Boeren in Burkina, hartzeer en zweten bij de liter

Het was een heerlijk uitputtende dag onder de zon, zondag, met de voeten letterlijk op de grond en de handen in de aarde. Zweten bij de liter, snakken naar een beker ijskoud water, als leeuwen een dampende schotel rijst aanvallen en de volgende ochtend wakker worden in een lijf dat pijnlijk herinnerd wordt aan zijn spieren: het zijn de getuigen van de mooie bundeling van krachten die onze oogst arachides voor dit jaar verzekerde! 

  • © Wouter Elsen Armel en de arachides © Wouter Elsen
  • © Wouter Elsen Amsétou en Nadia © Wouter Elsen
  • © Wouter Elsen Schoonbroer Ousseni, stille, trotse en harde werker © Wouter Elsen
  • © Wouter Elsen Zweten bij de liter © Wouter Elsen

Aan respect voor landbouwers heeft het mij nooit echt ontbroken, maar het is anders om ineens zelf een boerderij te hebben, en samen met man en schoonbroer het altijd voortdurende werk daar te moeten plannen. Het is anders ook om in een landbouwsetting terecht te komen waar alles nog met de hand gebeurt, op het ploegen met de hulp van een ezel na. Ik zit plots midden in die wereld hier, van de zaterdagse biomarkt in Le Foyer tot het boerderijleven in Pabre en het onderzoeksjournalistiek project over katoen waar ik samen met fotograaf en videojournalist Wouter Elsen aan werk dat binnenkort gepubliceerd wordt in MO*.

Bezigheden en zorgen

Het lijkt alleen maar alsof het lang stil is geweest. Mijn leven hier staat bol van bezigheid en jammer genoeg soms ook strak van de zorgen. Heel af en toe de voorbije maanden overviel me het gevoel dat het misschien ook voor mij tijd was om ‘game over’ te roepen.

Ik zou Burkina Faso niet weer voor België willen ruilen, dat niet, maar de gedachte dat ik ook gewoon een goedbetaalde job in een ngo of een bedrijf zou kunnen zoeken, leek ineens niet zo onoverkomelijk. Die enkele buien waaiden snel weer over, en maakten plaats voor het mooiste van wat ik van mijn moeder heb mee gekregen: de moed nooit opgeven en altijd weer oplossingen zoeken.

© Wouter Elsen

Zweten bij de liter

Integere mensen?

Het leek een hele tijd uitzichtloos maar de werf op de boerderij in Pabre kreeg half september toch zijn sluitstuk. We hadden vier maanden na de eerste boring zowaar een werkende waterpomp en de laatste regens van dit seizoen bewezen dat het dak op het huis van mijn schoonfamilie eindelijk waterdicht is.

Ook de integere mensen, die zich zo graag en trots de erfgenamen van Thomas Sankara noemen, doen soms niets liever dan hun naasten naar beneden halen.

Tegelijk brachten in Le Foyer de vakanties van mijn personeel een resem kleine maar zeer systematische diefstallen aan het licht. Het was alweer een knauw voor mijn vertrouwen en het maakte me intriest, maar ik maakte snel schoon schip. Zonder ontslagen, zonder woorden, maar met een paar nieuwe regels die iedereen duidelijk gemaakt hebben wat ik had ontdekt. Sindsdien is het raadsel van dat goed draaiende restaurant zonder winst weer een beetje opgelost.

En net toen ik daar opgelucht adem over haalde, doemde een pijnlijke herinnering uit mijn nog korte verleden hier weer op. Regina, de vrouw met wie ik een jaar lang aan de droom van Le Foyer bouwde en die daarna vol bitterheid de deuren van die droom achter zich dichtsloeg en nooit meer iets liet weten, liet plots weer wel van zich horen. Voor de tweede keer liet ze een spoor van vernietigende verwijten achter en slaagde ze er bijna in om me te breken.

Ook de integere mensen, die zich zo graag en trots de erfgenamen van Thomas Sankara noemen, doen soms niets liever dan hun naasten naar beneden halen.

© Wouter Elsen

Schoonbroer Ousseni, stille, trotse en harde werker

Schitterende afwezigheid

Na het altijd spannende en zeer actieve en bewogen transitiejaar, lijkt het eerste jaar van de regering Roch wel op een slaapverwekkende film. Niets gaat slecht genoeg om de wereldpers te halen, maar niets gaat ook echt goed. De economie hinkt, het juridische apparaat is meer dood dan levend, heel veel mensen voeren een dagelijkse strijd voor een beetje levenskwaliteit, onderwijs, gezondheidszorg en werk.

Niets gaat slecht genoeg om de wereldpers te halen, maar niets gaat ook echt goed.

Zelfs de opeenvolgende aanvallen op posten van de veiligheidsdiensten en het feit dat de ex-RSP nog altijd niet uitgeroeid blijkt (op een brug in het zuiden van het land werden 3 ex-RSP’ers, die blijkbaar van plan waren aanslagen te plegen in Ouagadougou onderschept) lijken bij de overheid weinig tot helemaal geen reactie uit te lokken.

En dat terwijl intussen wél het gerucht gaat dat president Roch Kabore voor zijn eigen veiligheid beroep zou doen op huursoldaten uit Tsjaad. Van zijn voorganger heeft hij in elk geval geleerd om zoveel mogelijk te schitteren in afwezigheid.

Op een tiental dagen van de tweede verjaardag van de ‘insurrection populaire’ lijkt het soms alsof we met zijn allen terug bij af zijn aanbeland, en alsof een tweede volksopstand zo kwaad nog niet zou zijn.

Als ik de katoenboeren die we de afgelopen weken spraken, mag geloven, zal die van het platteland komen: van die 80% Burkinabè die almaar kleine uitzichtloze cirkeltjes van overleven draaien, maar bij wie het bewustzijn en de boosheid groeien.

© Wouter Elsen

Amsétou en Nadia

Parels

In afwachting daarvan probeer ik wel mijn blik op de wereld te houden, maar mijn hart toch vooral te leggen waar dat het meest nodig is. Mijn restaurant, de concerten, de vrienden, het ongelooflijke proces van groei en bloei op de boerderij, de pit en de adrenaline van het katoenonderzoek… en vooral: dat mooie kleine gezin waar ik zo trots op ben en het warme gevoel van de schoonfamilie dichtbij.

Het mag zo melig klinken als het wil: telkens als ik in een dorp kom, zie ik in die tientallen kindergezichtjes onze Nadia, Pacôme en Amsétou, en telkens weer breekt mijn hart.

Kleine Amsétou, het dochtertje van mijn schoonbroer Ousseni en zijn vrouw Kadidia, woont intussen tijdens de week ook bij ons in Ouagadougou, zodat ook zij naar de kleuterschool kan. Dat we drie kinderen dankzij onze eigen bescheiden middelen en vooral de steun van oma en opa naar een goede school kunnen sturen, maakt me elke dag blij.

Het mag zo melig klinken als het wil: telkens als ik in een dorp kom, zie ik in die tientallen kindergezichtjes onze Nadia, Pacôme en Amsétou, en telkens weer breekt mijn hart. Die drie zijn een druppel op een zeer hete plaat. Maar het zijn er wel drie. En het zijn drie parels.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2751   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Sociaal ondernemer in Burkina Faso

    Mien De Graeve verhuisde in september 2012 naar Burkina Faso. Ze werkte er een jaar lang als vrijwilliger voor het online microfinancieringsplatform Zidisha.