Wat drijft jihadisten?

Wat motiveert de extremistische jihadi’s van IS en Al Qaeda? En wat drijft de Syriëstrijders om vanuit het comfortabele Westen naar het front in het Midden-Oosten te trekken en daar deel te nemen aan gevechten en executies? Deze vragen hebben in het Westen een ware opinie- en duidingsindustrie doen ontstaan.

  • Achtergronden van een verontrustend fenomeen.

In de stapel boeken die hierover de voorbije maanden ook in het Nederlands gepubliceerd zijn, valt De Jihadkaravaan van Montasser AlDe’emeh en Pieter Stockmans op, al was het maar omdat een van de twee auteurs geen blanke middenklasser is, maar stevige wortels in het Midden-Oosten heeft.

De Jihadkaravaan is een bundeling reportages in Jordanië, Gaza en Syrië die de lezer dichter brengen bij de oorsprong en de realiteit van de gewapende jihad dan de meeste analyses. Het is een geopolitieke analyse van de frustraties en de spanningen in het Midden-Oosten. Maar het is ook het persoonlijke verhaal van Montasser AlDe’emeh, dat duidelijk maakt hoe radicalisering in één heel concreet leven tot stand komt.

Het procédé van de persoonlijke levensloop loopt voortdurend het gevaar om af te glijden tot een hagiografie, want AlDe’emeh heeft uiteindelijk de stap naar geweld niet gezet maar gekozen voor kennis, inzicht en geweldloosheid. Het is ongetwijfeld de verdienste van mede-auteur Pieter Stockmans dat het evenwicht tussen dit getuigenis en de meer journalistieke lagen van het boek voortdurend behouden blijft. Daardoor wordt De Jihadkaravaan een uniek boek waarin de Palestijnse kwestie – met alle menselijke lijden en de daarover gecultiveerde wrok – terecht een centrale plaats krijgt in het beantwoorden van de waaromvraag.

Hier zijn twee auteurs aan het woord die héél goed weten waarover ze het hebben.

De 35 laatste bladzijden van dit boek vormen een apart hoofdstuk, waarin de auteurs uit hun academische en journalistieke rol stappen en resoluut een aantal beleidsvoorstellen doen om beter –rechtvaardiger én efficiënter – op de islamitische radicalisering te antwoorden. Je hoeft het zeker niet eens te zijn met alle ‘Tien kogels van verzoening’, zoals het hoofdstuk een beetje overtrokken heet, of met alle 66 ideeën, projecten en voorstellen die daaronder gerangschikt werden. Maar wie de voorgaande 376 bladzijden las, zal ze ook niet zomaar aan de kant kunnen schuiven. Want hier zijn twee auteurs aan het woord die héél goed weten waarover ze het hebben, vanuit journalistiek en academisch onderzoek, vanuit hun eigen leven of vanuit hun eerlijke betrokkenheid bij de concrete levens van anderen.

IJkpunten en handvaten

Voor een heel andere aanpak koos de Vlaamse islamkenner Pieter Van Ostaeyen in zijn beknopte boek Van kruistochten tot kalifaat. Sinds 2012 volgt de historicus-arabist het online reilen en zeilen van Belgische Syriëstrijders – tot soms zes uur per dag schuimt hij Twitter en Facebook af op zoek naar informatie. Dat leverde hem internationale erkenning op als expert inzake foreign fighters. Toch heeft Van Ostaeyen het in zijn boek nauwelijks over zijn eigen ervaringen en speurtocht, maar beperkt hij zich tot een bundeling van nuttige achtergrondinformatie die cruciaal is om het fenomeen Islamitische Staat beter te begrijpen.

In het eerste deel van zijn boek onderzoekt Van Ostaeyen het ontstaan van het islamisme. Hij neemt de lezer mee van het kalifaat dat na de dood van de profeet Mohammed werd opgericht, over de kruisvaarders en kruistochten en de avonturen van Lawrence of Arabia tot het belangrijke Sykes-Picot-Verdrag. In het tweede deel van het boek focust Van Ostaeyen op de mislukte revoluties van de Arabische Lente, in Tunesië, Libië en Egypte. Het laatste deel ten slotte, ‘Jihad 2.0’, zoomt in op het complexe kluwen van radicale bewegingen en stromingen in het Midden-Oosten, en meer bepaald in Syrië en Irak. Vooral de gedetailleerde beschrijving van Jabhat an-Nusra –met hun geheimzinnigheid en steun aan de burgerbevolking – beklijft.

Nuttige achtergrondinformatie die cruciaal is om het fenomeen Islamitische Staat beter te begrijpen.

In amper 140 bladzijden krijgt de lezer ijkpunten en handvaten aangereikt om de actualiteit over IS beter te duiden en te begrijpen. Die achtergrondinfo is zeker nuttig in België, want met ongeveer 480 Syriëstrijders in maart 2015 (van wie er ongeveer 100 teruggekeerd zijn en 55 gedood) heeft België per inwoner het grootste aandeel jihadi’s van de hele wereld.

Na de dood van de Belg Houssein Elouassaki in de zomer van 2013, schrijft Van Ostaeyen, viel de groep Belgische strijders in Syrië uit elkaar en verlieten ze hun basis in Daret Izza nabij Aleppo. ‘Sommigen onder hen sloten zich aan bij Jabhat an-Nusra, maar de overgrote meerderheid bij IS.’ Uitgerekend dat soort informatie – vlieg op de wand bij de Belgische Syriëstrijder – ontbreekt nog wat in dit boek. Misschien (hopelijk) is dat verhaalstof voor een vervolg.

Globale jihad

Ook Claude Moniquet geeft in Jihad in België een grondige schets van de internationale historische ontwikkelingen die hebben geleid tot het ontstaan van Al Qaeda en IS, met aandacht voor de ideologie van het radicale islamisme en de geboorte van de globale jihad.  Jihad in België (de titel is een beetje misleidend omdat het boek niet echt focust op België) is de allereerste uitgave van de gloednieuwe uitgeverij Horizon, opgericht door Geert Cortebeeck (ex-Manteau).

Voor zijn analyse over IS beroept auteur Claude Moniquet zich op zijn ‘34 jaar lange ervaring’ in de strijd tegen het terrorisme. Hij schrijft dat hij ‘twintig jaar bij de DGSE heeft gewerkt als agent op het terrein’, twintig boeken schreef en een inlichtingendienst leidde ‘die grote ondernemingen, politie- en inlichtingendiensten informeerde en hielp’. Die ervaring spreekt ook uit het boek, dat veel kennis en informatie over islamitisch terrorisme bundelt. Moniquet stelt onder meer vast dat er ‘veel meer “Europese jihadisten” zijn dan vijftien tot twintig jaar geleden. In 1995 waren er amper een handvol, in 2005 waren dat er al enkele honderden, maar nu lopen de aantallen in de duizenden.’ Moniquet spreekt bovendien van een ‘oorlog tegen het terrorisme’ en ‘het begin van de globale jihad’.

Moniquet reconstrueert de gebeurtenissen en ontleedt het radicaliseringsproces van de daders.

Gevalsstudies en profielschetsen van moslimterroristen beslaan zowat de helft van het boek. Van Mohamed Merah, die ‘Frankrijk op de knieën krijgen’ wilde, over Mehdi Nemmouches aanslag op het Joodse Museum in Brussel, tot de raid op Charlie Hebdo en de schietpartij in Verviers: Moniquet reconstrueert de gebeurtenissen en ontleedt het radicaliseringsproces van de daders. Opvallende rode draad door die karakterschetsen is het tranendal van gebroken gezinnen en instabiele jeugdjaren. Al wijst Moniquet ook op een hele reeks andere factoren die een rol speelden bij het radicaliseren.

Afsluitend pleit Moniquet voor sterkere inlichtingendiensten, strengere straffen en ook grondtroepen in Syrië en Irak. En misschien later ook wel in Libië en Nigeria. Maar dus eerst militaire grondoperaties tegen Islamitische Staat, dat intussen is uitgegroeid tot een leger van 50.000 tot 70.000 strijders dat over een grondgebied met liefst acht miljoen inwoners heerst.

  • De Jihadkaravaan. Reis naar de wortels van de haat door Montasser AlD’emeh en Pieter Stockmans is uitgegeven door Lannoo. 431 blzn. ISBN 978 94 01426060
  • Van kruistochten tot kalifaat. Arabische Lente, jihad, Islamitische Staat door Pieter Van Ostaeyen is uitgegeven door Pelckmans. 152 blzn. ISBN 978 90 28973749
  • Jihad in België door Claude Moniquet is uitgegeven door Horizon. 348 blzn. ISBN 978 94 92159113

Dit artikel verscheen in het herfstnummer van MO*magazine. Een jaarabonnement kost slechts 20 euro en kan je hier bestellen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur