Dheepan, een aangrijpend bootvluchtelingendrama van Jacques Audiard

De bloedige burgeroorlog in Sri Lanka lijkt uitzichtloos, de Tamiltijgers die voor onafhankelijkheid van hun regio vochten tegen de militaire autoriteiten zijn moegestreden. Voor een van hen is het genoeg geweest, een van de velen. Hij ontvlucht het oorlogsgeweld. Dat is de intro van Dheepan.

Van het moment dat een mensensmokkelaar, terwijl hij een vervalst, dan wel gestolen paspoort overhandigt aan de man, nu ex-Tamiltijger, een jonge vrouw en een meisje overtuigend zegt: “Vanaf nu vormen jullie een gezin!” krijgt het bootvluchtelingendrama Dheepan van Jacques ‘Un Prophète’ Audiard, die zich liet inspireren door Lettres persanes van Montesquieu, een extra dimensie. In de hoop om zo gemakkelijker naar West-Europa te kunnen reizen. Het lukt wonderwel.

Het satirische Lettres persanes, een briefroman van dé Franse filosoof uit de Verlichting, is een fictieve briefwisseling tussen twee Perzen op doorreis in Europa, door Frankrijk, die in Parijs belanden en hun licht laten schijnen op de 18de eeuwse westerse wereld.

In Dheepan arriveert het drietal in Frankrijk, ook al droomt de vrouw dan van Engeland waar haar nicht woont. In Parijs probeert Dheepan – nieuwe naam van de man – illegaal gadgets aan de man te brengen maar vrij snel krijgen ze een flat toegewezen in Pré-Saint-Gervais, een buitenwijk van Parijs die meer dienst doet als een grauw drugshol dan als een best aangename woonplek. Maar niet getreurd. Met zijn drieën pogen ze er het beste van te maken.

Audiard duidt het lijden van zijn drie hoofdpersonages. Dheepan neemt zijn taak als conciërge ter harte, poogt de boel net te houden wat gelijk staat aan dweilen met de kraan open, de vrouw zal na wat aandringen 500 euro gaan verdienen als huishoudster van de mindervalide Brahim die in hetzelfde gebouw huist. En het meisje, dat aanvankelijk op school op de speelplaats door de andere meisjes straal wordt genegeerd, laat dat niet zomaar gebeuren, ook al moet zij achteraf haar excuses aanbieden. Het meisje is de motor van de integratie. Bij de schoolpoort dicteert ze haar pseudo-moeder: “Geef me een kus, zoals iedereen hier doet!” En even later thuis: “Heb jij zussen of broers? En zou je wat vriendelijker voor mij kunnen zijn!”

Dheepan kan zijn verleden als Tamiltijger niet echt van zich afschudden, ook al heeft hij het geweld afgezworen. Hij heeft te veel gezien. Bij het minste onraad voelt hij zich ineens nerveus, op zijn hoede, vol argwaan, opnieuw soldaat, krijger? Hij moet zelfs – dag in dag uit is er wel een rel om, in en rond het appartementsgebouw  – opnieuw een beroep doen op zijn overlevingsinstinct. De open wonden – Dheepan heeft in de oorlog alles verloren  – zijn nog lang niet geheeld. Integendeel. De oorlog blijft in zijn nachtmerries rondspoken… Terwijl de vrouw hun/haar verblijf veeleer blijft zien als tijdelijk, als een pijnlijk intermezzo. Drie onbekenden, alledrie met heel andere dromen, wensen en verzuchtingen.   

Audiard weet naar de kijker toe voldoende inlevingsvermogen te creëren en dat is misschien wel het sterkste accent van de film.

Af en toe duikt zomaar ineens een glimp van een grote olifantenkop in beeld op. Een verwijzing naar de god Ganesh/Ganesha. Thuis bidden ze tot Ganesh (Ganesha), in het pantheon van het hindoeïsme de god van kennis en wijsheid. Hindoes richten zich tot Ganesha vooraleer ze aan iets nieuws beginnen, wanneer ze verhuizen, voor een nieuwe job kiezen… Een beeld van de (half)god, van wie wordt verteld dat hij de mahabharata zou hebben opgeschreven, prijkt in Azië op splitsingen van wegen zodat hij reizigers kan helpen wanneer ze keuzes moeten maken en een nieuwe weg inslaan. Ganesha staat altijd aan het begin van iets, een eerste impuls.

Audiard, in Frankrijk de chouchou van zowel de filmpers als van het publiek, weet naar de kijker toe voldoende inlevingsvermogen te creëren en dat is misschien wel het sterkste accent van de film. Hij geeft aan (een enkele keer op het randje van het cliché zelfs) hoe hard onze ‘samenleving’ wel niet is voor mensen die voor het geweld zijn gevlucht maar bij ons ook met geweld worden geconfronteerd. “Geweld ja, maar anders” zoals Dheepan dat ziet.

Hun probleem is tweeërlei, hoe zich een toekomst opbouwen, zich in een andere nieuwe wereld integreren, zich een nieuwe identiteit aanmeten (letterlijk) terwijl ze hun verleden als een zware ballast meezeulen. Die ze als een doodenge schaduw overal met zich meenemen. Wil Dheepan afrekenen met het verleden, dan zal hij uiteindelijk moeten toegeven aan de vrouw – de hele film lang voel je een (seksuele) spanning – en zich voluit inschrijven in haar (utopisch?) droombeeld.

Audiard combineert in Dheepan, waaraan hij vijf jaar lang schreef, thematische vertelkracht aan latente dreiging – vooral present op de klankband – , een zedenschets aan een thriller en het lijden van het individu aan een milde kijk op de mens.  

Freddy Sartor in Filmmagie (september 2015)

Voor lezers van MO* die snel reageren liggen er 10 duotickets klaar voor de avant-première van DHEEPAN van Jacques Audiard, de Gouden Palm op het voorbije Filmfestival van Cannes, en dat op maandag 24 augustus om 20u in Cinema Sphinx, Sint-Michielshelling 3, in het centrum van Gent. 

 

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift