Jai Ho! Over rust en luide ritmes in de Himalaya

Onze man in de Himalaya moet wachten op zijn gesprekspartner en maakt daar een zalige dag van studie en rust van. Maar niet iedereen heeft dat zo begrepen. De culturele vragen zijn nooit ver weg.

CC Gie Goris (BY NC 2.0)

Drie dagen Delhi. Meer is er niet nodig om van een maandag in Mashobra een dag in zevende hemel te maken. Mashobra ligt op een uur rijden van Shimla, en Shimla is de hoofdstad van Himachal Pradesh: een kleinere deelstaat in India die -de naam zegt alles- aan en in de Himalaya ligt. Klein, dat wil zeggen: anderhalf keer de oppervlakte en dik de helft van het aantal bewoners van België. Himalaya, dat betekent toppen tot 6500 meter.

Die besneeuwde toppen van de hoge Himalaya liggen bij ochtendlicht in het verre oosten, waar het grote raam van mijn kamer op uitgeeft. Daarvoor liggen de Alpijnse ruggen, vol eeuwig zingende sparren en dennen. Nog voor mijn raam: een kleine en wat later een grote baviaan. Ze kijken me onderzoekend aan, maar reageren op mijn fototoestel als een bezoeker die niet gesteld is op de pers. Ze verdwijnen voor het dopje van de lens is. De stilte in Mashobra is onaards, en vooral on-Indiaas. Er was deze voormiddag een motard die vertrok. En in de namiddag bleek het metalen gerammel afkomstig van de bavianenfamilie die zich vermaakte op het golfplaten dak van het huis onder mijn raam.

De stilte in Mashobra is onaards, en vooral on-Indiaas.

Mashobra heeft dan ook een lange geschiedenis als uitwijkplaats voor wie de hitte, het stof en het geraas van de vlakte wil ontvluchten. De Indiase president heeft hier bijvoorbeeld een van zijn twee buitenverblijven -geen eigendom van de huidige president, maar van de Indiase staat: het gebouw werd in 1850 geheel uit hout opgetrokken, en elk jaar verblijft de president er minstens één keer. Voor zijn bureau is er dan ruimte in een nabijgelegen dorp. Uiteraard wisten ook de Britse kolonisatoren dit oord van relatieve koelte en absolute rust te waarderen. Wikipedia meldt dat verschillende vooraanstaande Britten naar Mashobra afzakten, of opklommen, en dat Lord Mountbatten en Lady Edwina hier enkele weken vertoefden. Jawaharlal Nehru kwam hen trouwens een bezoek brengen.

Nu de Britten de handen vol hebben aan hun volgende vertrek, zijn de blissfully absent in Mashobra. In hun plaats kwamen de nieuwe regenten en bestuurders, of gewoon de nouveaux riches met hun kinderen, het uitzonderlijke koppeltje rugzakkers, en enkele literati. Anita Desai schrijft over Mashobra in een van haar romans -zegt iedereen op internet, maar niemand noemt de naam van het boek. Pankaj Mishra heeft hier een vast onderkomen. Hij is de reden dat ik hier ben, en een afgeschafte vlucht vanuit Londen is de reden dat ik hier een dag langer ben dan voorzien. Meer tijd om te lezen in de boeken en tijdschriften die ik kocht voor de reportage over politiek en identiteit in India, en om van Mashobra te genieten.

CC Gie Goris (BY NC 2.0)

Niet iedereen heeft echter hetzelfde idee van genieten. Zowel tijdens de voormiddag als in de late namiddag krijg ik een telefoontje van het “activiteitencentrum” van het hotel waar ik verblijf. Telkens gaat dat vergezeld met een enthousiaste aankondiging van allerlei meeslepende activiteiten waarmee ik mijn dag en avond kan vullen. De idee alleen al. Maar er is geen ontsnappen aan. Als ik om halfacht ga avondeten, ben ik alleen in de eetzaal. Ik kan daarvan genieten, geef ik toe. Zodra er twee of drie meer verzamelen, spoedt een van de kelners zich naar de uithoek achter mij, waar hij met een simpele druk op de knop luide muziek aanzet. Plat commerciële westerse muziek: boemboemdisco die ik niet ken, rock van een Final Countdown variëteit. Na dertig seconden Adele wordt snel doorgespoeld naar nieuwe boemboem.

Gelukkig was ik alleen en hoefde ik niet over tafel te schreeuwen hoe vreselijk dit allemaal is.

Ik kan veel verdragen en ben niet snel met waardeoordelen -misschien in de hoop dat anderen mij ook met enige mildheid en tolerantie zullen bejegenen. Ik stoor me dus niet aan de kerstlichtjes tussen het buffet: dit is Azië, what can I say? Ik maak geen opmerkingen over de uit piepschuim gesneden rendieren die roodgeschilderd tegen de ramen en dus voor de groene bossen plakken. Ik kan leven met de grote witte adelaars die de soepkom omklemmen, de enorme koloniale schilderijen die zowel de aristocratische Britten uit de dagen van de Raj als Napoleontische legertaferelen voor het Odeon in Parijs afbeelden -geen suggestie van commentaar of afstand: zelfs daar kan ik in dit decor mee leven. Maar disco, godbetert?! Luide! Muziek! Terwijl! Je! Eet! Gelukkig was ik alleen en hoefde ik niet over tafel te schreeuwen hoe vreselijk dit allemaal is.

Nog een bekentenis. Ik was intussen al voorbij mijn dessert en zat druk commentaar te leveren op Facebook, zo alleen was ik dus, toen de boemboem vervangen werd door Bollywood. Vier meisjes stonden van de tafels op en plaatsten zich op een rij tussen de veggie en niet-veggie gerechten, tussen het fruit en de chocomousse, en voerden een citaat op uit een ongetwijfeld razend populaire Hindifilm. Dat deed me glimlachen, al was het natuurlijk even luid en even commercieel als alle rumoer daarvoor.

Ik ben weggegaan met een stapel vragen. Wat drijft mensen om midden de rust het lawaai te verkiezen? Om in plaats van genot toe te laten, vertier te verkopen? Waarom lijk ik anders te oordelen over commercie van lokale makelij dan over de ingevoerde variant, waar verder niemand in de ruimte aanstoot aan leek te nemen? Wat zegt deze scène over het hindoenationalisme waarover ik wil schrijven? Dat laatste hoop ik morgen te bespreken, onder vele andere vragen, met Pankaj Mishra.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift