkust. Een vriendelijke, beleefde mini-versie van mijn geliefde Antwerpen, maar dan witter en op de een of andere manier toch kosmopolitischer. Ik ben er nog niet helemaal uit hoe dit precies mogelijk is. Een nationale cultuur die jaren geleden de kaart van actief pluralisme trok, zit er allicht voor iets tussen.

Hoofddoekendebat mee verhuisd

Dit neemt niet weg dat ook aan deze kant van het Kanaal niet alles in kannen en kruiken is. Ook de Britse eilanden blijven niet gespaard van de xenofobe terugschroefoperaties die overal in Europa om zich heen grijpen. Zo is de VK editie van het hoofddoekendebat hier enkele dagen geleden weer losgebarsten nadat een school in Birmingham terug moest komen op een verbod dat ze eerder invoerde. De vruchten van georganiseerd protest. Elders in het land zag een rechter zich genoodzaakt om een oordeel te vellen over een gesluierde vrouw in zijn rechtzaal. Hij vond een gulden middenweg.

Een niet onbelangrijk detail: in het Britse hoofddoekendebat gaat het over de gezichtsluier, niet de eenvoudige hoofdbedekking die wij in Vlaanderen niet snel genoeg overal kunnen verbieden. Ook Britse politici bezondigen zich aan misplaatst feminisme of (verdoken) minachting voor de islam. Het valt echter op dat ook de koele minnaars van de sluier hun tussenkomsten steevast inleiden met de vrijheid van godsdienstbeleving als uiterst Britse waarde. ‘Instinctief stuit het me tegen de borst om iemand op te leggen wat wel of niet te dragen, maar…’ begint een van hen zijn pleidooi voor een verbod van de gezichtsluier op school te overwegen.

Hoe erg is racisme?

In die zin doet doet het VK me dromen van het mogelijke. Een tegengif voor de dagelijkse confrontatie met het onmogelijke of het onoverkomelijke in Vlaanderen. Zonder karrevrachten optimisme wordt de slakkengang – voorwaarts of achterwaarts – van de Vlaamse diversiteitsprocessie een loodzware last die iedereen in de samenleving treft.

In de eerste plaats weegt het op de minderheden. Als ze er al in slagen om de aangeleerde complexen te overstijgen, of niet indommelden door de bewuste of onbewuste aanvaarding van hun eigen achterstelling, is er vaak te weinig energie over om meer te doen dan een diagnose stellen of aanklachten te formuleren.

De linkerzijde goochelt intussen enthousiast met de gepaste progressieve terminologie – actief pluralisme is het nieuwe modewoord. Op het niveau van de implementatie gaat ze echter discreet op de rem staan eens duidelijk wordt dat het om een herverdeling van de macht gaat. Het geweten wordt dan gesust door het gebrek aan Vlaamse draagkracht voor enige pluralistische omwenteling.

De onmetelijke rechterzijde gaat gebukt onder een deprimerende verzuring en verharding en heeft een shockerende banalizering van het racisme onze samenleving binnengeloodst. Liesbeth Homans die zich in een après-midi sur l’herbe setting (DS 08/2013) buigt over de vraag of racisme echt zo erg is. (Het is tenslotte geen misdaad tegen de mensheid.) Dewinter-aanhangers die in een anti-halal campagne, schoolgaande kinderen zwanworstjes zowat door het strot duwen (juni 2012). De lijst wansmakelijke voorbeelden die het nieuws halen is lang, maar oneindig veel korter dan de verborgen dagdagelijkse brokken die het racisme in ons landdeel maakt. De statistieken over hoe het onze minderheden op school of de arbeids- en woonmarkt vergaat, vergaren stof in de archieven van ons korte geheugen.   

Het is de liefde

Het beste dat me in de laatste tien jaar is overkomen is het accuut besef dat dit onaanvaardbaar is. Het is een besef dat niet eens gegroeid is uit verbittering of woede. (Ik hoor bij de lichting Vlamingen die grootgebracht is met de idee dat het allemaal zo’n vaart niet loopt als je je best maar doet. En dat we tijd nodig hebben.) Het kwam er door zelf als luxe-migrant naar andere landen te trekken.

Plekken waar de situatie erger was, zoals Italië, of beduidend beter of fundamenteel anders, zoals Parijs of Groot-Brittannië. Het schoot wortel uit zelfrespect, uit liefde voor de mensen in de nieuwe plek, voor de mensen aan het thuisfront en voor het nageslacht. Het is die liefde die racisme en discriminatie met de dag onaanvaardbaarder maken.

Het besef kreeg tenslotte vorm door inspirerende voorbeelden. Activisten die weigderen om het bij klagen en diagnose te houden. Personages en organisaties die de idee van gelijkheid en burgerschap terug vanonder het stof haalden, en de samenleving in haar totaliteit brutaal wakkerschudden.

Voor mij was dat ooit de Arabisch Europese Liga van Dyab Abou Jahjah. Het spijt me dat ik zijn terugkeer niet vanop de eerste rij zal meemaken, maar ik hoop vurig op een terugkeer van het actief burgerschap. Het zal niet zozeer van zijn persoon of zijn acties afhangen. Wel van het feit of we bereid zijn om herinnerd te worden aan het mogelijke, en of we er iets mee willen doen. Alleen daarvoor al, en omdat het publieke debat hopelijk opnieuw interessanter zal worden: welcome back Mr. Jahjah.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2745   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift