Authenticiteit versus massatoerisme

Ik was het helemaal vergeten. En ook al wordt het vaak gezegd en bereid je je er wel op voor… het gaat nog sneller dan dat: De tijd vliegt voorbij als je aan de andere kant van de wereld zit. 

Mijn vierde week in Hanoi is een kantelmoment. De zomer begint (eindelijk gedaan met dat grijs weer en de eeuwig lijkend durende miezerbuien), steeds meer nieuwe mensen kruisen je pad, het stratenplan van de stad heeft (bijna) geen geheimen meer, het lukt stilletjes aan om Vietnamese basiswoorden te onthouden en de eerste fietstocht is een feit.

  • Black Hmong kinderen als wapen om souvenirs te verkopen
  • Black Hmong meisje

Hola buenos dias! Je suis Marieke, ik ben van België. And you?

Toegegeven, het valt me best moelijk deze blog op regelmatige basis bij te houden. Het feit dat het correct gebruik van het Nederlands al lastig begint te worden, maakt het er beslist niet gemakkelijker op.

“Hoe zeg je dat weer?” en “Is deze zin te ingewikkeld verwoord, of niet?”, het verkeerd gebruiken van woorden, een foute vervoeging, soms zelfs een pijnlijke dt-fout. Er valt niet aan te twijfelen, dit is het resultaat van één van de zaligste aspecten van een buitenlandse ervaring: Je leert mensen kennen uit alle hoeken van de wereld en krijgt dus voortdurend de kans om zowel je Frans, Spaans als Engels te oefenen.  Dat dit op termijn ten koste gaat van correct Nederlands zou op zich niet mogen als communicatiestudente, maar laat ons zeggen dat het regelmatig gebruik van vreemde talen dit compenseert.

In Hanoi leven heel veel expats, zij zijn verenigd door een Facebookpagina “Hanoi Massive” en richten verschillende clubjes op. Eén van die clubjes is “Viet Celts”, een mengelmoes van Nederlandse, Duitse, Amerikaanse, Vietnamese en Ierse vrouwen die elke dinsdag Gaelic Football oefent op een voetbalveldje in Tay Ho District. Sinds deze week vertegenwoordig ik er trots de Belgische nationaliteit!

Ook de Belgen hebben een clubje ‘The Belgian drink’ opgericht. Elke eerste donderdag van de maand komen ze samen in – hoe kan het ook anders – Le Petit Bruxelles. Het is wel duidelijk dat veel buitenlanders hun weg vinden in Hanoi, het is gemakkelijk om aan te passen en je wordt snel opgenomen als “één van ons”. Dat is één van de grootste verschillen die ik merk tussen Vietnam en Peru. Terwijl je in Peru als gringa na het donker niet buiten kan komen zonder je wordt lastig gevallen door een bende mannen, loop je hier quasi onopgemerkt door de straten. Ik zeg opzettelijk “quasi”, want het gebeurt overal wel eens dat je achterna wordt geroepen… dat heb je ook in België.

“Menen ze dat serieus?”

Een zin die ik wel vaker in mijn mond genomen heb de laatste tijd. Ik ben er steevast van overtuigd dat je je als buitenlander zo goed mogelijk moet aanpassen aan een cultuur en haar gewoontes om optimaal te genieten van de tijd die je hebt, maar dat is niet altijd even gemakkelijk. Ik ga er geen doekjes om winden: Die Vietnamezen zijn een ras apart. Voorrang geven en hoffelijk zijn in het verkeer? Voetganger zwakke weggebruiker? Niet met een brommer, fiets of auto op het voetpad rijden? Ik gok dat de doorsnee Vietnamees ons zot zou verklaren, mocht ik hem alle Belgische/Europese verkeersregels voorleggen. Hier lijkt het allemaal doodnormaal dat je gewoon je eigen ding doet en met niemand rekening houdt. Voorrang geven lappen ze aan hun laars en vooral als voetganger ben je een idioot als je denkt dat die brommer, fiets of auto wel zal wachten voor jou vooraleer hij het voetpad op rijdt.

Een vreemde gewoonte waar ik langs de ene kant moeilijk aan kan wennen, maar die langs de andere kant ook gewoon het karakter van de cultuur uitstraalt. Ergernis of niet, ik moet er vaak om lachen. Soms is het letterlijk zo dat ze bijna over je tenen rijden. “Jij moet maar uit de weg, want ik moet daar zijn.” Het is moeilijk de situatie juist te beschrijven, maar ik ben er over aan het denken om eens met een camera op pad te gaan. Beelden zullen veel duidelijk maken, dus als het er eens van komt, verschijnt het hier gegarandeerd!

Niet altijd even Vietnammm…

Twee weken geleden was het de eerste keer dat ik er een weekend op uit trok. Een weekend waarvan ik de busrit en de dingen die ik zag niet snel zal vergeten. Als je zegt dat het verkeer in Hanoi een chaos is, dan weet ik niet hoe je het verkeer op de “snelweg” naar de bergen moet noemen. In een busje op elkaar gepropte weekendtoeristen word je 6 uur lang door elkaar geklutst en bevind je je in een straatrace tussen camions, bussen en personenwagens. Het leek alsof iedereen als eerste wilde aankomen op zijn bestemming.

“Ik moet diegene voor mij NU voorbijsteken”, is volgens mij het enige dat in de chauffeurs hun hoofd om gaat op zo’n moment. Omdat ik het al snel te zot vond om voor me te kijken, begon ik naast mij uit het raam te kijken. Wat ik daar zag kon ik bijna niet geloven. In de berm lag letterlijk bijna elke centimeter afval: plastiek, karton, zilverpapier, zelf zakjes overgeefsel van mensen voor wie de ritten te zwaar werden voor de maag. Enig initiatief om dat vuil eens op te kuisen of tenminste al te verminderen zit er duidelijk niet in, niemand trekt het hem aan en iedereen doet rustig verder.

“Neen tuurlijk is er geen vuilbak op de bus, gooi het toch gewoon op straat!”

Ik hoop dat er snel een verstandige Vietnamees komt met het plan hier iets aan te doen, want als ze zo voortdoen zal het nog verbazend snel gaan en daar eindigen dat de pracht van de natuur zit verstopt achter een gigantische vuilnisbelt.

Het grote verschil met de Europese cultuur is dat ze in Vietnam veel minder onafhankelijk zijn. Vorig weekend ging ik naar Sa Pa, een stad in de bergen van Vietnam, tegen de grens met China. Hier viel het me op hoe onderdrukt vrouwen en kinderen werden. Kinderen mogen niet naar school, want ze moeten souvenirs verkopen aan toeristen. Hoe jong ze ook zijn, hun engelengezichtje kan veel teweegbrengen bij toeristen, dus ze moeten op pad om geld in het laatje te brengen… Het lijkt ook alsof ze zo worden getraind dat ze weg kijken vanaf er een camera opduikt… je krijgt enkel een foto als je iets koopt. Bij mij lukte het gelukkig ook door met hen te praten (ze spreken als bij wonder wél wat Engels) en ze achteraf de foto’s te tonen. Zalig om de glimlachjes op hun gezichten te zien als ze zichzelf zagen op het schermpje van mijn kodak.

Maar om terug te komen op de onderdrukking. Het oude plaatje dat vrouwen thuis horen in een keuken en moeten werken, is hier in Vietnam nog steeds aan de orde. Vrouwen werken zich te pletter, als marktkraamster, vuilnisvrouw of zelfs bouwvakker. Mannen zijn meestal taxichauffeur of zitten de godganse dag op hun luie gat op café, restaurant of hun “motobie”.

Ook het huwelijkssysteem stamt hier nog uit de tijd van toen. Seks voor het huwelijk? Dan ben je een hoer! Dat Europese vrouwen dit wel vaker doen, snappen sommige vrouwen echt niet. Je kust ook pas met een man als je bijna zeker weet dat hij diegene is waar je de rest van je leven mee verder wilt. Mensen blijven ook thuis wonen tot ze trouwen en vanaf ze getrouwd zijn, wordt er verhuisd naar de familie van de man. Deze kant van de familie is de meest invloedrijke, de belangrijke.

Het was in Sa Pa dat ik ‘s avonds in een bar een gesprek had met een meisje wiens ouders van Vietnamese origine zijn. Naarmate de avond en ons gesprek vorderde, viel mijn mond steeds vaker en verder open van verbazing, we hebben te veel gepraat om het hier – op het einde van mijn blogbericht – nog allemaal neer te schrijven, dus ik hou het kort. Vietnam is een communistisch land en dus bang om te veranderen. Politiek gezien houden ze vast aan het oude, want zo is het goed, zo lukt het nu en zo zal het blijven lukken.

Daarnet had ik het over een groot verschil tussen Vietnam en Peru. Dat je hier onopgemerkt over het straat loopt terwijl je dat in Peru niet moest proberen. Langs een kant een fijn voordeel hier, maar dit verhaal heeft jammer genoeg ook een keerzijde: het toont de immense groei van het massatoerisme. In Peru kwam je vooral in het Zuiden veel toeristen tegen, in Vietnam vind je ze overal. En Vietnamezen weten het (niet) aan te pakken, hoe of wat doet er niet toe: het enige wat ze zien zijn dollartekens.

Hierdoor worden heel wat toeristische plekken overdreven “opgeschmuckt”. Zolang het geld opbrengt is het goed, maar de natuurlijke schoonheid gaat verloren.

Autenthiek is het 1000 keer zo mooi, maar dat zien ze niet overal in. Hetgeen ik nu reeds van Vietnam gezien heb en het leven in Hanoi bevalt me super. Vietnam is een prachtig land en Hanoi een stad met karakter… maar ik ben bang dat het authentieke karakter van het land uiteindelijk zal ten onder gaan aan massatoerisme.

Verrijkende stage

Hoog tijd om het ook even kort over mijn stage te hebben en zo heb ik meteen een perfecte afsluiter. Het is tenslotte daardoor dat ik hier ben en de kans krijg om zoveel nieuws te ontdekken.

Op het kantoor van VVOB is het werk volop aan de gang. We werken samen in een team van veertien vrouwen en één man, ik vermoed dat iedereen zich de sfeer hier bij direct kan voorstellen. De ene moment lijkt het alsof ze goed door werken, de andere moment is het een Vietnamees kiekenskot.

Een korte samenvatting van wat ik hier juist doe: VVOB Vietnam werkt momenteel aan twee programma’s: Enerzijds Early Education, anderzijds Career Guidance. Ik hou me vooral bezig met het eerste programma en twee “subprogramma’s” daarvan: Social Participation en Teacher Training. 

Gemakkelijk gezegd houdt dit het volgende in: In Early Education zijn we bezig met de overstap van kleuters naar de lagere school. VVOB wil scholen ondersteunen door hen tips te geven hoe kinderen het best begeleid worden in hun leerproces. Het team van Teacher Training werkt samen met het ministerie voor onderwijs en instituten waar toekomstige leerkrachten worden opgeleid. VVOB zoekt vooral achter tips om lectoren mee te geven. (Wat is belangrijk om een goede leerkracht te zijn, hoe ben je een goede promotor…) Hiervoor doe ik vooral research naar hoe het er in Europa aan toe gaat. Samen met het team leggen we alle ideeën bij elkaar om uiteindelijk tot een selectie te komen die we samenbrengen in een kleine brochure.

Social Participation is het tweede subprogramma, waar het vooral draait rond ouders meer te betrekken bij het schoolleven van hun kinderen. Hiervoor heb ik hetzelfde gedaan als voor het Early Education-deel, om uiteindelijk ook een brochure te gaan maken die we opsturen naar scholen en zullen gebruiken bij workshops. Daarnaast ben ik ook bezig met een imago-onderzoek van VVOB Vietnam. Ondanks dat de organisatie heel veel goede intiatieven heeft en maandelijks activiteiten organiseert, is zij vrij onbekend bij de bevolking. Hier moet naar mijn mening dringend verandering in komen en dat is wat we zullen proberen bereiken de komende maanden!

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2623   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur