Inequality and instability

Inkomensongelijkheid is dezer dagen in veel landen een pregnant politiek thema. Met Inequality and instability heeft de Amerikaanse econoom James Galbraith er een baanbrekend werk over geschreven. Niet alleen omdat het boek de vrucht is van vele jaren arbeid maar ook omdat hij gebruik maakt van mondiale gegevens over sectoriële en regionale inkomens die weliswaar al lang voorhanden zijn, maar nooit werden gebruikt voor de studie van dit onderwerp. Daardoor komt de auteur tot opmerkelijke besluiten.

Zo bijvoorbeeld dat inkomensongelijkheid in bijna alle landen toenam na 1980 en dat er dus mondiale macro-economische factoren aan het werk zijn. Heel opmerkelijk aan Galbraiths werk is dat niet de technologische veranderingen en de globalisering, en dus de druk op de vergoedingen van lager geschoolde mensen (in de rijke landen), de grootste oorzaak voor de groeiende ongelijkheid zijn. Die rol speelt de financialisering van de wereldeconomie: telkens de financiële sector groeit, swingen ook de inkomens in die branche de pan uit –bonussen, aandelenkoersen, salarissen… Dat verschijnsel is nauw verbonden met het economische model dat sinds 1980 het daglicht zag. Dat steunt essentieel op de kredietcyclus: een gekte van veel krediet met een bijhorende boom van beurzen allerhande die de bezitters van aandelen en activa steenrijk maakt, en zo de basis legt voor de ongelijkheid van inkomens. In de VS steunt de inkomensongelijkheid zo essentieel op de inkomensboom in een paar graafschappen: Manhattan, Seattle, Silicon Valley…

Hetzelfde patroon keert terug in China, Brazilië en in de Europese landen die Galbraith heeft bestudeerd. Brazilië is een van de weinige voorbeelden die er recent in geslaagd zijn de ongelijkheid terug te dringen. Als de politieke wil er is, kan het volgens Galbraith nog altijd. Maar die is er steeds minder, meent hij.

Galbraith stelt eveneens vast dat regimes die in het verleden of nu gelijkheid pretenderen na te streven –zoals communistische staten of de Islamitische Republiek Iran– daar ook in slagen. Democratisering draagt doorgaans niét –en zeker niet op korte termijn– bij tot meer gelijkheid. Enige uitzondering zijn de oude sociaaldemocratieën van Noord-Europa. Voor Europa heeft Galbraith een paar verrassingen in petto: de ongelijkheid is er op continentaal niveau groter dan in de VS en Europa kan van de VS leren hoe het daaraan kan werken.

Inequality and instability van James Galbraith is uitgegeven door Oxford University Press. 324 blzn. ISBN 978-19-985565-0

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3196   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift

Over de auteur