Recensie van "Opstand in de Rif" en "We zijn Peshmerga's van vader op zoon"

De ene opstand is de andere niet

© Reuters / Youssef Boudlal

“Opstand in de Rif” belicht de Hirak-beweging. Het boek brengt helder in kaart hoe die opstand van de Riffijnen niet zomaar uit het niets is ontstaan: hij is de zoveelste bevestiging dat er al jarenlang van alles fout loopt in Marokko. Zulke protesten tegen onderdrukking zijn in bepaalde opzichten universeel, maar er zijn ook verschillen, blijkt uit “Wij zijn peshmerga’s van vader op zoon”, dat inzoomt op de Iraaks-Koerdische strijd.

Haast onopgemerkt bleven hier de voorbije hete zomer de aanhoudende protesten in Marokko. In Casablanca en Rabat demonstreerden in juli vele duizenden mensen voor de vrijlating van de 54 Riffijnse activisten die in juni tot zware straffen werden veroordeeld. De Marokkaanse regering, voorspelbaar, weigerde daarop in te gaan. Al Hoceima, in de ogen van de Marokkaanse regering het hart van de opstand of de Hirak, bleef deze zomer een bezette stad en deelnemen aan de opstand bleef landverraad. Even duidelijk was dat pottenkijkers niet welkom zijn, toen twee buitenlandse journalisten uit de stad werden gezet.

In tien hoofdstukken krijgt de lezer een gedegen inleiding in de opstand, die, anders dan de Marokkaanse regering insinueert, geen separatistische opstand is.

Op 26 oktober 2016 werd in het Marokkaanse Al Hoceima een visboer verpletterd in een vuilniswagen, toen hij daarin zijn in beslag genomen en vervolgens weggegooide partij zwaardvis achternadook. De vernederende dood van Mohsin Fikri werd de geboorte van de volksopstand. De Riffijnen revolteerden tegen de decennialange economische, sociale en culturele verwaarlozing van hun Berberse provincie.

Een zeer woelige tijd volgde en honderden mensen werden gearresteerd, onder wie de charismatische leider van de beweging, Nasser Zafzafi. Het Casablanca-proces tegen de 54 Hirakactivisten mondde uit in zware straffen, met onder meer twintig jaar celstraf voor Zafzafi. Ondanks het bijzonder repressieve antwoord van de regering, ondanks het afschrikkende voorbeeld dat met de processen wordt gesteld, is de sociale opstand echter niet dood. Want, zo schrijven verschillende auteurs van het recent verschenen boek Opstand in de Rif, de Hirakbeweging is de zoveelste bevestiging van wat al jarenlang fout loopt in Marokko.

In tien hoofdstukken krijgt de lezer een gedegen inleiding in de opstand, die, anders dan de Marokkaanse regering insinueert, geen separatistische opstand is. ‘De Hirak is uitgebroken omdat de Riffijnen het beu zijn miskend te worden in de eigen historisch-culturele identiteit, en omdat ze niet langer tweederangsburgers willen zijn’, schrijft de Nederlandse M’hamed El Abdouni. ‘Ze willen erkenning in een land waar democratie, mensenrechten of diversiteit slechts als uithangbord dienen om het falen van de belangrijke instellingen te verhullen.’

Als de regering loyaliteit wil, kan ze die krijgen, schrijven de auteurs. Alleen kan je die eis tot patriottisme niet stellen als je decennialang niet alle burgers van het land evenwaardig burgerschap geeft. De Riffijnen vragen die erkenning al lang, en juist daarover is zo weinig bekend, vond initiatiefneemster van het boek Btisam Akarkach, blogster, filmkenster en lector in een hogeschool. De Riffijnse protesten in 1958 en 1959, en het repressieve antwoord daarop van de vorige koning, Hassan II, hadden tot een grote migratiegolf naar Europa geleid, waarin ook haar ouders zaten. Een tweede golf kwam na de studentenprotesten in de jaren tachtig. ‘Ik wilde de vroegere protesten in kaart brengen, en linken aan de Hirak. Ik voelde de verantwoordelijkheid om dit niet te laten voorbijgaan, om dit te documenteren, ook voor de jonge zoekende Riffijns-Vlaamse generatie.’

Het protest van de Hirak is universeel, stellen verschillende auteurs. ‘De lawaaiacties met potten en pannen in Al Hoceima doen denken aan de dwaze moeders van Argentinië en de nieuwsbeelden van woedende Grieken na het EU-bankroet in 2014’, zegt antropologe Miriyam Aouragh. Ook schrijfster Rachida Lamrabet trekt een lijn naar de Indignado-beweging in Madrid, ‘van Standing Rock tot Gaza en de demonstranten van Nuit Debout in Parijs’.

Moeilijk evenwicht

Een jaar geleden stelden activisten uit Nederland en België een solidariteitsmanifest van en voor Koerden en Berbers op. ‘Want ondanks de verschillende context zijn er heel wat parallellen tussen de manieren waarop Koerden en Imazighen (Berbers) onderdrukt zijn en als onderontwikkelde mensen van de bergen worden weggezet’, klinkt het.

Het boek leest als een pamflet voor en door peshmerga’s. Tegelijk geeft het een interessante en unieke inkijk in een hedendaagse geschiedenis die tot nu heel erg onderbelicht is gebleven.

De parallellen in de onderdrukking van Koerden en Imazighen zijn er op het eerste gezicht zeker. Maar het is heel lastig om geweldloos sociaal protest tegen onderdrukking te koppelen aan gewapende verzetsstrijd elders die voortkomt uit wat je een zelfde patroon van nationalistisch gestuurde onderdrukking zou kunnen noemen. De Koerdische strijd heeft immers vele gezichten, vele contexten en evenveel einddoelen.

Terwijl de auteurs van het solidariteitsmanifest in de eerste plaats verwijzen naar de lange strijd van de Koerden in Turkije, is ook de Iraaks-Koerdische strijd ontstaan als een reactie op decennialange repressie en onderdrukking. Wanneer de Belgische-Iraaks-Koerdische freelancer Baram Maro op zoek gaat naar zijn identiteit, doet hij dat aan de hand van het verhaal van zijn Koerdische vader Sirwan, peshmerga en vertegenwoordiger van de PUK (Patriottische Unie van Koerdistan) in het Europees Parlement. Dat verhaal tekent hij op in het boek Wij zijn peshmerga’s van vader op zoon, waar hij, in een korter tweede deel, zijn eigen zoektocht aan toevoegt.

Het onrecht en de wreedheden van het Baath-regime onder Saddam Hoessein tegen het Koerdische volk in Irak deden Barams vader besluiten zich te vervoegen bij het ondergrondse verzet in de stad Kirkoek. ‘In het verleden waren er nooit Arabieren in Kirkoek’, vertelt Sirwan. ‘Ze mochten enkel met de toestemming van de Koerdische stammen in het gebied verblijven, maar onder Saddam Hoessein veranderde alles. Tijdens mijn kindertijd zag ik wekelijks mensen op straat liggen die door de regering gedood waren, of opgehangen aan lantaarnpalen. De dood was altijd aanwezig. En de arabiseringspogingen van het Iraakse regime namen toe.’

Toen hij zeventien was, sloot Sirwan zich aan bij de PUK, die in 1975 officieel was heropgericht. Wat volgt is een verhaal over de gewapende strijd, tegen het regime, maar ook over de interne Koerdische strijd, met name tegen de Koerdische Democratische Partij onder leiding van de maffiose Barzani-clan. In de zoektocht naar zijn wortels vertelt Baram het verhaal van zijn vader op een heel persoonlijke en betrokken manier, zonder afstand te nemen. Het boek leest dus als een pamflet voor en door peshmerga’s. Tegelijk geeft het een interessante en unieke inkijk in een hedendaagse geschiedenis die tot nu heel erg onderbelicht is gebleven.

Opstand in de Rif. Door Btisam Akarkach e.a. Uitgegeven bij EPO. 182 blzn. ISBN 978-94-6267-135-5.

Wij zijn peshmerga’s van vader op zoon. Door Sirwan en Baram Maro. Uitgegeven bij Eik Uitgeverij. 348 blz. ISBN 978-9-46358-011-3.

Dit artikel werd geschreven voor het herfstnummer van MO*magazine. Voor slechts €28 kan u hier een jaarabonnement nemen!

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur